Reguleren van de cosmetische dienstverleners is laatste optie

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) gaat de cosmetische sector reguleren. En dat is geen dag te laat, te oordelen naar de dramatische ervaringen van verminkte slachtoffers die dezer dagen op tv verschenen.

Maar spreekt dat echt wel zo vanzelf? Of is dit het vertrouwde politieke abc’tje: Incident + Media-aandacht = Regelgeving? Schippers kondigt aan voortaan cosmetische ingrepen zónder medische noodzaak alleen nog door geregistreerde behandelaars te laten doen. Daarvoor wordt de Wet BIG, beroepen individuele gezondheidszorg, aangepast. Dan zal dus al het snijden, dieetpillen slikken, huid laseren, peelen, injecteren en opvullen in schoonheidssalons en esthetische klinieken voortaan onder het wettelijke regime van de volksgezondheid vallen. Inclusief hygiënevoorschriften, toezicht door de inspectie en andere wettelijke kwaliteitseisen.

Een hele sector wordt aldus onder staatstoezicht gebracht. Het juridisch onderscheid tussen de gezondheidszorg en de esthetische dienstverlening in de Wet BIG vervalt daarmee. Dat is een substantiële stap, waarmee de overheid ook een nieuwe, aanzienlijke toezichttaak op zich neemt. Zoiets schept verwachtingen die de staat vervolgens moet inlossen. Dat gaat dus ook geld kosten. En het roept meteen de vraag op of de branche voldoende tijd heeft gehad om zelf orde op zaken te stellen. Bijvoorbeeld door met eigen kwaliteitseisen, keurmerken, waarschuwingen, klachtprocedures en schadefondsen de consument te beschermen en voor te lichten.

De consument draagt zelf ook een verantwoordelijkheid. Dit zijn immers luxe ingrepen, uitsluitend bedoeld om er subjectief mooier uit te kunnen zien. Wie zijn rimpels laat wegspuiten zoals een ander zijn haar laat verven, moet dat helemaal zelf weten. Hoe dramatisch een scheef gezicht of een litteken daarna ook is: wie zich brandt moet op de blaren zitten. Zeker als je zelf je lijf in het vuur steekt.

Het is dan niet vanzelfsprekend dat de belastingbetaler het toezicht op de rimpelvullers en littekenverwijderaars overneemt.

Het is ook de vraag of de Inspectie deze taak er bij kan hebben. Aan de gezondheidszorg heeft de inspectie de handen al meer dan vol. De IGZ kreeg recentelijk een paar stevige onvoldoendes voor haar „trage, reactieve” en weinig effectieve toezicht. Daarbij ging het dan om kwesties van leven en dood, niet om misleide consumenten met een schoonheidsideaal. Een kabinet dat de regeldruk wil verminderen en vertrouwen in de professionals voorop stelt, doet in deze sector het tegenovergestelde. Ook dat is opmerkelijk. Van dit wetsvoorstel zijn alleen nog contouren bekend. Niets weerhoudt de sector ervan om zelf orde op zaken te stellen en wel zo snel mogelijk. Overheidstoezicht zou het laatste redmiddel moeten zijn.