Verwarring bij de VN over Saoedisch affront V-raad

Gefrustreerd over zijn machteloosheid in het Syrische conflict, en over de Amerikaanse toenadering tot Iran, heeft Saoedi-Arabië afgezien van een zetel in de VN-Veiligheidsraad.

Op het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York was de verwarring vrijdagochtend groot. Saoedi-Arabië, net een dag eerder gekozen om voor twee jaar zitting te nemen in de Veiligheidsraad, liet in een bittere verklaring weten van zijn zetel af te zien. Zoiets was bij de VN nog nooit vertoond.

Donderdag had de Saoedische VN-ambassadeur zich nog tevreden getoond dat zijn land voor het eerst in zijn bestaan een van de tien tijdelijke zetels zou gaan bezetten. Dit past bij het „jarenlange beleid om gematigdheid en het vreedzaam oplossen van conflicten te ondersteunen”, zei de ambassadeur, kort nadat de Algemene Vergadering, waarin alle 193 lidstaten zitting hebben, zijn land had gekozen.

De tien tijdelijke zetels in de Veiligheidsraad, het machtigste orgaan van de VN, zijn doorgaans fel begeerd. Een tijdelijk lidmaatschap brengt weliswaar veel minder macht met zich mee dan de vijf permanente leden hebben (de VS, Rusland, China, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk hebben elk vetomacht over alle resoluties). Maar landen lobbyen toch jarenlang om voor zo’n tijdelijke zetel in aanmerking te komen. Zo voert Nederland nu al campagne voor een zetel in de periode 2017-2018. Ook Saoedi-Arabië had zich er jaren voor ingespannen.

Maar in de Saoedische hoofdstad Riad nam men vrijdag met een dramatisch gebaar afscheid van die ambitie om mee te praten in de diplomatieke eredivisie. De verklaring waarin het Saoedische ministerie van Buitenlandse Zaken de stap toelichtte was een felle aanklacht tegen „de dubbele standaarden van de Veiligheidsraad”, die zou verzuimen „zijn plichten uit te voeren bij het bewaren van de internationale vrede en veiligheid”.

Met name beschuldigde Riad de raad ervan de Syrische president Assad zijn gang te hebben laten gaan in de oorlog tegen de rebellen – die door Saoedi-Arabië worden gesteund. Vorige maand bleek de Saoedische ergernis al toen de minister van Buitenlandse Zaken zijn toespraak voor de jaarlijkse VN-top afzegde. Dat grote bondgenoot Amerika er te elfder ure van afzag Syrië met bombardementen te straffen voor het gebruik van gifgas, was voor Riad een grote teleurstelling.

Maar de Saoedische onvrede gaat niet alleen over Syrië. Door een aantal ontwikkelingen in het Midden-Oosten voelt Riad zich machteloos. De toenadering van Washington tot Iran, de grote regionale rivaal van Saoedi-Arabië, is voor de Saoedische regering moeilijk te verteren. Als argument om de zetel niet te gaan bezetten noemde de verklaring ook het falen van de Veiligheidsraad bij het Israëlisch-Palestijnse conflict en bij het tegengaan van de verspreiding van massavernietigingswapens in de regio.

Met zijn protestkreet heeft Saoedi-Arabië in elk gevalaandacht getrokken. Maar bij de VN was vrijdagavond nog geen formeel document binnengekomen waarin Riad van de zetel afziet. In New York vraagt men zich daarom af of het mogelijk is dat het land de zetel in januari, als de nieuwe leden aantreden, alsnog inneemt. Geeft Riad de zetel wel formeel op, dan zal de Algemene Vergadering waarschijnlijk een ander Arabisch land voor de raad kiezen.