Zó veel heb je niet nodig

Leven met minder spullen wordt steeds populairder Wat je niet nodig hebt kun je weggeven of uitlenen Resultaat: „Die participatiesamenleving bestáát al!”

Illustratie Thinkstock

Al haar kleren passen in één koffer. Patty Golsteijn (29) is een specialist in ‘minimaliseren’. „Mijn zolder heb ik volledig leeggeruimd. Al mijn cd’s heb ik weggegeven en bijna al m’n boeken. De waardevolle dingen die ik over heb passen in één doos.” Golsteijn heeft een eenmanszaakje dat professionals adviseert om overbodige bezigheden te schrappen. Ze kan overal werken waar een internetverbinding is. „Ik bepaal zelf waar ik werk, wanneer en met wie.”

Nu werkt ze een paar weken vanuit New York voor haar Nederlandse klanten. Haar Amsterdamse appartement verhuurt ze ondertussen via de site Airbnb. Als ze zich in Amerika moet verplaatsen, pakt ze een CityBike-leenfiets of regelt ze een autorit via deeldienst Lyft. Heeft ze in Nederland een auto nodig, dan huurt ze een auto van een particulier via SnappCar.

Leven met een minimum aan bezit wint aan populariteit. Drie jaar geleden begon de Amerikaanse softwareontwerper Kelly Sutton het blog Cult of Less. Hij wist zijn bezittingen radicaal te reduceren tot een MacBookPro, een iPad, een paar harde schijven, een e-reader, wat kleren en beddengoed. Hij liet zien hoe digitale diensten fysieke spullen overbodig kunnen maken. Boeken, cd’s en dvd’s kunnen vervangen worden door een e-reader en abonnementen op Spotify en Netflix.

Internetondernemer Graham Hill betoogt dat we onze levens moeten ‘redigeren’ om alleen met het noodzakelijke over te blijven. Hij brengt deze levensstijl zelf in de praktijk in een vernuftig ingericht New Yorks appartement van nog geen veertig vierkante meter. „Ik slaap beter wetende dat ik niet meer gebruik dan ik nodig heb. Ik heb minder en geniet meer. Mijn leefruimte is klein, mijn leven is groot”, schreef hij in The New York Times.

Minimaliseren is niet hetzelfde als schraler gaan leven, het gaat om het slimmer benutten van onze overvloed. Dankzij collaborative consumption, gedeeld bezit, hoeven we niets tekort te komen terwijl we met minder toe kunnen.

„Als je om je heen kijkt in huis zie je veel spullen die je niet meer gebruikt. Waarom zou je die niet aan iemand geven die er plezier van heeft?”, zegt Edwin Mijnsbergen (42) uit Middelburg. Drie jaar geleden besloot hij met minder spullen te gaan leven, genoodzaakt door een verhuizing en geïnspireerd door de Cult of Less.

Het leuke van weggeven

Onlangs begon hij met de Facebookgroep ikgeefweg Walcheren. Zeeuwen bieden hier hun overbodige spullen gratis aan, van judopakken tot kookboeken. Binnen een maand had de groep tweeduizend leden. „In de eerste week gaf ik zelf het goede voorbeeld. Ik heb een Wii weggegeven en een oude digitale camera die het nog prima deed. Toen mensen zagen dat er luxespullen werden aangeboden, kwam er een golf van nog meer waardevolle dingen. Zo begon een shopverslaafde vrouw haar aankopen weg te geven.”

Ook Nils Roemen (41) uit Nijmegen, bedenker van de Twitter-hashtag durftevragen, gelooft in het weggeven. Het gaat Roemen, die pleit voor ‘ontspullen’, niet in de eerste plaats om zo min mogelijk bezit. „Maar ik wil wel van alles wat ik in huis heb weten wat ik eraan heb. Het is me gelukt om tweederde van mijn kasten leeg te krijgen. Het leuke van weggeven is dat mensen geneigd zijn om iets terug te doen. Als ik op Twitter roep dat ik iets nodig heb, lukt het meestal om het te krijgen.” Roemen heeft meer aan zijn netwerk dan aan spullen.

Maar hoe bied je weerstand aan de drang om te kopen, aan de verleidingen van winkeletalages en webshops? Irene Rompa (29), organisator van de Nederlandse Buy Nothing New-maand, weet het. „Je moet je geluksgevoel op een andere manier creëren. Dat kan ook door hetzelfde geld uit te geven aan iets wat je bijblijft, zoals uit eten gaan, een massage nemen, een reis maken of naar de film gaan. Het doel van Buy Nothing New is ze in de maand oktober de alternatieven van nieuw te laten onderzoeken. Denk aan ruilen, delen, repareren, zelf maken, herontdekken en geld overhouden om leuke dingen te doen. „Ik ben zelf vooral bezig met het vinden van unieke tweedehands dingen.”

Ze geeft veel van haar kleren weg aan dressforsuccess.nl, een organisatie die representatieve kleding inzamelt voor mensen met een laag inkomen die gaan solliciteren. Ook beveelt ze Repair Cafés aan, waar mensen elkaar helpen met het repareren van kapotte spullen. „Het verbindende van dat soort initiatieven is een geweldige bijkomstigheid. Ik zou zelfs willen zeggen dat het verrijkend is. Minder spullen, maar veel meer contact.”

„Mensen gaan vanwege de crisis zuiniger met hun geld en hun spullen om. Ook hebben ze in deze geglobaliseerde wereld behoefte aan saamhorigheid. Er is een consumer-to-consumer-markt aan het ontstaan”, zegt ze, een markt waarin consumenten er onderling wel uitkomen. „Welvaart hoeft niet gelijk te staan aan geld uitgeven. Het gaat tegenwoordig om toegang, niet om bezit. Om het gat in de muur in plaats van de boormachine.” Patty Golsteijn denkt er hetzelfde over. „Als ik het kabinet hoor praten over een participatiesamenleving waarin dingen bottom-up worden georganiseerd, dan denk ik: dat gebeurt al!”

Je moet het je kunnen permitteren

Het is ook een trend waar onmiskenbaar iets elitairs aan kleeft. Het rapport Welvaart en leefomgeving van het Planbureau voor de Leefomgeving en het Centraal Planbureau suggereert dat er door sociale media een nieuwe ethiek van samenwerken ontstaat ‘die zich onttrekt aan de tucht van de markt en de dwang van de staat’. Maar het rapport waarschuwt ook dat nieuwe media ertoe kunnen leiden dat sociale verschillen zich verdiepen.

De typische aanhanger van de Cult of Less is een jonge stedeling zonder gezin, die graag reist en handig is met technologie. Iemand met oog voor kwaliteitsproducten met een lange levensduur en een hoge aanschafprijs, en die voor die spullen aanspraak kan maken op een uitgebreid netwerk. Paradoxaal genoeg is weinig bezitten dus iets wat je je moet kunnen permitteren. Je moet de juiste wegen en mensen kennen. Maar het is wel een levensstijl die snobisme en altruïsme combineert. Daar kan de wereld toch alleen maar beter van worden?

    • Ebele Wybenga