Kamer: wees open over geld

Tweede Kamerfracties krijgen voor hun parlementaire werk geld van de overheid en het lijkt erop dat dit door ten minste twee partijen, SP en PVV, in strijd met de regels is besteed. Dat is althans het oordeel van de accountant van de Tweede Kamer. Het presidium van de Kamer, dat bestaat uit parlementariërs die als voorzitter en als ondervoorzitter fungeren, moet er het finale oordeel over geven. Het is een ongemakkelijke situatie: Kamerleden die eventueel moeten besluiten dat medeparlementariërs subsidie moeten terugstorten. De onafhankelijkheid van de voorzitter kan erdoor worden geraakt.

Hoe dat oordeel luidt, wordt niet aan de openbaarheid prijsgegeven. Deze situatie is onbevredigend. Van ministeries wordt maximale openheid verwacht over hun financiële bestedingen en terecht: het gaat om geld van de belastingbetalers. Er is ook geen enkele reden waarom de volksvertegenwoordiging haar kiezers de informatie zou moeten onthouden over de besteding van het geld waarover de fracties beschikking hebben gekregen. Zoals het in zijn algemeenheid wenselijk is dat politieke partijen openheid betrachten over de herkomst van hun financieringsbronnen.

Het bedrag dat Tweede Kamerfracties krijgen, hangt af van hun omvang. Het staat los van de subsidies die politieke partijen ontvangen (en waarvan de PVV geen gebruikmaakt, omdat ze niet aan de voorwaarde van een ledenpartij wenst te voldoen). SP en PVV hebben hun subsidies besteed aan bezigheden die niet tot het directe werk van de fracties behoorden, maar aan partijpolitieke activiteiten. Zoals, in het geval van de SP, het verspreiden van krantjes en folders. De PVV heeft er, volgens het vandaag uit de fractie gezette lid Bontes, rechtsbijstand van betaald.

Als dat evident in strijd is met de huidige regels, zit er weinig anders op dan dat deze fracties, en eventuele andere fracties die het geld verkeerd hebben besteed, de subsidie teruggeven. Maar het kan ook reden zijn om nog eens kritisch te kijken naar deze regels. De grens tussen wat fractiewerk is en wat partijpolitieke activiteiten zijn, is soms moeilijk te trekken. Soepelheid is in dit geval te prefereren boven scherpslijperij.