Jonathan Coe

Aan het genre van de komische spionageroman voegt Jonathan Coe nu een nieuwe titel toe. In Expo 58 plaatst hij een typisch Britse fictieheld – politiek naïef, middleclass en enigszins sullig – tegen de achtergrond van de Wereldtentoonstelling in Brussel in 1958. Coe moet het deze keer niet hebben van een sterk plot, althans een plot waarvan je de uitkomst niet al lang van tevoren ziet aankomen. De literaire spionageroman moet het van het verrassingseffect hebben, of van de morele dilemma’s van de hoofdpersonen. (Viking/Penguin, 266 blz. 15,49 euro. De vertaling, door Luud Dorresteijn en Otto Biersma, is verschenen bij de Bezige Bij, 19,90 euro)