Toeristen vertrouwen Sinaï niet meer

Echt rustig is het in de Sinaï nooit geweest, maar bedoeïenen hebben er langs de kust wel het toerisme tot bloei gebracht. Ook daar is nu een aanslag gepleegd.

Bewoners en toeristen zijn op 7 oktober in het kuststadje El-Tor in de zuidelijke Sinaï getuige van rookontwikkeling na een zelfmoordaanslag op een militair hoofdkwartier. Foto Reuters

Het strand verlaten. De discotheek vervallen. De rieten hutjes leeg. De noordoostkust van de Egyptische Sinaï-woestijn, voorheen een populaire vakantiebestemming, ligt er verwaarloosd bij. Hotels in aanbouw blijven in aanbouw. Kamelen worden niet meer opgetuigd. In de zee bij Dahab dobberen alleen nog wat Russinnen in bikini.

Toeristen vertrouwen het niet meer. In 2004 en 2005 en 2006 waren er aanslagen van terroristische groeperingen, waarbij tientallen toeristen werden gedood. In 2011 was daar de Egyptische revolutie die president Mubarak verjaagde, waarna de Egyptische autoriteiten hun zeer beperkte greep op de Sinaï verder verloren. En nadat in juli ook president Morsi was afgezet, begon het Egyptische leger een campagne tegen lokale bedoeïenen en buitenlandse extremisten, die wordt beantwoord met grof geweld. Tientallen veiligheidsfunctionarissen kwamen al om het leven.

Helemaal rustig was het in de Sinaï nooit. Het is stammenland, van bedoeïenen, waar stammenwetten gelden. En het schiereiland is door zijn ligging altijd gebruikt voor smokkel. Van drugs, van mensen, van wapens. Israël voltooit dit jaar een hek van honderden kilometers om de stroom van Eritrese en Soedanese vluchtelingen te stoppen. De doorvoer van goederen en wapens (de laatste jaren veel uit Libië) naar de Palestijnse Gazastrook floreerde, tot het Egyptische leger onlangs de smokkeltunnels grotendeels dichtte. En in het bergachtige woestijngebied kunnen moslimextremisten zich goed verbergen.

Onder de voormalige president Mubarak kwam de toeristenindustrie echter tot bloei. Bedoeïenen stampten resorts uit de grond. Sharm al Sheikh kreeg directe vluchten. Dahab werd een favoriete vakantiebestemming van Israëliërs, die doorgaans niet veel van Arabieren moeten hebben. De all-inclusives verkochten als warme broodjes.

Sinds de val van president Mubarak hebben moslimextremisten aanslagen tegen Israël en het Egyptische leger in de Sinaï opgevoerd. Na de coup tegen president Morsi werd het nog erger. Toeristische gebieden bleven echter gespaard, tot vorige week een terrorist zichzelf opblies bij een militair hoofdkwartier in het zuiden van de Sinaï, waar veel toeristische resorts zijn.

Sinds de militaire staatsgreep tegen Morsi en het bloedige optreden tegen de Moslimbroederschap daarna, is het aantal aanslagen in heel Egypte toegenomen. Een bom ontplofte bij een konvooi van de minister van Buitenlandse Zaken in Kairo. De aanslag werd opgeëist door de groep Ansar Bayt al-Maqdis, die opereert vanuit de Sinaï en de aanslag een vergelding noemde voor de harde aanpak van de Moslimbroederschap.

    • Leonie van Nierop