Treinpassagier doet een ‘NSA’tje’ bij oud-directeur van de geheime dienst

Is het slim om als oud-hoofd van de omstreden NSA duidelijk hoorbaar interviews over achtergrondkwesties te geven in een trein? Niet echt, moet ook passagier Tom Matzzie hebben gedacht, die voor Michael Hayden zat. Dus waarom dan niet, o ironie, de telefoongesprekken live tweeten?

Voormalig NSA- en CIA-directeur Michael Hayden op een foto uit 2008. Foto AFP/ Saul Loeb

In de gemiddelde Nederlandse intercity is vaak het spannendste wat je hoort een verhaal over een of ander feestje dat heel ‘YOLO’ was, verteld door een groep meisjes die in een volle coupé een zak frituursnacks opentrekt.

Hoe anders is de Amerikaanse Amtrak, waar je gewoon vlak bij voormalig NSA-hoofd Michael Hayden kan zitten, terwijl hij duidelijk hoorbaar interviews aan de pers geeft. En wat doe je dan als passagier? Precies, afluisteren. De NSA zou het niet beter hebben gekund.

Tom Matzzie was die passagier, een activist die in Washington ooit werkzaam was voor het liberale MoveOn. Hij herkende oud-generaal Hayden, naast ex-hoofd van de omstreden NSA (1999-2005) ook van de CIA (2006-2009), als de man die drie stoelen verder zat in de trein.

Hayden zou duidelijk hoorbaar hebben gepraat aan de telefoon. Uit de tweets blijkt dat hij het, midden in de trein, over onderwerpen met betrekking tot de nationale veiligheid had. We blijven met de vraag zitten of hij nou écht iets opvallends zegt, maar het blijft een apart voorval. Lees hieronder Matzzies treinavontuur terug:

‘Hey reporter, I’m talking to you in confidence’

Matzzie, inmiddels een hit op internet, gaf aan New York Magazine een kort interview via de e-mail over zijn belevenissen. Hij zou geen moment hebben getwijfeld om te tweeten wat hij Hayden hoorde zeggen. Of ook anderen Hayden konden horen:

“It was loud. He was three seats away from me. My seatmates and I discussed it.”

En of de dingen die Hayden zei wel echt geheime informatie was:

“Beats me. It had the tone of ‘hey reporter I’m talking to you in confidence.’”

    • Frank Huiskamp