Alcohol of een joint, om aan de drukte in je hoofd te ontsnappen

Gezondheidswetenschapper promoveert op verband tussen ADHD en verslaving

Drugs- en alcoholverslaafden hebben vier keer zo vaak ADHD als gemiddeld onder volwassenen: 10 tegenover 2,5 procent. Buiten Nederland is het verschil nog groter.

Dat blijkt uit onderzoek van het Trimbosinstituut onder 3.500 patiënten in de verslavingszorg, in tien westerse landen. Psychiatrisch verpleegkundige en gezondheidswetenschapper Geurt van de Glind promoveert vandaag op dit onderzoek.

Was de link tussen ADHD en verslaving niet allang bekend?

„Vooral in Amerika, en in Nederland ook wel. Maar de overheid en beleidsmakers blijven wel achter, die beseffen dit niet. Ik ben al sinds 2005 met dit onderwerp bezig. Maar als ik bijvoorbeeld financiering probeer te krijgen voor mijn onderzoeken, krijg ik vaak de vraag: is dit geen Amerikaanse hype? We moesten dus duidelijk maken dat dit wel een probleem is, ook in andere landen.”

Waarom wilt u dat onderzoeken?

„Verslaafden met ADHD hebben ook vaker andere psychische stoornissen, zoals depressies en borderline. Ze lopen hierop veel meer risico dan verslaafden zonder ADHD. En die ADHD is er altijd eerder dan de verslaving. Dus wil je er achterkomen wat maakt dat sommige jongeren verslaafd raken, zodat je het kunt voorkomen.”

Wat maakt mensen met ADHD verslavingsgevoeliger?

„Zelfmedicatie kan meespelen. Als je voelt dat je rustiger wordt van alcohol of een joint, dan wil je dat misschien vaker doen. Jongeren met ADHD hebben ook een groter risico om een gedragsstoornis te ontwikkelen die de kans op verslavingsproblemen vergroot. En het heeft te maken met hersenstructuren: als je ADHD hebt, functioneert bijvoorbeeld de ‘stopfunctie’ minder goed. Dat betekent onder meer dat je minder goed ‘nee’ kunt zeggen tegen een biertje of een jointje.”

Hoe kunnen verslaafden met ADHD meer psychische problemen hebben dan andere verslaafden?

„Doordat er een genetische kwetsbaarheid is voor die stoornissen – dat heeft te maken met de genen. Maar het komt ook door de ontwikkeling die kinderen met ADHD doormaken. Ze krijgen vanaf jonge leeftijd negatieve signalen van ouders, leraren, vriendjes. Als je kijkt naar de consequenties van ADHD, zie je dat ze vaker blijven zitten, minder vaak een diploma halen, minder vaak naar het hoger onderwijs gaan, vaker werkloos raken, sneller ontslagen worden, meer betrokken zijn bij ongelukken, enzovoorts. ADHD is een stuk minder onschuldig dan vaak gedacht wordt.”

Bij verslaafden is lastig te ontdekken of ze ADHD hebben, staat in het onderzoek.

„Het is lastig vast te stellen of een verslaafde ADHD heeft omdat je de symptomen – ‘druk zijn’ – ook kunt toeschrijven aan het middelengebruik. Daarnaast denken veel volwassenen er simpelweg niet aan dat ze ADHD kunnen hebben. Bij eenderde van de kinderen gaat het weg terwijl ze opgroeien, maar dat betekent dus dat tweederde het blijft houden.”

Waarom zou je moeten weten of een verslaafde ADHD heeft?

„Omdat je daar in het dagelijks leven veel last van zult hebben, naast je verslaving. Als je het weet, kun je met je behandelaar op zoek naar een oplossing voor beide problemen.”

Jullie hebben een nieuwe manier gebruikt om ADHD te ontdekken die nog niet helemaal waterdicht is.

„We gebruiken een korte vragenlijst van de Wereldgezondheidsorganisatie, met zes vragen naar ADHD-symptomen. Die zorgt er in elk geval voor dat alle verslaafden die ADHD hebben, ontdekt worden. Maar soms wordt er nog ten onrechte een ADHD-indicatie gegeven. De vragenlijst werkt dus vooral als eerste stap. Nu moeten we een manier bedenken om onder de positief scorende mensen te kijken: heeft deze persoon wel echt ADHD? Als we zo de diagnostiek kunnen verbeteren, kunnen we ook de behandelingen verbeteren.”

    • Christiaan Pelgrim