Column

Bemoeienis van buiten

Racisme was het woord van de week. Eerst bracht de Raad van Europa een rapport uit over racisme in Nederland, vervolgens kondigde de VN een onderzoek aan naar het mogelijk stereotyperende en racistische karakter van het Sinterklaasfeest.

De reacties op het Raad van Europa-rapport waren boos of op zijn minst defensief. Op allerlei internetfora begon men onmiddellijk met schelden: ‘Sterf, Europese betuttelbaasjes, sterf. Met jullie moreel kolonialisme’ (GeenStijl). Maar ook politici distantieerden zich ervan. Zonder op de inhoud van het rapport in te gaan zeiden ze min of meer: bemoei je niet met ons, Europa.

De sfeer werd nog iets grimmiger toen de VN-brief over Zwarte Piet arriveerde. De fora stroomden weer vol met mensen die riepen dat we ‘in een dictatuur leven’. Conclusie: ‘Opheffen die VN!’ Vervolgens gooide ombudsman Alex Brenninkmeijer bij Buitenhof nog eens olie op het vuur door instemmend te spreken over het Raad van Europa-rapport. Reacties op het forum van Joop.nl: Brenninkmeijer is een ‘wereldvreemde wegkijker’ en ‘linkse elite’.

De irritatie over de bemoeienis van VN en Raad van Europa is op zich begrijpelijk. Het buitenland bemoeit zich al met het begrotingsbeleid en heeft nu ook immateriële zaken in het vizier.

Maar het is overdreven om te denken dat de VN en de Raad van Europa het hier voor het zeggen hebben. De Raad geeft aanbevelingen, geen orders. Lees bijvoorbeeld de respons van het kabinet-Balkenende IV op het vorige racismerapport uit 2008. Die valt samen te vatten als: bedankt, we hebben uw rapport gelezen, en gaan nu weer door met waar we mee bezig waren. En wat het VN-onderzoek betreft: premier Rutte reageerde meteen door te zeggen dat Zwarte Piet een zaak van de samenleving is, niet van de regering. Als Piet verdwijnt, zal dat niet komen door maatregelen van de VN.

Je kunt de onderzoeken door VN en Raad van Europa beter zien als een goede aanleiding om weer eens te praten over racisme, een onderwerp dat – zo blijkt uit de discussie over Zwarte Piet – zeer gevoelig ligt. Voor een politicus is het moeilijk geworden racisme te agenderen: de term wordt tegenwoordig geassocieerd met linkse wereldvreemdheid. De blik van een buitenstaander kan de discussie weer openen. Helaas schieten velen direct in een kramp. Ze gaan niet in op het rapport – ze hebben het waarschijnlijk niet gelezen – en roepen paniekerig dat de vrije meningsuiting wordt aangetast.

Vanwaar die defensieve en soms zelfs agressieve reacties? Als je vindt dat er geen sprake is van racisme in Nederland, hoef je je toch niet aangevallen te voelen? Dit geldt niet alleen voor reaguurders, maar ook voor politici die weigeren inhoudelijk te reageren op het Raad van Europa-rapport. Wie de status quo rechtvaardig vindt, hoeft discussie niet te vrezen.