De Balkanroute

Terwijl Sicilië en Lampedusa bezwijken onder de vluchtelingen, komen veruit de meesten van hen langs een andere route naar Europa: via Griekenland en de Balkan. Hun aantal is in een jaar vervijfvoudigd. Servië en Macedonië hebben inmiddels een ‘migrantenindustrie’, waarbij de lokale bevolking hand- en spandiensten verricht aan mensensmokkelaars en hun klanten.

Pastoor Tibor Varga loopt als een spoorzoeker met zijn neus naar de grond over het terrein van de verlaten bakstenenfabriek in Subotica, een Servische stad op de grens met Hongarije. Overal tussen het hoge gras en de struiken zijn sporen van mensen. Kleine kampjes van platgetrapt gras, opengescheurde dozen en afval. Hier en daar een half verteerde slaapzak. Varga vist een yoghurtbakje uit de struiken en kijkt naar de datum. „Nog lang niet verlopen, dus pas gekocht.”

Het terrein van de steenfabriek is sinds een paar jaar een overslagplaats voor de groeiende stroom migranten die via Griekenland, Macedonië en Servië proberen West-Europa te bereiken. Ze kamperen er tot ze Hongarije en daarmee de Schengenzone binnen zijn gekomen. Soms zijn ze er een paar uur, soms een paar weken.

Het aantal betrapte illegale migranten op deze route is in een jaar tijd met 537 procent gestegen, meldde het Europees grensagentschap Frontex deze week. Voor het eerst sinds het begin van de metingen in 2008 is een niet-mediterraan land – Hongarije – het grootste lek in de Europese buitengrens.

Die grens met Hongarije is hemelsbreed drie kilometer naar het noorden vanaf de steenfabriek van Subotica. Op de vuilstort zijn altijd genoeg materialen te vinden voor een vuurtje of om hutten mee te bouwen. Op de begraafplaats daar naast is schoon water. Je kunt je er gemakkelijk verstoppen.

Een lichtbruine twintiger in jeans en een wit shirt verdwijnt in het hoge gras uit het zicht. Pastoor Varga, een lange man met korte grijze baard, petje en een heuptasje, die zich sinds twee jaar om het lot van de migranten bekommert, loopt hem achterna. De schuchtere twintiger stelt zich voor als Soheil Khan. Een deel van zijn naam staat op de binnenkant van zijn onderarm getatoeëerd. Zo te zien zelf gedaan. Hij heeft vannacht geprobeerd de grens met Hongarije te voet over te steken, maar raakte verdwaald. Zijn ogen zijn rood van moeheid. Soheil Khan is drie maanden geleden uit Kashmir vertrokken. Zijn twee broers zijn al jaren in Duitsland. Die moet hij bellen als hij in Hongarije is aanbeland.

„Macedonië was gemakkelijk”, zegt hij. „Twee dagen.” Het heeft hem tot nu toe tien dagen gekost om door Servië te reizen, verder noordwaarts. Een afstand van ruim 550 kilometer. 100 euro was hij kwijt voor de bus en hij heeft in Belgrado 200 euro aan de politie moeten geven om niet opgesloten te worden, vertelt hij. Afgelopen nacht heeft een groep Pakistanen die zich hier ook ophouden zijn mobiele telefoon afgepakt.

In drie jaar tijd is de route over land via de Balkan uitgegroeid tot een belangrijke doorvoerlijn voor migranten, met name uit Pakistan, Afghanistan en Noord-Afrika. Het aantal Syriërs neemt snel toe.

Ze slagen er eerst in vanuit Turkije naar Griekenland te komen, het grootste en moeilijk te bewaken lek in de Europese buitengrens. De afgelopen jaren kwamen zo tienduizenden migranten per jaar binnen. Van daaruit willen ze door naar rijkere delen van Europa. Dat gebeurt meestal met behulp van mensensmokkelaars die kantoor houden in Athene en die vervoer en vervalste reisdocumenten regelen.

