Eén baan is geen baan

Het aantal mensen met meerdere banen groeit Je verdient meer, en het zorgt voor meer afwisseling en persoonlijke groei Maar niet iedereen doet dat voor de lol

Ruben Picavet, manager huisartspraktijk / scenarioschrijver

In het hart van de week, dinsdag tot en met donderdag, is Ruben Picavet manager in een gezondheidscentrum. Op maandag en vrijdag werkt hij als scenarioschrijver en scripteditor. Picavet is wat in Amerika een slasher heet: hij is dokterassistent slash scenarioschrijver, hij heeft meerdere banen.

Er is nog geen goede Nederlandse term voor het fenomeen waarbij mensen tegelijkertijd meerdere carrièrepaden bewandelen Volgens cijfers van TNO en CBS is het aandeel mensen dat twee banen in loondienst heeft bijna 5 procent van de Nederlandse beroepsbevolking. Tel je daar de mensen bij op die naast hun baan ook een eigen onderneming hebben, dan kom je op 8,5 procent – dat zijn 629.000 werknemers. Het aantal slashers groeit al jaren gestaag, ook al is het percentage Nederlanders met meerdere banen stabiel. Dat komt doordat de Nederlandse beroepsbevolking als geheel groeit.

Puur uit financiële noodzaak

Slashen kan een safe bet zijn om door de crisis te komen, of om meer afwisseling in je bestaande werk te krijgen. Er zijn uiteenlopende redenen waarom mensen meerdere banen combineren, blijkt uit recent TNO-onderzoek. Onderzoekers Luc Dorenbosch en Jos Sanders, beiden van TNO Arbeid, hebben die redenen voor het eerst in kaart gebracht. Ze maakten daarbij gebruik van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), waarvoor 25.000 werknemers vorig jaar zijn ondervraagd.

Meer geld verdienen is een belangrijk motief voor de meeste mensen, blijkt uit het TNO- onderzoek: ‘Ze willen graag iets extra’s verdienen bovenop een inkomen dat op zich toereikend is.’ Voor ongeveer de helft van de ‘multi-jobbers’ spelen ook de afwisseling en het stimuleren van persoonlijke groei een rol bij het nemen van een extra baan.

Zoals in het geval van Ruben Picavet (45). „Het begon als grap”, zegt de dokterassistent/scenarist. „Toen mijn man nog in opleiding tot huisarts was, riepen we altijd dat ik doktersassistent zou worden bij hem. Ik ben opgeleid als verpleegkundige, dus dat kon. Toen hij inderdaad een praktijk overnam, was er iemand nodig om de telefoon op te nemen.” Op dat moment was Picavet eindredacteur bij een tv-programma. De baan in de huisartsenpraktijk begon met één dag, inmiddels bestiert Picavet de hele praktijk. „Ik beheer de voorraad, onderhandel over het nieuwe contract met een telefooncentrale en hou de vakantiedagen bij.”

Picavet vindt het leuk om te doen en de gesprekken met mensen aan de balie zijn een bron van inspiratie voor het schrijven van dialogen later op de dag. En het is praktisch, zegt Picavet. „Het geeft me een opgeruimd gevoel als aan het eind van de dag alles klaar is. Dat is zo anders dan het creatieve proces van filmpjes maken. Het bedenken van ideeën gaat altijd door. Dit is een tamelijk ideale situatie.”

Toch blijft geld de belangrijkste drijfveer om banen te combineren. Liefst 20 procent van de slashers combineert de banen puur uit financiële noodzaak. Pedagoge Aukje Steenhuizen (28) werkt twee dagen als gastouder bij een gezin met drie kinderen van 2, 4 en 6 jaar. Dat combineert ze met twee keer een halve dag activiteiten begeleiden bij dementerende ouderen én tweeënhalve dag poetsen en strijken als thuishulp. Met name dat laatste baantje is onder haar niveau, voegt ze toe, maar iets anders kan ze niet krijgen.

