Laat het jonge talent stuiteren

Over een paar jaar schreeuwt de economie om hoogopgeleid personeel.

Bedrijven investeren daarom nu in hun jonge talent.

Illustraties Roel Venderbosch

Bij de Nederlandse managementontwikkelaar Ormit spenderen trainees zo’n 10 procent van hun brutoloon aan opleidingen. Accenture geeft adviseurs de mogelijkheid er een tijdje tussenuit te gaan om te werken als berggids, een opleiding te volgen tot hondentrainer of in het buitenland te werken.

Crisis of niet, talent moet je binnenboord houden, vinden deze werkgevers. En door flexibel te zijn of in te spelen op de wens van jonge ambitieuze werknemers om zich te ontwikkelen, hopen ze op een voorsprong als de tekorten op de arbeidsmarkt oplopen. Volgens McKinsey&Company is dat al in 2020, als de zogenoemde war for talent losbarst. Over ruim zes jaar dus.

Het Global Institute van het adviesbureau analyseerde de arbeidsmarkt in zeventig landen en voorspelt een wereldwijd tekort van 40 miljoen hoogopgeleide werknemers in 2020. Een substantieel deel van het tekort aan hoogopgeleiden komt voor rekening van China. Door de snelle economische groei, de vergrijsde bevolking en een communistisch verleden waarin het volgen van een opleiding was verboden, kunnen universiteiten de vraag niet bijbenen.

In ontwikkelde economieën als Europa en Amerika gaat het vooral om een mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Volgens de onderzoekers voldoen over zes jaar circa 95 miljoen werknemers niet aan de eisen die werkgevers stellen. Het gevolg: een overschot van 30 miljoen laag- en middelbaar opgeleiden en een tekort van 16 tot 18 miljoen hoogopgeleiden, vooral in de vergrijsde landen.

De banen liggen over zes jaar zeker niet voor iedereen voor het oprapen, zegt bankier Han Mesters, bij ABN Amro belast met zakelijke dienstverlening. „De economische groei blijft de komende jaren beperkt, de automatisering vreet als Pacman door organisaties. Bedrijven blijven op winst gericht en willen geen zware overheadkosten.” Mesters werkt aan een rapport waaruit zal blijken dat de potentiële beroepsbevolking de komende tien jaar nauwelijks krimpt. De vergrijzing wordt goeddeels opgevangen door de stijgende pensioenleeftijd en de groep 55-64-jarigen die vaker werkt dan voorheen.

Dat het aantal banen niet noemenswaardig zal toenemen, betekent niet dat er niets verandert. Ook in Nederland ontstaat een tekort aan hoogopgeleiden zoals McKinsey voorspelt, maar tegelijkertijd zal er een grote groep werkzoekenden zonder de juiste competenties zijn.

De arbeidsmarkt ontwikkelt zich de komende tien jaar in twee richtingen, voorspellen arbeidsmarktdeskundigen van onder andere SEO Economisch Onderzoek. Dat doet onafhankelijk economisch onderzoek in opdracht van overheid en bedrijfsleven. De behoefte aan hoogopgeleiden groeit doordat werk specialistischer wordt en tegelijkertijd zal er veel vraag zijn naar ‘plekgebonden’ werk, zoals tuinmannen, loodgieters, schoonmaakmedewerkers, verpleegkundigen, en personeel bij andere dienstverlening die niet te automatiseren of te robotiseren is.

De middengroepen vallen tussen de wal en het schip, volgens directeur Dick Koopman van recruitmentbureau Yacht. Mensen met vmbo, lagere mbo of havo, maar ook de ‘gemiddeld goede professional’ worden overbodig als zij over vijf of tien jaar nog precies hetzelfde doen of weten. „Als je geen specifieke kennis hebt die je uniek maakt of als je werk doet dat makkelijk kan worden overgenomen door machines of slimme computers, weet je zeker dat je een probleem krijgt.”

    • Stephanie Bakker