Een paar jaar geleden liep de illegale migratie nog grotendeels via de veerboten tussen Griekenland en Italië, beide lid van de Schengenzone en maar één landsgrens van elkaar verwijderd. Maar de controles in de Griekse en Italiaanse havens zijn verscherpt.

De hekken om de haventerreinen zijn hoger. Grenspolitie controleert aan beide zijden van de Adriatische Zee de voertuigen die de schepen op- en af gaan. Frontex helpt Griekenland bij de verbetering van de grensbewaking. De Griekse regering treedt sinds een jaar hard op tegen illegalen. Wie wordt gepakt tijdens een van de veegacties riskeert anderhalf jaar cel. Als het land van herkomst wordt vastgesteld, volgt deportatie. Doordat het moeilijker is geworden in Griekenland te blijven en om de oversteek naar Italië te maken, raakt de route over land richting noorden steeds meer in trek bij mensensmokkelaars en hun klanten.

Het aantal migranten dat via Turkije Griekenland weet te bereiken daalt na de bouw van een twaalf kilometer lang hek op de grens met Turkije. Maar de toestroom blijft hoog. In 2012 rapporteerde Frontex 37.220 illegale grensoverschrijdingen. In het tweede kwartaal van 2013 4.532. Nu de landgrens moeilijker te passeren is, nemen de oversteken op zee weer toe.

Een groeiende groep migranten slaat Griekenland over en gaat rechtstreeks van Turkije naar Bulgarije. De toestroom is daar sinds begin dit jaar verzevenvoudigd. Asielzoekerscentra en detentiecentra zitten bomvol. Er worden noodvoorzieningen gebouwd. Ongeveer de helft van de instroom bestaat uit voor oorlog gevluchte Syriërs. Ze worstelen zich met tientallen per dag door de dichte bossen in het Strandzha-gebergte. In navolging van het grenshek in Griekenland heeft nu ook het Bulgaarse ministerie van Binnenlandse Zaken aangekondigd een dertig kilometer lang hek van drie meter hoog op de grens met Turkije te bouwen. Bulgarije was nooit populair, omdat de politie de reputatie heeft streng te zijn en illegale migranten en asielzoekers er in de regel lang worden opgesloten.

In Macedonië en Servië daarentegen zijn migranten na een paar uur, dagen of hooguit weken meestal weer vrij om een nieuwe poging te wagen. Vrijwel niemand ziet Servië of Macedonië als eindbestemming. Dat het aantal asielverzoeken er toch sterk is gestegen komt doordat migranten de procedure vooral gebruiken om een paar dagen of weken ongestoord bij te kunnen slapen, eten en douchen. Bij afwijzing is de kans klein dat een EU-land later een asielzoeker terugstuurt naar Macedonië of Servië , want volgens de UNHCR is Servië geen veilig ‘derde land’. Het allereerste UNHCR-rapport over Macedonië is nog in de maak.

Ook in de bossen om Bogovadja, waar het grootste Servische asielzoekerscentrum is, kamperen vaak migranten. Zo in de buurt van een centrum kunnen ze makkelijk contact leggen met mensensmokkelaars voor de reis naar de Schengenzone.

Serviërs melden dat de afgelopen maanden steeds meer migranten rondhangen in de buurt van de stad Sid, bij de grens met Kroatië. Dat komt mede doordat Hongarije, met steun van de EU, investeert in de grensbewaking en daardoor een steeds moeilijker te nemen hindernis is. Het lek in de grens liep er wel erg in de gaten. Doordat Kroatië sinds 1 juli ook EU-lid is, blijkt dàt land in de ogen van mensensmokkelaars juist aantrekkelijker.

Het valt pastoor Varga in Subotica ook op dat de stromen migranten zich verplaatsen. Smokkelaars worden professioneler, voorzichtiger. Ze verbergen meer migranten in appartementen in de stad, zodat ze minder opvallen dan de grote groepen die bij de steenfabriek bivakkeren. Deze voorzichtigheid volgt niet op extra inspanning van de lokale politie. Zo nu en dan duiken agenten op bij de kampementen van asielzoekers tussen het hoge gras. Niet om te arresteren, maar om migranten geld af te troggelen.

    • Marloes de Koning