‘Mijn muziek is geen popmuziek’

Afgelopen weekend werd dj Hardwell (25) uitgeroepen tot beste dj van de wereld. Werken met sterren interesseert hem niet. „Ik deel mijn muziekpassie met het publiek – meer niet.”

In dat hoekje, wijst Hardwell in zijn oude slaapkamer, heeft hij altijd muziek gemaakt. Samen met mentor Tiësto zat hij tussen bed, bureautje en schoolboeken te sleutelen aan nummers. Diezelfde kamer is nu getransformeerd tot een professionele, futuristisch aandoende muziekstudio, met lampen die van kleur veranderen, en witte geluiddempende designelementen. De studio is zo ingericht – met akoestische panelen en theaterdoek – om het geluid optimaal te laten klinken, zodat bijvoorbeeld de bas niet rondzoemt. „Dit is zalig”, zegt hij. „Ik hoor details die ik niet hoorde.”

Hardwell, oftewel de 25-jarige Robbert van de Corput, woont nu een jaar op zichzelf in het centrum van Breda. De vrijgekomen kamer bij zijn ouders thuis was een uitgelezen kans „woon en werk gescheiden te houden”, met een mooie nieuwe werkplek die altijd onder toezicht staat. „Ik mag hier voluit gaan”, zegt hij. „Mijn ouders zijn het gewend. Als ik op tournee ben, missen ze me. Kom maar snel naar huis, het is stil in huis, hoor ik dan.”

Hardwell werd afgelopen weekend tot beste dj van de wereld gekozen, de nummer 1 in de populariteitspoll van het Britse dancemagazine DJ Mag. Hij verstootte, als jongste koploper ooit, dj Armin van Buuren van de eerste plek. „De gouden plak”, glundert de jonge dj, producer en platenbaas nog na, tussen alle felicitaties door. „Iets hogers is er niet.” Het moment dat hij in de RAI tijdens het Amsterdam Dance Event wordt uitgeroepen als winnaar wordt nu snel nog in de documentaire I Am Hardwell gelast. De film, met de ondertiteling ‘If you can dream it, you can do it’, ging al bij ADE in première in Tuschinski, met de deejay in smoking, bijgestaan door vriendin en zijn ouders. Daarin is te zien hoe hij op zijn zestiende bij een talkshow van Omroep Brabant zelfverzekerd stelt hoe hij zijn carrièrepad graag ziet: dj Tiësto ontmoeten en de grootste dj worden. De tafel lacht hem uit. Maar negen jaar later verkoopt Hardwell de Heineken Music Hall uit.

Wat verandert deze prijs? Niet veel vermoedt hij. Hardwell, die in zijn muziek de energie met melodieuze synthesizers en slim geplaatste ‘stops’ kan opvoeren naar euforische uitspattingen, draaide het afgelopen jaar al op alle feesten waar hij van droomde. Hij somt op: Ultra Music Festival in Miami, („magisch; dat heeft me veel stemmen opgeleverd”), het Vlaamse Tomorrowland, zijn eigen I am Hardwell -tournee, EDC in Las Vegas, TomorrowWorld in Atlanta, en zijn slotshow op Dance Valley. „Er zijn geen boekingen die eindelijk mogen nu ik nummer één ben. Als nummer zes kwam ik er ook al. Hoe ik nu draai en toer; ik zou niet anders willen.” Wel gaat de titel zijn vraagprijs flink opstuwen.

‘Stay cool’, zei Tiësto

Dj Tiësto drukte Hardwell op het hart vooral zichzelf te blijven. Ook al ben je de allergrootste: stay cool. Dat lukt. „Ik hoor nooit van vrienden dat ik ben veranderd of praatjes heb. Ik ben door mijn ouders altijd met twee benen op de grond gehouden en voel geen behoefte om met een privéjet op de foto te gaan. Ik deel mijn passie voor muziek met een publiek – meer niet. Daarna zit ik alleen in mijn hotel.”

