Tom Beugelsdijk blijft overeind op het nieuwe Haagse kunstgras

Na Heracles, Cambuur en Zwolle speelt nu ook ADO op kunstgras. „De bal gaat tijdens het rollen ineens naar links.”

Toegegeven, het is beter dan het aardappelveld waarop Vitesse begin deze maand begraven werd. Maar het nieuwe kunstgras van ADO Den Haag heeft ook zo z’n kuren, bleek zaterdagavond in de wedstrijd tegen FC Twente.

Al binnen een halve minuut staat ADO-verdediger Tom Beugelsdijk een balletje op te wachten dat zijn kant op rolt – maar hij komt niet. Wat een simpele balaanname moet worden, verwordt tot een woeste trap om de bal voor een Twentse voet weg te maaien.

En dat is niet het enige. Vooral als spelers in de loop ineens een wending maken, blijven ze nogal eens haken in de mat. Het standbeen van de Haagse vleugelspits Ninos Gouriye glijdt weg als hij een voorzet wil geven. Linksback Dico Koppers van Twente gaat hopeloos onderuit als hij een bal probeert te controleren. En ook Twente-doelman Nick Marsman belandt, bij een uittrap, op zijn achterwerk.

Na dit seizoen zou ADO sowieso een kunstgrasveld hebben gekregen, vanwege het WK hockey in Den Haag. Maar dat proces moest noodgedwongen worden versneld, omdat het oude veld onbespeelbaar was geworden. Tegen Vitesse liepen er zandgeulen over het veld als loopgraven. De Arnhemmers gingen met 2-1 ten onder.

De wisseling van veld, zo op eenderde van het seizoen, kreeg de nodige kritiek. Competitievervalsing, vinden sommigen. In De Telegraaf beweerde een grasleverancier dat het Nederlandse voetbal met al dat kunstgras onherroepelijk de aansluiting zou verliezen met de toplanden. En het Algemeen Dagblad berekende dat kunstgrasclubs – behalve ADO ook Zwolle, Heracles en Cambuur – gemiddeld meer van hun punten in thuiswedstrijden halen dan clubs met een grasveld.

Het antwoord van ADO luidt: wat moesten we dan? Er waren geen manieren om het oude grasveld zodanig op te lappen dat het de rest van het seizoen bruikbaar zou zijn. Dan maar vervroegd kunstgras.

Zaterdag wint de Haagse inzet het van de Twentse techniek. Twente komt van 2-0 achter terug tot 2-2, maar spits Mike van Duinen maakt de 3-2 met een hard schot in de bovenhoek na een rush van eigen helft.

Een van de beste spelers aan Haagse zijde is Beugelsdijk, een centrale verdediger die tot op het middenveld intercepties pleegt die de tegenstander angst aanjagen. Het veld is hem meegevallen, zegt hij na afloop. „Sommige jongen gleden inderdaad onderuit, maar daar had ik geen last van. Alleen glijdt de bal soms niet helemaal rechtdoor. Dan gaat hij tijdens het rollen ineens naar links of naar rechts.”

Zelf, zegt hij, heeft Beugelsdijk liever gewoon gras. „Het zijn toch de technische spelers die er meer van profiteren. Maar het is niet anders.”

    • Derk Walters