Slimme Slimme spullen, spullen, en ook niet duur

Eindhoven wordt deze week overspoeld door hip design Je zou er dagen kunnen ronddolen, zoveel is er te zien nrc.next licht er een paar hoogtepunten uit

Illustratie Thinkstock

Verslaggever

‘Er zijn vandaag ook Amsterdammers bij”, glundert stadsgids Gerrit Lentink, en in het vervolg van zijn praatje komt hij er nog een paar keer op terug. „Dit zal de Amsterdammers aanspreken.” Of: „Dit hebben ze zelfs in Amsterdam niet, denk ik.” De paar hoofdstedelijke twintigers vormen een uitzondering; het zijn vooral gepensioneerden uit de omgeving die meedoen aan een korte wandeling over terrein ‘Strijp-S’.

Het voormalige fabrieksterrein van Philips wordt steeds hipper. Sommige gebouwen gaan er de komende jaren tegen de vlakte, ander industrieel erfgoed is al omgebouwd tot hipster-eetcafé of ruime loft.

Deze week is Strijp-S helemáál hip. Het is één van de locaties van de Dutch Design Week – alleen het publiek blijft een klein beetje achter. „Mag ik je iets vragen?”, zegt een slungelige jonge Italiaanse ontwerper later die middag. „Ik zie hier alleen maar, nou ja, oude mensen. Op de designbeurs in Milaan bestond het publiek vooral uit twintigers en dertigers. Waarom zijn hier geen jonge mensen?”

En dat terwijl er genoeg te zien is om drie dagen zoet te zijn. Door heel de stad rijden opgetuigde autootjes met op het dak een replica van een designontwerp én een richtingaanwijzer naar de plaats waar die te bekijken is.

Je kunt bijvoorbeeld de prominente tentoonstelling van ontwerper Piet Hein Eek bezoeken (op het terrein Strijp-R, niet ver van Strijp-S). Maar met alleen een middagje struinen op Strijp-S krijg je ook al een aardig idee van wat Dutch Design te bieden heeft. In de hallen van het Klokgebouw op Strijp-S presenteren jonge ontwerpers hun ideeën.

Met zijn duurzame meubels van sloophout lijkt Piet Hein Eek voor velen een inspiratie te zijn geweest. In elk geval toont zijn expositie waar de designwereld mee bezig is: duurzaamheid. Zo toont Shiwa Rashtian haar Eggpot, een bloempot gemaakt van stukjes eierschaal. Omdat in eierschalen veel calcium zit, is de pot ook een voedingsbron. „De plant vreet hem langzaam op”, vertelt ze aan voorbijgangers.

Ook de serie Chair Wear van ontwerpers Berthonat&Co speelt met hergebruik: waarom een nieuwe stoel kopen als je ook een oude stoel nieuw kunt aankleden? De ontwerpers maken speelse bekledingen, die een simpele stoel een capuchon of ‘broekzak’ geven. Ook in het Klokgebouw: stoffen van hergebruikte Albert Heijn-tasjes en ‘houten’ planken van krantenpapier.

Innovatiekunstenaar Daan Roosegaarde, die technologie inzet om het leven te vergemakkelijken, is een andere inspirator. Zoiets doet ook Jochem Reijndorp met zijn gloednieuwe Iwaku. Zijn ontwerp is in feite een slimme optelsom van bestaande ideeën: een wake-up light plus het idee van de app Sleep Cycle, die je slaapbewegingen registreert om je te wekken in een lichte slaapfase. Reijndorp: „De lamp communiceert met onze app, zodat het licht langzaam aangaat op het ideale moment.” Iwaku kwam tot stand dankzij crowdfunding, vertelt hij.

De intekenprijs voor de Iwaku is 199 euro, maar lang niet alles op de Dutch Design Week is duur en exclusief. Veel spullen zijn slimme oplossingen die er óók nog elegant uitzien.

De slungelige Italiaan blijkt Reggero Frigoli, bedenker van het bedrijfje Tonki. Hij toont zijn werk in een hoekje van het Klokgebouw: Tonki drukt geüploade foto’s af op kartonnen dozen, die je zo vouwt dat er een ingelijste foto voor aan de muur ontstaat. Ze kosten een tientje per stuk – een zacht prijsje, want de productiekosten zijn ook laag. Frigoli: „Zo kun je ook met weinig geld design in huis halen. Maar tot mijn verbazing bestellen veel mensen er tientallen tegelijk.”

Entree voor het Klokgebouw kost € 5. De Dutch Design Week duurt tot en met aanstaande zondag.

    • Thomas de Veen