België en Nederland bewaken samen luchtruim

Minister Jeanine Hennis-Plasschaert (Defensie, VVD) denkt door verregaande samenwerking met België de wereldwijde inzetbaarheid van de luchtmacht te garanderen. Daarmee hoopt ze ook de definitieve politieke steun voor de aanschaf van jachtvliegtuig JSF veilig te stellen.

Gisteren tekende Hennis met haar Belgische collega een intentieverklaring voor gezamenlijke bewaking van het luchtruim van de Benelux. Nu nog hebben beide landen afzonderlijk 24 uur per dag straaljagers en vliegers standby staan om in hun eigen luchtruim vijandige vliegtuigen te onderscheppen, zoals is afgesproken binnen de NAVO. Door samen te werken hebben de landen niet meer vliegtuigen beschikbaar voor missies, maar het spaart wel mankracht. De samenwerking moet in 2016 ingaan.

Hennis had, toen zij op Prinsjesdag bekendmaakte dat 37 Joint Strike Fighters de F-16-straaljagers van de luchtmacht gaan vervangen, aangekondigd dat deze samenwerking met de Belgen nodig was. Met 37 JSF’s heeft Nederland straks vier jachtvliegtuigen beschikbaar voor internationale missies. Als de luchtmacht zelf permanent het Nederlandse luchtruim moet bewaken, kunnen met zulke missies slechts vijf vliegers mee. Door de samenwerking met de Belgen kan Nederland negen piloten uitzenden. Het aantal beschikbare toestellen voor zo’n missie blijft echter vier. Van de 37 straaljagers blijven er vijf in de VS achter en is de rest nodig voor training en opleiding in Nederland.

Na de aankondiging van de aanschaf van de JSF sprak de Algemene Rekenkamer zorgen uit over de internationale slagkracht van de luchtmacht. In reactie daarop zei Diederik Samsom dat zijn PvdA-fractie niet zonder meer akkoord is met de aankoop van de Amerikaanse straaljager.

België heeft nog niet besloten of het in de toekomst ook met de JSF gaat vliegen. Maar „ongeacht het type jachttoestel van beide landen” kunnen de twee luchtmachten samenwerken, schrijf Hennis in een brief aan de Tweede Kamer. De Kamer praat volgende maand over de JSF.

Een andere waarschuwing van de Rekenkamer laat ze onbeantwoord. De Rekenkamer attendeerde Defensie er vorige maand op dat de berekeningen geen rekening houden met ‘vredesverliezen’, toestellen die bij trainingen of testvluchten verloren gaan.