Twintig kilo lamsvlees per zak

Sinds gisteren vieren moslims het Offerfeest, ter nagedachtenis aan de profeet Ibrahim, die zijn zoon wilde offeren voor God. In de slachthuizen is het druk.

Levende schapen en huidenvan geslachte soortgenoten in Elsendorp, bij slagerij Vogels. Foto Flip Franssen

De lammeren zijn stil. Ze staan voor de deur van de slachterij, willoos, wachtend tot potige mannen hen optillen, tussen schotten op hun rug leggen, en de zogenoemde voorsnijder, een daartoe opgeleide moslim, hen met één haal door hun halsslagader doodt. Heel even nog spartelen ze met hun poten, daarna bloeden ze dood en verdwijnt hun kop in een grote mand, op de koppen van hun voorgangers. Buiten staat een trailer met schapenhuiden.

„Ik zie toe of een bedrijf zich aan de wet houdt”, zegt dierenarts Vermeulen van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) tijdens zijn lunchpauze. In een piepklein kantoortje van slagerij Vogels uit het Oost-Brabantse Elsendorp, gestoken in een met bloed bespatte overall, eet de dierenarts een bruine boterham. „Het dierenwelzijn mag niet in het gedrang komen. Hier verloopt het netjes, ik kan niet anders zeggen.”

Vandaag worden in Elsendorp 340 lammeren geslacht. Aan de muur hangen briefjes van klanten. „Bedankt voor het lekkere eten.” In de hal van de slachtkamer staan groepjes moslims te wachten op het lam dat zij laten slachten voor het Offerfeest, dat gisteren is begonnen. Voor 230 euro per stuk krijgen ze in een vuilniszak twintig tot vijfentwintig kilo lam. Bekeken door een keurmeester en nog eens gecontroleerd door Vermeulen. „Wij zien toe op grote afwijkingen in het vlees. Een kankergezwel bijvoorbeeld. Ik wil zeker weten of het vlees geschikt is voor consumptie.”

Er werden in Nederland vorig jaar ongeveer 56.000 schapen en 2.000 runderen onverdoofd geslacht. Dat zullen er dit jaar minder zijn; enkele moskeeën in het zuiden van het land hebben opgeroepen tot een boycot op het slachten van schapen omdat de prijs daarvoor de laatste jaren flink is gestegen. De moskeeën vinden de prijzen tijdens het Offerfeest te hoog. „Dat is marktwerking”, laat een woordvoerder van de vleessector weten.

Bij alle 94 slachthuizen is een dierenarts van de NVWA aanwezig. Zij beoordelen niet alleen het welzijn van de dieren maar ook de gezondheid bij aankomst en de hygiëne tijdens transport en slacht. Bovendien controleert een NVWA-team van twintig medewerkers extra op vervoer van slachtdieren en op het illegaal slachten. Vorig jaar stuitte de overheidsdienst op „een tiental” gevallen van illegaal slachten, aldus een woordvoerder.

Eén van de klanten is Ismail Nazli uit Cuijk. Hij laat zich pas wegsturen tussen een rij levende lammeren door dierenarts Vermeulen als hij de schapen de hand heeft opgelegd. „Anders is de slacht niet geldig”, verklaart hij. Nazli heeft acht lammeren besteld. Eén voor hemzelf en zeven voor zeven vrienden. Een deel van het vlees of een geldbedrag geeft hij aan de armen, zoals de Koran voorschrijft. Voor zijn familie en vrienden geeft hij morgen een feest waarop het vlees zal worden gegeten.

Aan discussies over de vraag in hoeverre islamitisch geslachte dieren meer lijden dan bedwelmde dieren, wil dierenarts Vermeulen niet te veel woorden vuil maken. „Ik zie geen verschil. Je ziet na de snede weliswaar spiercontracties. maar dat duidt niet op pijn, dat is normaal als het dier geen zuurstof meer krijgt. Dat zie je ook bij bedwelmde dieren.” Met het Offerfeest heeft de dierenarts geen moeite. „Moslims zijn onze medebroeders. Dit is hun feest. Dat moeten we respecteren. Zoals zij Kerstmis respecteren. Zolang er geen dingen gebeuren die tegen de wet zijn, wil ik hun feestje niet bederven.”

    • Arjen Schreuder