De Weense Nachtwacht betwist

Bij roofkunstzaken is de vraag meestal niet: wie stal de kunst en wanneer? Maar: hoe zijn overheden na de oorlog omgegaan met door nazi’s geroofde kunst? Neem de recente controverses rond twee topwerken uit het oeuvre van kunstenaar Gustav Klimt. Afgelopen vrijdag riep de Amerikaanse advocaat Randol Schoenberg de Londense National Gallery op het portret van Amalie Zuckerkandl, momenteel in Londen voor een tentoonstelling, niet terug te geven aan het Weense Belvedere.

De voorgeschiedenis, in het kort: de joodse verzamelaar Ferdinand Bloch-Bauer had het portret in Wenen achtergelaten toen hij het land in 1938 ontvluchtte. Na zijn overlijden, in 1945, is het portret via een schoonzoon van de geportretteerde in bezit gekomen van een kunsthandelaar met een mooie naam voor het beroep: Vita Künstler. Zij schonk het bij haar dood in 2001 aan het Belvedere. In 2006 bepaalde Oostenrijks restitutiecommissie dat het portret niet terug hoeft naar de nazaten Bloch-Bauer.

Nu heeft Schoenberg zich op de zaak gestort, een advocaat met een track record in restituties. Zo besloot Oostenrijk na zijn inspanningen vijf Klimtschilderijen terug te geven aan de eigenaar van vóór de oorlog. Die verkocht ze vervolgens voor 135 miljoen dollar, waar Schoenberg 120 miljoen dollar van kreeg – ja, u leest het goed.

In de andere Klimt-zaak gaat het om een van de belangrijkste kunstwerken van Oostenrijk: de in totaal 34 meter lange hommage van Klimt aan Beethovens Negende symfonie. Eigenaar Erich Lederer kreeg na de oorlog zijn verzameling grotendeels terug, maar met een adder onder het gras: hij mocht zijn kunst alleen het land uitvoeren als hij deze Nachtwacht van Wenen verkocht aan de staat, voor een prijs ver onder de marktwaarde. Aan Bruno Kreisky, de eerste joodse bondskanselier van Oostenrijk, schreef hij in 1972 hoe gechanteerd hij zich voelde. Het mocht niet baten: de voorwaarde bleef. Hij verkocht de ‘Beethovenfries’ aan de staat, voor ongeveer de helft van de toenmalige marktprijs. Omdat Oostenrijk de voorwaarden voor teruggave onlangs heeft verlaagd, zijn de nazaten van Lederer de strijd opnieuw aangegaan.

Hoe kan het dat beide zaken nog altijd niet zijn afgehandeld? Omdat het denken over oorlog en recht niet stilstaat. Oostenrijk heeft de eisen voor restitutie enkele jaren geleden bij wet versoepeld. In Nederland is dat denken ook nog altijd in beweging. Wat nu geen zaak is, laat staan een kwestie, is dat morgen wel. Let maar op.

Pieter van Os is verslaggever cultuur