Larske danst in moordend tempo over de Cauberg

Lars van der Haar weet de Belgische hegemonie te doorbreken. Zijn trainer: „Hij is explosief en koersslim.”

Lars van der Haar weet zich winnaar van de veldrit in Valkenburg. De Nederlander was zo dominant op de glibberige Cauberg dat hij van start tot finish leidde. De speaker gaf hem vanwege zijn felheid en geringe lengte de bijnaam ‘de jack russell van het veldrijden.’ Foto ANP

Een uur voor de start van de wereldbeker veldrijden in Valkenburg vraagt Lars van der Haar (22) of zijn vriendin en zijn zusje de camper willen verlaten. Hij wil geen mensen in zijn buurt. Hij moet zich concentreren op de wedstrijd en wil niet afgeleid worden, legt vader René naast de camper uit. „Hij visualiseert hoe de wedstrijd zal verlopen en neemt alle scenario’s door.”

Even steekt Van der Haar zijn hoofd buiten de deur. Strakke blik, knikje, imposante dijbenen. Zijn wielershirt strak om zijn lijf. Hij trekt zich snel weer terug in zijn camper, die dicht bij het parcours staat geparkeerd. Oordopjes in, muziek aan, zo sluit hij zich af van wat er buiten allemaal gebeurt. Het is een ritueel dat hij voor iedere wedstrijd herhaalt, vertelt zijn vader.

Het bleek gisteren goed te werken. Tegen het eind van de middag kwam Van der Haar juichend over de finish in Valkenburg.

Een uur lang heeft hij het veldritpeloton crossles gegeven – inclusief de Belgische toppers, onder wie grootheid Sven Nys. In een moordend tempo danste ‘Larske’ soepel over de flanken van de Cauberg. Het was een indrukwekkende onemanshow op het glibberige parcours. Van begin tot eind domineerde hij. Het is zijn eerste wereldbekerzege en zijn grootste overwinning tot nu toe. „Dit is de mooiste dag uit mijn profcarrière”, zei hij.

Een bijnaam heeft Van der Haar intussen ook. De speaker noemde hem ‘de jack russell van het peloton’. Vanwege zijn felheid en zijn geringe lengte (1 meter 69) en gewicht (58 kilo).

Nederland heeft weer een ster in het veldrijden. Nederland stelde lang weinig voor in de sport waar je van september tot en met februari ploetert over bospaadjes, gras, zand en modder. Na de successen van Adrie van der Poel en Richard Groenendaal in de jaren negentig en begin deze eeuw was het lang wachten op een opvolger. Natuurlijk, Lars Boom is de wereldkampioen van 2008. Maar Boom is wegrenner, veldrijden doet hij erbij.

Van der Haar is een veldrijder pur sang. Dit zijn de maanden dat hij in zijn element is. Crossen door de modder, dat is het enige wat hij wil. „Door de natuur scheuren, lekker vies worden en rammen. Dat vind ik het mooiste.”

Groot talent

Van der Haar rijdt bij de opleidingsploeg van de Nederlandse wielerunie, het Rabobank Development Team. Hij geldt al langere tijd als een groot talent.

Vorig seizoen was zijn eerste jaar bij de profs, hij maakte direct indruk, onder meer met de nationale titel. Van der Haar maakte een jaar eerder dan gebruikelijk de overstap van de beloftes naar de senioren, omdat hij bij de jeugd uitgeleerd was: hij won alles wat er te winnen was.

Van der Haar krijgt veel hulp van zijn ouders rond wedstrijden. Zijn vader doet samen met de Belg Peter Meere het onderhoud en reparatie van de fietsen. Moeder Saskia regelt de verzorging. „Door Lars staat ons leven ook in het teken van het veldrijden. In het weekend hebben we er een baan bij”, lacht vader René. De komende maanden heeft hun zoon bijna ieder weekeinde een wedstrijd. Ze hebben een hechte band, Van der Haar woont 800 meter van het huis van zijn ouders, in het Utrechtse Woudenberg.

Slippertje

Langs het parcours staan zijn moeder, zusje Renske en zijn Britse vriendin Lucy Garner (een talentvolle wegrenster) hem fanatiek aan te moedigen. „Twintig seconden!”, roept zijn moeder – de voorsprong op de achtervolgers. Even later: „Goed zo jongen!” Als hij in een bocht een klein slippertje maakt en zich snel herstelt, zegt zijn zusje trots: „Hij kan op dat soort momenten zo goed corrigeren.”

Eigenlijk zou Van der Haar turner worden – hij had er talent voor. Maar op zijn elfde kreeg hij een achillespeesblessure waardoor hij tijdelijk niet meer kon trainen. Van der Haar werd wielerfan toen hij tijdens een vakantie een bergetappe in de Tour de France bezocht. Hij ging crosswedstrijdjes rijden, en het ventje bleek een groot talent.

Dat zag ook Richard Groenendaal, wereldkampioen veldrijden in 2000. Hij kent Van der Haar sinds 2007. Van der Haar reed destijds iedere woensdagmiddag mee bij de centrale crosstrainingen in de buurt van Tilburg. Hij viel op. „Hij was een druktemaker, hij neemt geen blad voor de mond. En hij presteerde leuk.”

Groenendaal is sinds 2009 zijn trainer, hij is vol lof over zijn pupil. „Lars is een streber. Hij heeft de extreme wil om dingen goed te doen, een perfectionist.” Wat is zijn kracht? Lichamelijk zit hij goed in elkaar, zegt Groenendaal. „Hij is een gezond mannetje. Zijn bloedwaarden zijn van nature goed.” En hij kan enorm versnellen, omdat hij zo licht is. „Hij is zeer explosief. En hij is koersslim; tijdens de wedstrijd kan hij de concurrenten goed observeren.”

Fanclub

In België – waar veldrijden enorm populair is – is hij bekender dan in Nederland. Belgische koersdirecteuren betalen veel startgeld voor hem. Veelzeggend is dat zijn fanclub (20 leden) niet beheerd wordt door Nederlandse supporters, maar door twee Belgische vrouwen.

Kan hij het de oppermachtige Belgische toppers de komende jaren vaker moeilijk maken? Van der Haar: „Ja. Maar ik heb nog wel een jaar nodig om constant op dit niveau te komen.” Vorig seizoen en dit seizoen ziet hij nog als „leerjaren”. Maar voor een ‘leerling-veldrijder’ legde hij gisteren een meesterlijk examen af.

    • Steven Verseput