Oekraïne tart Russen met draai naar EU

Een grote verschuiving in de verhoudingen in Oost-Europa komt naderbij: Oekraïne wil een akkoord sluiten met de EU. Ook Nederland moet overtuigd.

Twee wereldbeelden botsen in het Europese deel van de voormalige Sovjet-Unie. De botsing gaat over handel en waarden, over materie én moraal. Anders gezegd: over Rusland en Europa.

In Vilnius, de hoofdstad van Litouwen, komt deze confrontatie eind november tot een voorlopige climax. Als het daar tenminste komt tot de ondertekening van een ‘associatieverdrag’ tussen Oekraïne en de Europese Unie.

De regering in Kiev heeft zich daar vorige maand voor uitgesproken. Oekraïne heeft evenveel economische belangen met het handelsblok rond Rusland als met de EU. Maar de handel met Rusland, die draait om het transport van aardgas naar Europa, is minder duurzaam. Als in 2015 de pijplijn South Stream onder de Zwarte Zee klaar is – vergelijkbaar met North Stream dat Polen omzeilt – verliest Oekraïne aan relevantie. De betrekkingen met de EU zijn duurzamer, taxeert Kiev.

Oekraïne is nu bezig alle 28 EU-lidstaten daarvan te overtuigen. Omdat een ‘associatieverdrag’ consensus in Brussel vereist, reist de Oekraïense speciale Europa-ambassadeur, Konstantin Jelisejev, stad en land af om de scepsis te ondervangen. Ook Nederland, sceptisch over mogelijke stappen richting uitbreiding van de EU, deed hij onlangs aan. „Om te helpen bij een onbevooroordeeld, compleet besluit voor de lange termijn”, zegt hij in Den Haag. Want voor Oekraïne „gaat dit verdrag niet alleen over vrijhandel, maar over waarden: over de modernisatie van ons land conform Europese standaarden”, aldus de 43-jarige Jelisejev. „Vilnius is een game-changer voor het voormalige Sovjetgebied. Een verdrag is een point of no return. Na Vilnius zal Oekraïne tot het Europese huis horen”.

Maar de EU moet nu ook iets doen. Kiev vreest een verborgen agenda bij sommige lidstaten. Jelisejev verwijst naar de verklaring van de G8-top in juni. In dat communiqué wordt de „handel en economische integratie van Rusland met sommige landen in de regio” toegejuicht. De G8 – dus ook Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Italië – doelde op de Euro-Aziatische Douane-Unie (Rusland, Kazachstan, Wit-Rusland) die een alternatief voor de EU moet zijn en waarin ook Oekraïne moet worden opgenomen.

Ruslands president Poetin gebruikt deze verklaring alsof ook de belangrijkste EU-landen ‘groen licht’ geven voor de Douane-Unie. Oekraïne vreest dat de EU-lidstaten de passage hebben laten passeren omdat ze de handel met Rusland belangrijker vinden dan het associatieverdrag met Oekraïne.

Jelisejev herinnert zich 2008, toen Oekraïne en Georgië kandidaat-lid van de NAVO wilden worden. „We werden dat niet, omdat één NAVO-lidstaat [Duitsland, red.] dat blokkeerde met een verwijzing naar de publieke opinie in Oekraïne. Rusland mag nu geen veto krijgen over onze soevereine keuze. Dat zou betekenen dat Rusland een veto krijgt over het beleid van de EU.”

Rusland voert intussen de druk op. Oekraïens snoepgoed is al verboden door de keuringsdienst van waren in Moskou. Kremlin-adviseur Sergej Glazjev, een evenknie van Jelisejev, dreigt Oekraïne met represailles, zoals invoering van een visum. In een half jaar gaat een Europees Oekraïne „feitelijk failliet”, voorspelt Glazjev.

Jelisejev: „Ook al zijn we blij met morele ondersteuning vanuit Europa, we verwachten meer directe actie tegen die pressie vanuit Rusland, in daden, niet alleen in verklaringen. Wij hopen dat de druk van onze grote buur zal afzwakken ná Vilnius. Daarom moet de ondertekening van het verdrag niet worden uitgesteld.” Voor Nederland verwacht hij een verdrievoudiging van de wederzijdse handel.

Rusland hanteert niet alleen de stok maar houdt Oekraïne ook „wortels” voor: goedkoop gas, meer investeringen, meer kredieten. „Maar wij hebben onze keuze gemaakt. Het gaat niet alleen om geld, maar ook om waarden die niet te koop zijn”, zegt Jelisejev.

Die Europese waarden zijn in Oekraïne niet onomstreden. Met name de anti-discriminatiebepalingen, die de EU eist om seksuele minderheden beter te beschermen, drijven volgens Jelisejev een wig. „Dit is het grootste struikelblok. Zoals men zei: in de Sovjet-Unie bestond geen seks. We zijn pas 22 jaar onafhankelijk. Het is dus ook een mentaliteitskwestie.” Weliswaar heeft de Oekraïense raad van kerken zich vorige maand vóór Europa uitgesproken. Maar het orthodoxe patriarchaat in Moskou, dat in Oekraïne circa 10.000 priesters en 12.000 parochies stuurt, gebruikt dit thema als wapen tégen Europa. „Helaas is de kerk onderdeel geworden van een politieke discussie. Rusland maakt daar gebruik van”, zegt Jelisejev.

Maar omgekeerd begrijpt hij niet waarom met name Nederland zo’n harde positie inneemt over homorechten. „Binnen Europa draait het toch om democratie en tolerantie: geen take it or leave it. De EU eist ook niet dat de Verenigde Staten de doodstraf afschaffen als voorwaarde voor het Transatlantische vrijhandelsverdrag. Aan ons worden die eisen wel gesteld, alleen omdat wij Amerika niet zijn.”