Daarnaast zijn er veel slashers die „voorsorteren op een ander beroep”, volgens onderzoeker Dorenbosch. Het gaat dan om mensen die uitkijken naar een andere baan, omdat ze bijvoorbeeld hun eigen baan dreigen te verliezen, of worden geconfronteerd met andere onzekerheid. Hanna Wimmenhove (23) bijvoorbeeld, heeft haar master multiculturalisme afgerond en een nul-urencontract als onderzoeksassistent. Toch blijft ze één dag in de week werken in de thuiszorg, net als in haar studententijd. „Mijn werk als onderzoeksassistent is erg flexibel. Nu is het fulltime, maar over een paar weken kan dat weer anders zijn.”

Nederlander koploper kleine banen

Het hebben van meer banen past bij deze tijd, zegt onderzoeker Dorenbosch. Voor jongeren kan slashen een manier zijn om een brede ervaring op te bouwen. Drie banen zien er immers beter uit dan één op je LinkedIn-profiel. Interieurontwerper Myrthe Schoots (25) werkt twee dagen in de week bij een architectenbureau in Amersfoort. Daarnaast werkt ze drie dagen bij een interieurontwerpbureau. En ze heeft daarnaast haar eigen meubel- en interieurontwerpbureau. „Doordat ik drie banen heb, heb ik het voor mezelf interessanter gemaakt. Het één is meer technisch, bij de ander overleg ik met mensen zelf. Voor de financiën doe ik het niet, zoveel verdien ik niet. Ik doe het puur voor de werkervaring. Je wordt er wel echt een ondernemer van.”

Nederlanders houden er in vergelijking met de meeste andere Europeanen en Amerikanen relatief vaak meerdere banen op na. Alleen Scandinaviërs combineren vaker banen. Dat komt doordat er in Nederland veel in deeltijd wordt gewerkt. Liefst 49,8 procent van de Nederlandse werknemers deed dat in deeltijd in 2012, blijkt uit cijfers van Europees statistiekbureau Eurostat. Dat is het hoogste percentage van Europa, gemiddeld is dat 19,9 procent. „Wij zijn koploper van de kleine baantjes”, zegt onderzoeker Dorenbosch. „Vroeger was dat uitstekend, want het heeft geholpen om vrouwen op de arbeidsmarkt te krijgen.”

Maar aan die ruime deeltijdmogelijkheden zit ook een keerzijde. Eén op de vijf parttimers zei vorig jaar meer uren te willen werken dan mogelijk in hun deeltijdbaan. Dat is een toename van 10 procent in tien jaar. Dorenbosch: „Werkgevers kunnen door de crisis niet altijd fulltime banen bieden of de beloofde urenuitbreiding waarmaken. Dan ontstaat er een situatie waarin een deel van de werknemers op zoek gaat naar meer uren in een tweede baan.”

Het moet wel bij je passen, drie deadlines bij drie afzonderlijke werkgevers.

Flexibel, creatief, ondernemend, open voor verandering en nieuwsgierig zijn kenmerken van de slasher volgens Marci Alboher, auteur van One Person/Multiple Careers: A New Model for Work/Life Success, en bedenker van de term. Flexibel is theoloog Johanneke Bosman (33) zeker. Afhankelijk van de vraag werkt ze een paar uur per week als pastoraal werker, daarnaast is ze een webwinkel begonnen voor religieuze gebruiksvoorwerpen. Die is nog niet helemaal rendabel. „Hoeft ook niet, daarvoor heb ik mezelf vijf jaar gegeven”, zegt Bosman. Daarom werkt ze daarnaast ook nog in een serviceflat in de Bijlmer en er heeft ze zelfs nog een vierde baan: Bosman verhuurt zichzelf ook als reisleider naar religieuze bestemmingen. Bosman houdt van die verandering. „Alles bij elkaar houdt het mij scherp”, zegt Bosman, „Ik ervaar het als positieve kruisbestuiving.”

Met slashen kunnen jongeren aan het werk komen en voor oudere werknemers is het een goede manier om langer door te werken, zegt Dorenbosch. „Ik ken iemand die fulltime werken in de zorg te zwaar vond. Maar ze hield wel van het werk. Ze koos daarom voor een constructie die gezonder voor haar was: drie dagen werken als verpleegkundige en een lichter baantje ernaast. Zo kan het ook.”