Bijna zijn hele carrière zit hij in vis- en diervoer

Ruim een jaar geleden volgde hij Wout Dekker op bij Nutreco, maar Knut Nesse is nog onbekend. „Het opbouwen van een reputatie kost jaren.”

Voor het eerst in het gesprek hapert Knut Nesse, bij wie de woorden eerder nog uit de mond rolden. De vraag was hoe het is om topman van Nutreco te zijn, met zo’n illustere voorganger als Wout Dekker. Dekker, die vorig jaar president-commissaris van de Rabobank werd, was hét gezicht van Nutreco. Hij was alom bekend, bewoog zich soepel in de top van het bedrijfsleven en de overheid, en hield zich bezig met thema’s die verder reikten dan ‘zijn’ bedrijf alleen, zoals intensieve landbouw en duurzaamheid.

Voordat Knut Nesse in augustus vorig jaar de leiding kreeg, werkte hij al zeventien jaar bij Nutreco, waarvan enkele jaren in de raad van bestuur. Voor de buitenwacht was hij een volslagen onbekende Noor, en daar is ruim een jaar later nog maar weinig aan veranderd.

Nesse, die Engels spreekt met een staccato, Schots-achtig accent, zoekt een antwoord op de vraag over de opvolging van Dekker. Eerst zegt hij: „Een bedrijf waar bijna tienduizend mensen werken is in mijn ogen altijd meer dan één persoon.” Uiteindelijk concludeert hij: „Het opbouwen van een reputatie kost jaren. Wout heeft het geweldig gedaan. Hij werkte dertig jaar bij Nutreco, waarvan twaalf jaar als baas. Ik ben pas net een jaar bestuursvoorzitter.”

Nesse, 46 jaar, werd geboren in een klein dorpje in Noorwegen, als oudste van vier kinderen. „Onze buren, dat waren een stel koeien”, zegt hij. Na zijn middelbare school wilde hij een jaar werken voor hij aan een studie zou beginnen. Hij kwam terecht in een fabriek van zalmvoerproducent Skretting.

De jaren erna bleef hij terugkomen in de zomervakanties. Zo bekostigde hij zijn studie economie én het leverde hem ervaring op die hem later goed van pas zou komen. Skretting is een onderdeel van Nutreco. Met uitzondering van enkele jaren bij staalbedrijf Scana heeft Nesse zijn hele carrière in de vis- en diervoeding gewerkt.

Nesse en zijn vrouw hebben een dochter van twintig die studeert en een zoon van achttien die dit schooljaar examen doet. Zijn vrouw is één week per maand in Nederland, in de zomer komt ze in Nederland wonen. Tot die tijd reist Nesse regelmatig voor de weekenden naar Noorwegen.

Zijn vrouw en kinderen weten niet beter dan dat hij het grootste deel van zijn tijd in het buitenland zit, zegt hij . „Als je bij een internationaal bedrijf werkt, kun je niet te vaak in Stavanger zijn. Al jaren ben ik alleen in de weekenden thuis.”

Toen de kinderen vier en twee waren, en Nesse zelf pas dertig, woonde het gezin twee jaar in China voor Scana. „We zaten in de middle of nowhere”, zegt Nesse. „Als we een andere expat wilden opzoeken, moesten we drie uur rijden. In het deel van China waar wij woonden kon je geen westers eten krijgen, dus je moest leven en eten zoals de Chinezen. Het was fantastisch.” Die jaren waren zijn „praktische MBA-opleiding”, zegt Nesse.

Later woonde het gezin nog tien maanden in Chili, waar Nesse als directeur bij Skretting Chili was gedetacheerd.

Nesse en zijn vrouw zijn fervente langlaufers. Ieder jaar in maart doen ze mee aan een wedstrijd over 52 kilometer.

„Het is net een marathon”, zegt Nesse. „Alleen ben je op ski’s nét iets sneller dan rennend. In de winter ben ik altijd fitter dan in de zomer. Ik moest maar weer eens gaan trainen.”

    • Barbara Rijlaarsdam