‘Ik wil niet van tevoren al weten wat ik ga eten’

Ineke Rijpstra

(56) werkt als fysiotherapeut en woont met een van haar drie kinderen in een appartement in Gouda. Dat is gezellig en handig – haar studerende zoon

Marnix

(21) doet soms de boodschappen. Maar: „Af en toe wil ik wel even alleen zijn.”

‘Ik zie mijn moeder weinig’

Ineke: „Eén weekend per twee weken ga ik naar mijn ouders in Overijssel. Mijn vader woont in een aanleunwoning met verzorging, mijn moeder heeft alzheimer en woont in een verpleeghuis in een andere plaats. Ik heb geen auto, dus ik doe alles met de trein. Ik ben dus een hele dag onderweg om mijn ouders allebei anderhalf uur te zien.”

Marnix: „Ik zie mijn moeder weinig. Ze werkt tot zes of zeven uur, maar is ’s avonds meestal thuis.”

Ineke: „Ja, ik heb het wel druk, maar ik vind alles wat ik doe leuk. De kinderen waren 5, 7 en 8 toen mijn man en ik gescheiden zijn. Ze bleven bij mij, op één weekend in de veertien dagen na. Ik heb altijd gedacht: ik kies hier zelf voor, dus ook de consequenties. Zorg staat nu centraal in mijn leven. Als mijn ouders voor iets naar het ziekenhuis moeten, probeert mijn jongste broer of ik vrij te nemen. Dat vind ik normaal, zij hebben vroeger zó veel voor ons gedaan. En ik ben blij dat ze er nog zijn.”

Marnix: „We koken wel eens en we doen de was.”

Ineke: „O ja?”

Marnix: „Nou ja, we hangen de was op.”

‘Moeilijk iets uit handen geven’

Ineke: „De jongens sporten allebei veel, dus dat geeft veel was. Maar ze doen ook wel eens de zware boodschappen voor me. Maar het is mijn eigen schuld, hoor, dat ik het meeste doe, want ik ben kritisch en kan moeilijk iets uit handen geven. Mijn oudste zoon Barth, die tijdelijk weer thuis woont, sms’t weleens: zal ik koken? Dat is dan wel lekker. Trouwens, Marnix kookt ook wel eens. Af en toe wil ik wel even alleen zijn, want met z’n drieën in een klein appartement heb je weinig privacy. Anderzijds is het heel gezellig met z’n drieën: kletsen, wijntje erbij.”

Marnix: „We houden je jong.”

Ineke: „Het is af en toe net een studentenhuis hier. We vliegen in en uit. Ik zal het best missen als Barth straks weer in Utrecht is en Marnix ook op kamers woont. Anderzijds geeft het ruimte voor afspraken en kan ik misschien een wat actiever sociaal leven leiden. Nu houd ik toch rekening met de jongens, denk ik dat het ongezellig is als ik weg ben.”

‘Daten lijkt me niks’

Ineke: „Ik vind het geen probleem om single te zijn, al zou ik een partner wel leuk vinden. Ik kan af en toe met pijn in mijn hart kijken naar een leuk stel. Dan voel ik jaloezie. Maar ik ga niet op zoek. Daten lijkt me niks. Maar het zou heel leuk zijn als ik iemand tegenkom van wie ik denk: yes! Ik ben gewend aan een gezin met alleen een moeder. Mijn moeder runde in haar eentje een gezin met drie kinderen, omdat mijn vader voer. Toen ik 12 was, kwam hij aan de wal, dat was ook fijn. Ik ben altijd mijn eigen gang gegaan. Ik ben ook niet zo’n makkelijke om mee samen te leven, ben al zó lang gewend om alleen te zijn. Ik overleg weinig en ben graag alleen, ook omdat ik de hele dag al mensen spreek. In mijn eentje een stad in, genieten van bijzondere plekjes, heerlijk. En zit ik eens even niet zo lekker in mijn vel, dan zoek ik iets waar ik blij van word.”

Marnix: „Je werk bijvoorbeeld. Dat is je hobby.”

Ineke: „Klopt, als ik een paar complexe patiënten heb, ben ik daarna weer helemaal opgeladen. Verder heb ik heel erg de houding ‘leef het leven’, maak er wat van. We zijn maar één keer op aarde. Die positieve energie heb ik altijd gehad.”

Marnix: „Je houdt niet van routine, dat houdt je ook energiek.”

Ineke: „Ik wil gewoon niet elke dag hetzelfde ritme. Ik doe bijvoorbeeld dagelijks boodschappen, omdat ik niet van tevoren al wil weten wat ik ga eten. Maar ik houd de grote lijnen wel in de gaten. De belangrijke zaken die écht geregeld moeten worden, die zijn in orde. Maar dagelijkse dingen laat ik op me af komen.”

‘Beter vier dagen werken’

Ineke: „Het zou beter zijn als ik vier in plaats van vijf dagen zou werken. Als ik vier lange dagen van 8 uur ’s morgens tot 7 uur ’s avonds zou maken, had ik een dag vrij. Dat zou ik af en toe tijd hebben voor wandelen en kleding maken. Maar die tijd voor ontspanning komt wel als de jongens allebei op kamers zijn. Dat ik zoveel werk, heeft ook te maken met de lol in mijn baan. En met mijn inkomen. Ik word betaald op basis van het aantal gewerkte uren. Vakantiegeld zit daarin verwerkt en mijn pensioen moet ik zelf regelen. En ik wil graag wat hypotheek aflossen, zodat ik in dit appartement kan blijven wonen na mijn pensioen. Maar verder let ik niet heel erg op uitgaven, want ik leef nu.”

Marnix: „Ik heb een bijbaan in een wasstraat. Van dat geld doe ik leuke dingen, zoals uitgaan en op vakantie. Ik krijg wel kleedgeld.”

Ineke: „Ja, grote dingen, zoals een jas of schoenen, sponsoren zijn vader of ik. Al zou ik eigenlijk iets strenger moeten zijn, met het oog op die hypotheek. Iets minder kleding kopen, voor mezelf én voor de kinderen. Minder boeken en tijdschriften. En dure vakanties hoeven van mij niet, ik vind Nederland ook zalig. Alleen op de schouwburg ga ik niet bezuinigen, dat vind ik te leuk.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl

    • Friederike de Raat