Hardwell wordt onterecht geassocieerd met dancegenre hardstyle. Daar heeft hij niets mee. Zijn muziek, met hits als Apollo en Spaceman, is ‘eclectisch’, boordevol invloeden: het zwoele van zijn bubbling-roots, de euforie van trance, de energie van electro. Op zijn veertiende tekende Hardwell zijn eerste platencontract. Zijn ouders brachten hem door het land naar zijn eerste optredens. En het was zijn vader die voor Robbert zijn artiestennaam bedacht: een speelse verbastering van achternaam Corput (Cor is Latijn voor hart, een put in het Engels well). Na de havo ging hij naar de Rockacademie, waar hij al gauw werd weggestuurd. „Er viel weinig te leren.” Kort werkte hij bij platenmaatschappij Digidance, waar hij leerde over de zakelijke kant van de muziekbusiness.

Tijd voor een nieuwe generatie

Nu heeft hij een van de best verkopende dancelabels, Revealed Recordings. Het hele gesprek spreekt hij van „we”, waarmee hij doelt op het Hardwell-team van acht mensen dat werkt aan zijn label en podcast. In het vliegtuig naar feesten over de wereld – 250 tot 280 boekingen per jaar – werkt hij aan zijn muziek op de laptop. Remixen maakte hij voor 30 Seconds to Mars, Rihanna en The Wanted. Zijn nieuwe status zal deuren openen naar sterren, knikt hij. Maar dat heeft zijn interesse niet. „Mijn muziek is geen popmuziek en ik ben geen David Guetta, een dj die veel meer artiest is. Als ik een instrumentale plaat maak, kan dat net zo cool zijn als wanneer de track leunt op zang van Rihanna.”

Zijn uitverkiezing tekent wel een omslag, zegt Hardwell. De oude generatie maakt plaats voor een nieuwe, met jonge dj’s van begin twintig. Zijn eigen ‘protegé’ Diro is 21 jaar. „Dat spreekt de doelgroep aan. Die kids willen niet een soort vader die staat te draaien.” Het verschil met de ouderen, zegt Hardwell, zit ’m niet in techniek. „Maar het vak gaat steeds sneller. De nieuwe generatie brengt sneller platen uit en het draaien gebeurt ook met meer vaart. Vroeger konden dj’s rustig een plaat draaien van zes, zeven minuten. Nu moet je na vier, vijf minuten echt een switch maken.”

Timing is alles. Wanneer draai je welke plaat? Kon hij maar uitleggen hoe hij het aanvoelt. „Je kijkt naar het publiek, je weet welk verhaal je ze kunt vertellen. Tien minuten tast je af, en dan weet je welke hoek je ingaat. Hard en vocalen, of juist een instrumentaal nummer. Zingen ze mee? Alles maakt uit. Hoe de sfeer is. Zelfs de verhouding jongens en meisjes.”

Genieten, zegt de dj, kan hij het meest tijdens zijn I Am Hardwell-soloavonden waar hij in drie uur zijn toehoorders opdrijft langs hoogtepunten van visuals, vuurwerk en rook. Op enkel zijn USB-stick staat zijn platencollectie, zo’n zeshonderd tracks waaruit hij per avond een selectie van zo’n vijftig nummers maakt. Hij zal de laatste zijn van zijn generatie, zegt hij, die nog weet hoe je met elpees draaide. Dat deed hij al op zijn twaalfde. „Als je geen vinyl kunt draaien ben je eigenlijk geen echte dj vind ik. Plaat eraf, andere plaat zoeken, reageren, voelen. Mijn generatiegenoten kennen dat niet meer! En pas vier jaar geleden deden we alles nog met cd’s.

„Alles staat nu op een stick. De romantiek is minder. Maar dat je aan elk nummer in de computer een effect kan plakken, dat is ronduit machtig.”

    • Amanda Kuyper