Opinie

    • Renske de Greef

Multitasken

Om onduidelijke redenen voelen wij vaak de behoefte bepaalde karaktereigenschappen typisch ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ te noemen. Gelukkig blijft er discussie gevoerd worden over de vraag of ‘empathisch vermogen’ en ‘leiderschap’ werkelijk gepaard gaan met de samenstelling van je chromosomen. Er is echter één vaardigheid waarbij vrouwen duidelijk de strijd hebben verloren, het woord waarbij mannen iedere keer als het valt heimelijk achter hun hand kunnen gniffelen: multitasken.

Op de een of andere manier is het idee ontstaan dat vrouwen goed zijn in multitasken. Er is ongetwijfeld ooit een wetenschappelijk onderzoek geweest waarbij een vrouwelijk proefpersoon haar naam invulde en toevallig een opmerking maakte over de belabberde automaatkoffie, waarna het nieuws triomfantelijk naar buiten werd gebracht: vrouwen kunnen dingen tegelijk! Het heeft vast iets met de oertijd te maken! Ze kunnen het echt supergoed! Gewoon verschillende dingen dwars door elkaar heen en dan gaan ze niet dood en de meeste zaken hebben ook nog een succesvolle afloop!

En bedankt. Vanaf dat moment werd de verwachting gecreëerd dat je als vrouw gemakkelijk gelijktijdig een short stay in Praag kunt boeken en de belastingaanslagen op orde kunt brengen, terwijl je ondertussen een recept voor chili sin carne uitprobeert en aan de telefoon hangt voor je deeltijdbaan als sekslijn-dominatrix. Opeens ging men ervan uit dat vrouwen zichzelf wel even probleemloos in vieren zouden delen – zij waren er immers genetisch voor geprogrammeerd.

Terwijl: volgens mij zijn vrouwen helemáál niet beter in multitasken. Mij hoef je bijvoorbeeld niet achter te laten met een baby, een diepvriespizza, een wiegje en een oven, om vervolgens te verwachten dat het allemaal goed af zal lopen. Ik ben eerder monomaan, ga helemaal op in wat ik op dat moment aan het doen ben: „Goed, misschien heb ik inderdaad niet heel goed naar je verhaal geluisterd. Ter mijn verdediging: dit zijn echt héle lekkere nacho’s.”

Ik raak in de war van willen bellen en mailen tegelijk – dan vraagt mijn moeder waarom ik de afgelopen vijf minuten slechts in de hoorn heb geademd, of begin ik berichten met: ‘Zou het u uitkomen om zo snel mogelijk naar mijn defecte radiator te komen van tante Els op haar verjaardag niet de cavia’s vergeten te kijken.’ Mijn vermogen tot het absorberen van nieuwe plannen of doelstellingen doet denken aan een goedkope geheugenkaart: zodra er te veel nieuwe dingen worden toegevoegd, verdwijnen er geruisloos een paar oude bestanden. Daarentegen ken ik genoeg mannen die opgewekt en als een volleerd jongleur verschillende taken combineren, zonder dat dat leidt tot zweet, paniek en verontruste radiatormonteurs.

Het lijkt me goed om die zogenaamd ‘mannelijke’ en ‘vrouwelijke’ eigenschappen te laten varen. Ik doe in ieder geval met liefde afstand van ‘multitasken’ en neem er graag ‘okselhaar mogen hebben’ voor terug.

    • Renske de Greef