Financieel wanbeleid bij Utrechtse milieudienst

Rijk dwingt gemeenten diensten samen te voegen. Dat zorgt voor klachten over een gebrekkige democratische controle.

De directeur van de Utrechtse regionale milieudienst, Nienke Sikkema, is in een besloten vergadering door het algemeen bestuur geschorst wegens financieel wanbeleid bij de organisatie. Dit bevestigt een woordvoerder van de dienst na vragen van deze krant. De organisatie (Omgevingsdienst Regio Utrecht, ODRU) is verantwoordelijk voor de omvorming van gemeentelijke milieudiensten in de provincie tot één grotere regionale milieudienst.

De ODRU heeft vanaf de oprichting in 2012 in minder dan een half jaar tijd een tekort opgebouwd van ruim 700.000 euro, blijkt uit een verslag van accountant Ernst & Young. Dat tekort loopt dit jaar naar verwachting op tot ruim 1,2 miljoen euro. De jaarrekening van het jaar 2012 is nog niet goedgekeurd. De ODRU werkt voor veertien gemeenten en wordt gefinancierd met belastinggeld. Het tekort is ontstaan door het doen van „ongeautoriseerde uitgaven” voor de inzet van eigen personeel, externe inhuur van personeel, hoog ziekteverzuim en hoge huisvestingskosten. De totale begroting voor het project bedroeg 1,4 miljoen euro. Uit stukken die zijn verzonden aan diverse gemeenteraden blijkt dat er een intern onderzoek loopt naar de financiën.

De Omgevingsdienst Regio Utrecht is de bestuurlijke voorloper van de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht, waarin 26 gemeenten hun milieudiensten moeten onderbrengen. Die fusie is opgelegd door de rijksoverheid. De diensten verzorgen lokaal milieubeleid en voeren taken uit als asbestbestrijding, bodembeheer, de verbetering van luchtkwaliteit en tegengaan van geluidsoverlast. De Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht zou op 1 januari 2014 moeten beginnen, maar dit wordt naar verwachting niet gehaald.

Wethouder Kees Schouten (ChristenUnie/SGP, De Ronde Venen), lid van het algemeen bestuur van de ODRU: „De positie van de algemeen directeur was niet meer te handhaven.” Volgens Schouten zijn de problemen bij de ODRU een gevolg van de samenvoeging van vele lokale milieudiensten: „Bij een dergelijke organisatie schort het aan een democratische legitimiteit. De gemeenteraden moeten deze organisatie controleren, maar het is erg ver van hun bed. Ze kunnen hun controlerende taak erg lastig uitvoeren. Dat is een gevaar.”

De verliezen worden gedeeld onder de deelnemende gemeenten. Voor De Ronde Venen betekent het tekort op dit moment een verlies van 65.000 euro, wat kan oplopen tot boven de 100.000 euro. Schouten: „Voor een kleine gemeente is dat veel geld.” Raadslid Jan Rouwenhorst (CDA, De Ronde Venen) maakt zich „ernstige zorgen” over de kwestie. Hij stelt dat deelnemende gemeenten „een strop om de nek” krijgen. Ze investeren in de ODRU, maar kunnen daar niet uit stappen vanwege een forse boeteclausule. Rouwenhorst: „We willen een vinger aan de pols houden, maar staan zo goed als machteloos omdat we erg summier geïnformeerd worden.”

Een woordvoerder van de ODRU zegt dat er op korte termijn een interim-directeur komt. Het dagelijks bestuur heeft van het algemeen bestuur de opdracht gekregen begin november met een plan te komen om de financiën op orde te krijgen. Schouten: „Mocht dit niet goed gaan, kunnen we alsnog het vertrouwen in het dagelijks bestuur opzeggen.”

    • Enzo van Steenbergen