Duizenden dierproeven zonder veel nut

Foto ANP

Ruim 5.000 makaken en 68 chimpansees zijn sinds 1988 wereldwijd in ruim 6.000 experimenten gebruikt als proefdier voor biotechnologische medicijnen. Maar het nut is ‘zeer beperkt’, heeft de biofarmaceut Peter van Meer vastgesteld. Hij bestudeerde alle 33 Europese registratiedossiers van zulke geneesmiddelen. Van Meer promoveert woensdag aan de Universiteit Utrecht.

Het gaat om moderne kankermedicijnen en ontstekingsremmers die ‘monoclonale antilichamen’ (mab) bevatten. Dat zijn antistoffen die specifiek een menselijk eiwit remmen. Veel van de studies bleken slecht uitgevoerd. Vooral bij chimpanseestudies werden, juist om ethische redenen, vaak te weinig dieren gebruikt. Ook werden geen onverwachte bijwerkingen gevonden. De werking van mab’s is zo uitgekiend, dat alle bijwerkingen bij apen te voorspellen waren. „We moeten af van het standaardpakketje dierproeven”, aldus Van Meer. „Voor elk medicijn zouden we een specifiek, onderzoek moeten opzetten op basis van een heldere hypothese.”