Hulp bij zelfdoding blijft bij artsen toch het best in handen

Arts of familie: wie mag de medicijnkast openen als een uitzichtloos en ondraaglijk lijdende patiënt uit het leven wil stappen? Op die vraag is in Nederland met de euthanasiewet een goed antwoord gegeven. Dat mag alleen de arts, na een uitvoerige beoordeling, ook door een tweede arts. En achteraf is er een verplichte melding bij een toetsingscommissie die de procedure controleert. Met de officier van justitie op de achtergrond als waarborg tegen misbruik.

Die norm is deze week aangescherpt door de rechtbank Zutphen in de zaak tegen Albert Heringa, die zijn 99-jarige stiefmoeder op haar uitdrukkelijke wens hielp met overlijden. Het was een proefproces uitgelokt door Heringa zelf, die zijn hulp bij zelfdoding uitgebreid documenteerde. Hij werd bij zijn strafproces gesteund door de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde. Heringa overtrad inderdaad de wet, maar krijgt geen straf omdat de rechter symbolische schuldigverklaring voldoende effectief vond, wat tamelijk vergevingsgezind is. Heringa handelde als niet-arts buiten de wet en dat mag niet. De uitspraak is glashelder, respectvol naar de verdachte, maar ook duidelijk. Zo kan het dus niet.

Met zijn daad wilde Heringa de drempel voor hulp bij ‘zelfeuthanasie’ lager maken. Ook bij de NVvE maakt men zich, en niet ten onrechte, zorgen over het tobben met patiënten die geen medische steun bij hun euthanasievraag kunnen krijgen. En dus via informele weg medicijnen (laten) verzamelen en zo familie of vrienden strafbaar maken wegens hulp bij zelfdoding. De oplossing met ‘mobiele teams’ van artsen die te hulp schieten lijkt nu te werken.

De NVvE-wens om artikel 294 lid 2 Wetboek van Strafrecht te schrappen is echter niet de goede weg. Niet iedere (hoog)bejaarde leeft in harmonieuze familierelaties. En niet iedere wens om te overlijden komt onder objectieve omstandigheden geheel autonoom tot stand. Tot de maatschappelijke realiteit behoort immers ook hebzucht. Hoe makkelijker informele hulp bij overlijden wordt, hoe eerder er ook een sociale norm ontstaat over een maatschappelijk aanvaardbare maximale levensduur, waarna het leven voltooid zou zijn en de uitgang wenkt. Dat kunnen bejaarden ook als druk ervaren. Velen willen wel graag 100 jaar worden.

Een lagere drempel om niet-artsen bij zelfdoding te laten helpen, zou de euthanasiewet uithollen. Als de familie een dodelijk middel kan toedienen, waarom zou een arts dan nog die rol willen vervullen? Zonder risico is euthanasie plegen voor een arts niet. Collega’s kijken mee, een geschreven verslag wordt extern beoordeeld. Deze bijzonder moeilijke praktijk heeft baat bij een veilige uitvoering en een goede controle. En die is bij artsen het best belegd. Van hun medewerking en vakmanschap zal dan ook veel afhangen.