In Gerhahers Mahler doet de wereld soms schurend pijn

Voor velen is bariton Thomas Hampson (1955) de ultieme Mahler-zanger. Zijn aanpak: sterk tekstgedreven, met een dictie zo prachtig duidelijk dat je je er de gezichtsuitdrukkingen altijd moeiteloos bij kon voorstellen. De aanpak van bariton Christian Gerhaher (1969), in timbre lichter en ‘tenor-achtiger’, is anders. Ook bij hem staat de tekst centraal, maar Gerhaher zet de oncomfortabele regio’s van zijn welluidende stem bewust in. „Weine! Um meinen Schatz!” klinkt in het eerste uit de Lieder eines fahrenden Gesellen laag, pijnlijk. Hier lijdt iemand zingend. Niet omgekeerd.

Ook het lied Oft denk ich, sie sind nur ausgegangen – het schrijnendste van de Kindertotenlieder waarin een ouder zich voorstelt dat het overleden kind zo weer de deur door kan lopen – is juist door Gerhahers terughoudendheid onverteerbaar aangrijpend. Bij Hampson hoor je het verdriet en benadrukken zoete cantilenes de onwaarheid van de dagdroom. Gerhaher is de ouder. Bij hem geloof je echt dat hij denkt dat het kind terugkomt. Zeldzaam akelig. Zo uiteenlopend kan liedinterpretatie zijn, en zo verschillend het effect.

Kent Nagano leidt het orkest van Montreal dat verbazend detailrijk speelt en naadloos aansluit bij Gerhahers fraseringen.

Mischa Spel

    • Mischa Spel