Druk op Obama in affaire NSA groeit

Niet alleen Europa is kwaad op Obama, ook binnenlands neemt de kritiek nu toe.

Senator Dianne Feinstein, vorige maand, in overleg met onder meer NSA-directeur Keith Alexander (op de rug) . Foto AP

De NSA-affaire is sinds gisteren behalve een buitenlands, ook een binnenlands politiek probleem voor president Barack Obama. Leiders van bondgenoten als Duitsland, Frankrijk en Spanje reageerden afgelopen dagen woedend op berichten over massale afluisterpraktijken van de Amerikaans geheime dienst. Maar ook binnenlands loopt de kwestie nu hoger op. De (Democratische) voorzitter van de Commissie Inlichtingen in de Senaat, Dianne Feinstein, riep de president gisteren op tot „een totale herziening” van de werkwijze van de dienst.

Volgens Feinstein, tot nu toe een loyale bondgenoot van Obama, is de NSA te ver gegaan: „Wat betreft het door de NSA verzamelen van gegevens van leiders van bondgenoten van de VS – Frankrijk, Spanje, Mexico en Duitsland incluis – laat mij dit zeggen: ik ben hier faliekant tegen.”

De president pleitte ze vrij: hij was volgens haar niet op de hoogte van de precieze aard van de spionage. Bovendien is Obama het met haar eens, zei ze, dat het aftappen van bevriende regeringsleiders te ver gaat. „Het Witte Huis heeft me duidelijk gemaakt dat het verzamelen van informatie van onze bondgenoten niet door zal gaan, daar ben ik blij mee.”

Wel ging Feinstein met haar uitspraken verder dan Obama nu nog wil gaan. „We zitten nu echt in de ellende”, zei een hoge NSA-functionaris tegen het blad Foreign Policy over Feinsteins uitspraken. „Als je allerlaatste vrienden in het holst van de nacht vertrekken zonder een spoor achter te laten, staat het er slecht voor.”

Obama kondigde, anders dan Feinstein zei, gisteren geen nieuwe maatregelen aan om excessen te voorkomen. Zijn woordvoerder Jay Carney hield het bij mogelijke „extra beperkingen” bij het verzamelen van informatie. Obama bleef in een televisie-interview achter de NSA staan, en zei alleen dat een eerder aangekondigd intern onderzoek aan het einde van het jaar moet uitwijzen of de dienst de werkwijze moet aanpassen.

Obama zweeg over de vraag of hij wist dat de telefoon van de Duitse Bondskanselier Angela Merkel al sinds 2002 werd afgeluisterd, zoals het blad Der Spiegel afgelopen weekend onthulde. De kwestie leidde tot een grote diplomatieke rel met Duitsland. Het geduld van Europa met Obama begint op te raken. De Duitse voorzitter van de Commissie voor Buitenlandse Zaken in het Europees Parlement zei dat „de grens is bereikt”. Europese parlementariërs speculeren openlijk op tegenmaatregelen als het opschorten van vrijhandelsbesprekingen of verdragen waarin gegevens met de VS worden gedeeld.

De druk op Obama neemt door alle ophef toe. Tot nu toe kwam het Witte Huis na iedere onthulling met twee reacties: het nieuws werd ontkend, of er werd over gezwegen. Die tijd is voorbij, maar een nieuwe strategie lijkt er nog niet te zijn. Het Witte Huis probeerde het verhaal dit weekend een andere draai te geven door te zeggen dat Obama niet op de hoogte was van Merkel. En anonieme regeringsfunctionarissen zeiden in The Wall Street Journal dat hij er onmiddellijk een einde aan maakte toen hij er deze zomer achterkwam. Een merkwaardige draai, aangezien het Witte Huis vorige week bezwoer: „De VS luisteren de communicatie van de Bondskanselier niet af, en zullen dit ook niet doen.” Zulke uiteenlopende berichten herstellen de diplomatieke schade niet.

Vaak als Obama in de problemen komt, is het zijn reflex om te ontkennen dat hij op de hoogte was. Hij deed het toen deze zomer naar buiten kwam dat de Amerikaanse Belastingdienst buitenproportioneel veel onderzoek instelde naar rechtse organisaties. En vorige week nog ontkende hij te hebben geweten van de problemen met de website van de op 1 oktober ingevoerde zorgwet ‘Obamacare’. Dit schuld afschuiven is op korte termijn handig, maar Obama creëert zo wel een beeld van een president die nooit iets hoort.

Vandaag getuigt de Amerikaanse inlichtingentop, onder wie hoofd van de inlichtingendiensten James Clapper en NSA-directeur Keith Alexander, in een openbare zitting voor de Commissie Inlichtingen van het Huis van Afgevaardigden. Tot nu toe bleef politiek verzet tegen de NSA beperkt tot de linkervleugel van de Democraten, en de libertaire vleugel van de Republikeinen. De uitspraken van Dianne Feinstein duiden er nu op dat de kritiek breder wordt. Dat maakt de affaire gevaarlijker voor Obama. Handelt hij niet, dan wacht hem een vijandig Congres. Meer en meer wordt de president zo in een moeras getrokken, waar hij zelf niet meer uit lijkt te komen.

    • Guus Valk