Zoveel hechte muzikaliteit

Foto Vincent Mentzel

Als je van je stoel wilt springen om te roepen en te juichen, is het goed geweest. Heel goed. Zo goed was de Noorse saxofonist Marius Neset met zijn kwartet. Ik had na afloop wel naar hem toe willen gaan om hem op het hart te drukken dat hij moet uitkijken bij het oversteken, en gezond eten ook, kalm aan met de drank en pas op voor schimmige figuren en, oh ja, doe een sjaal om als je naar buiten gaat, Marius, dat je geen kou vat.

Zijn ster is de afgelopen twee, drie jaar gerezen. Birds, zijn laatste album, oogst meer sterren en ballen dan Gordon Ramsey, Heston Blumenthal en El Bulli bij elkaar. Niet alleen omdat hij een adembenemende saxofonist is, maar ook vanwege zijn composities. Hij swingt en rockt, hij vleit en gaat dreigend los en soms komt in het tijdsbestek van een paar minuten de halve jazzgeschiedenis van de afgelopen zestig jaar voorbij, kraakhelder, coherent en zonder een zweem van solisten-narcisme. Bij Marius Neset gaat het ergens heen en de weg is net zo verrassend als het doel. Hij neemt je mee in een hallucinerende, emotionele achtbaan en niemand die achteraf misselijk is.

Een van de hoogtepunten was een lange passage waarin alleen Neset en drummer Joshua Blackmore aan het woord waren. Ik heb zelden zoveel hechte muzikaliteit gehoord van die combinatie van instrumenten. Dat was niet alleen Neset aan te rekenen. Blackmore is het soort percussionist waarnaar je kunt kijken en luisteren, zonder de aanvechting te voelen om er weer eens een ander instrument bij te halen. Hij is droog en strak en melodieus en zijn stijl vormde een perfecte aanvulling –maar het was veel meer dan dat– op de lyriek en de dramatiek van Neset’s sax.

Ja, ik ben enthousiast. Zozeer dat Neset een dag later meteen vaste plek verwierf in mijn iTunes-bibliotheek.

Jammer dat de grote zaal van LantarenVenster in Rotterdam niet vol zat. Jazz heeft het de afgelopen jaren moeilijk gehad in Rotterdam en ik ben er ook niet zeker van dat LantarenVenster de aangewezen plek is voor het Jazz International Festival. Het is er zo inkeurig en braaf. Ik verlang niet terug naar de druipkaarsen en mandflessen van weleer, maar iets minder crematorium mag van mij wel.

    • Marcel Möring