Piet

Column // Georgina Verbaan

Ik vond het als kind heel erg dat ik niet zwart was. ‘s Nachts droomde ik dat ik bij de Huxtables woonde – de tv-familie van Bill Cosby – , mijn beste vriendin was Surinaams, ik was fan van Michael Jackson en ik at het liefste kip.

Ook wilde ik Zwarte Piet zijn. Omdat hij zwart was. Ik dacht echt niet dat hij aan zijn kleur gekomen was door roet. Ik wist tot de brand bij de buren niet eens wat dat was, hoewel ik de kleur wel kon raden omdat Zwarte Piet er in liedjes mee vergeleken werd. Ik ben uiteindelijk vaak Piet geweest, als kind en tiener langs de deuren en later op tv. Vorig jaar sprak ik een Sinterklaas-animatiefilm in. Ik heb het feest weleens verdedigd, omdat ik er warme herinneringen aan bewaarde en mezelf geen racist vind. Piet is toch veel leuker dan die enge Sinterklaas met zijn warme schoot, dus wat is het probleem? Maar het lukt me niet meer, dankzij die door sommigen als vermoeiend aangeduide discussie. Het feest is een gênante aangelegenheid. Natuurlijk is Zwarte Piet racisme. Ik heb mijn kind keurig het roetverhaal op de mouw gespeld, maar ik schaam me dood als we bij de intocht staan. Op tv verdedigen louter blanke volwassenen het volksfeest. ‘Pak me mij jeugd niet af!’ is wat ze lijken te zeggen, als ze redetwisten over het racistische karakter van de viering of ‘traditie!’ brullen. Iemand moet die mensen vertellen dat ze oud zijn en binnen afzienbare tijd doodgaan. Dat dit feest voor kinderen georganiseerd wordt die nu klein zijn. Die leven in een heel andere samenleving, met verschillende mensen met ‘onhandigheden’ als gevoelens. Dat het aardig is daar rekening mee te houden.

Wij kunnen niet bepalen waardoor een ander zich gekwetst mag voelen. Het is een ongemakkelijk feest geworden. Nu zet ik het op ongemakkelijke feesten doorgaans op een zuipen, maar liever vertel ik mijn dochter volgend jaar een nieuw verhaal. Iets over Mummy Piet desnoods, pakken we Ome Cor in met wc-papier. Nee, ik zeg dit niet omdat ik mij een minderheid waan. Ik weet inmiddels dat ik niet zwart ben. Ik eet ook geen kip meer. Máár dat staat daar natuurlijk los van hè? Ho, ho, ho..