Sjeika van Qatar heeft het meeste geld (0,7 mld)

Galeriehouders en museum-directeuren scoren hoger dan kunstenaars op de Power 100 van de eigentijdse kunst.

Foto’s Bloomberg, Dave Benett, EPA

De heropening van het Stedelijk Museum heeft de directeur nog niet direct tot een van de honderd machtigen in de wereld van de hedendaagse kunst gemaakt. In de toonaangevende lijst Power 100 van kunsttijdschift Art Review ontbreekt Ann Goldstein. Wel staan haar collega’s van Tate, MoMA en Centre Pompidou in de top-15, net als Beatrix Ruf van de Kunsthalle in Zürich.

De museumdirecteuren zijn volgens Art Review echter minder belangrijk dan de mannen en vrouwen van het grote geld. De absolute nummer 1 is sjeika Al-Mayassa bint Hamad bin Khalifa Al-Thani van Qatar. Zij heeft jaarlijks een inkoopbudget van ongeveer 1 miljard dollar (724 miljoen euro)voor de musea in haar Golfstaat (30 keer wat MoMA het afgelopen jaar uitgaf, 175 keer wat het Tate besteedde).

Officieel bekendgemaakt is het nooit, maar zij kocht naar verluidt de afgelopen jaren onder meer een versie van De Kaartspelers van Paul Cézanne voor 250 miljoen dollar, een werk van Mark Rothko voor 73 miljoen en een medicijnkast van Damien Hirst voor 15 miljoen. Haar positie verdient ze niet alleen door de invloed die ze met recordaankopen op de kunstmarkt heeft. De Qatar Museums Authority – waarvan zij de baas is – werpt zich ook op als internationale kunstsponsor.

Het is het tweede achtereenvolgende jaar dat een vrouw de toppositie bekleed in de Power 100. Vorig jaar stond curator Carolyn Christov-Bakargiev bovenaan, in het jaar dat zij de Documenta in Kassel organiseerde.

De eerste drie plaatsen na de sjeika worden dit jaar ingenomen door mensen uit de private sector. De internationale jury van 13 mensen die de lijst heeft opgesteld lijkt zo de nadruk te leggen op het belang van de globale kunstmarkt. Van de 27 kunsthandelaren die dit jaar in de lijst staan is David Zwirner (op 2) zijn grote rivaal Larry Gagosian (4) voorbijgestoken. Gagosian, een voormalige nummer 1, raakte Damien Hirst kwijt dit jaar en moet Jeff Koons nu delen met Zwirner.

Ai Weiwei is wederom de belangrijkste kunstenaar ter wereld, maar hij zakt van een derde naar een negende plaats. De goed verkopende Gerhard Richter daalt van zes naar vijftien. Damian Hirst is zelfs helemaal van de lijst verdwenen, overigens evenals zijn grote promotor Charles Saatchi.

Opmerkelijk is de opmars van performancekunstenaar Marina Abramovic, die haar eigen kunstcentrum in New York bouwt na een geslaagde crowdfundingactie. Ze wordt gezien als een kunstenaar die alle grenzen overschrijdt door ook als model voor Givenchy op te treden of een video te maken met Lady Gaga. De Servische, die jarenlang in Nederland werkte, zorgt voor een oranje tintje in de lijst. Dat doet ook Steve McQueen, de in Amsterdam wonende Britse kunstenaar, die onder meer door zijn film 12 Years a Slave van 59 naar plek 36 stijgt. Nu zijn film ook nog belangrijk Oscarkandidaat is, zou hij volgend jaar nog door kunnen stijgen.

Maar verder is geen enkele Nederlandse museumdirecteur, curator, galeriehouder of kunstenaar tot de lijst doorgedrongen. En hoewel twee opleidingen voor het eerst tot de lijst zijn doorgedrongen (de Staedelschule in Frankfurt en Bard’s in New York), zitten de Rijksakademie en De Ateliers met hun vele buitenlandse studenten er ook nog niet bij.