Voor het grote geld is HGC te klein

HGC dreigde vorig seizoen te degraderen uit de hoofdklasse. Ondanks het vertrek van de beste spelers is de Wassenaarse club dit seizoen als enige ongeslagen. Maar HGC zal moeten groeien wil het echt meedoen.

Foto Robin Utrecht

Sportcomplex De Roggewoning stond gistermiddag voor het grootste gedeelte blank, maar de trouwe supporters van HGC wilden zich de kans niet laten ontglippen: zo vaak is de Wassenaarse club met het roemrijke verleden tegenwoordig geen koploper meer in de hoofdklasse. En ze werden beloond onder hun verfrommelde paraplu’s, want ook na de onstuimige klassieker tegen Amsterdam van gistermiddag – de enige twee hoofdklassers die nooit degradeerden – is HGC dit seizoen als enige ongeslagen (3-3).

Het is een complete metamorfose voor een club die vijf maanden geleden nog tegen degradatie streed en vervolgens zijn beste spelers zag vertrekken. „We zitten in een fantastische flow”, zegt voorzitter Tjeerd Boven. Het belangrijkste verschil met vorig seizoen? „Dirk Loots”, zegt hij onomwonden.

Oud-international Loots was in 2011 al even interim-coach van HGC. Toen veroverde hij prompt de belangrijkste beker uit de clubgeschiedenis, de Euro Hockey League. Door zijn werk in het bedrijfsleven was hij pas dit seizoen weer beschikbaar als coach voor zijn oude club. „Dirk heeft een nieuwe spirit in het team gebracht, waardoor spelers blind voor elkaar gaan”, zegt oud-international Bram Lomans, in het HGC-bestuur verantwoordelijk voor tophockey. „Vorig jaar zag je allemaal strakke bekkies in het veld. Dirk zegt tegen de spelers: maak maar fouten, maak maar lol op het veld. Waarom ben je ooit gaan hockeyen? Zo werkt hij ook met zijn onderneming: hij laat mensen in het bedrijfsleven beter presteren.”

Veel te klein

Slimmer zijn dan de rest, dat is voorlopig het lot van HGC, dat in 1996 voor het laatst landskampioen werd, met topinternationals als Lomans, Marc Delissen en Stephan Veen. Maar met zo’n 1.300 leden is HGC veel te klein om te concurreren met Rotterdam, Amsterdam of Kampong, hockeyclubs met tegen de drieduizend leden. „Als HGC kampioen wil worden, hebben we nog twee goede spelers nodig”, zegt Boven. „Dan zul je je budget moeten gelijktrekken met de grote clubs. Ten opzichte van hen mist HGC jaarlijks 1.700 keer 350 euro contributie, dat is een ruim half miljoen.”

Dure buitenlanders inhuren is er dus niet bij voor HGC – en voor Den Haag liggen altijd kapers op kust. HC Rotterdam bijvoorbeeld. De landskampioen plukte deze zomer international Seve van Ass en Floris Benschop weg uit Wassenaar. Een jaar eerder had toenmalig clubtopscorer Timmo Kranstauber dezelfde transfer gemaakt. „Wij kunnen niet op tegen het geld van Rotterdam”, zegt Lomans. „Ze kunnen daar minimaal drie keer zoveel krijgen als bij HGC, ze strijden om de titel, ze spelen Euro Hockey League.” Salarissen blijven altijd geheim in het hockey, maar een modaal inkomen (33.000 euro bruto) haalt niemand.

HGC heeft nog een ander nadeel. Waar de Wassenaarse club vroeger traditiegetrouw dreef op studenten uit Rotterdam en Leiden, moet HGC tegenwoordig de boer op om talenten te trekken. Sinds de opkomst van HC Rotterdam, vorig seizoen voor het eerst landskampioen, is een belangrijke ader weggevallen. „We zijn een jaar of vijf geleden meer gaan focussen op de jeugd”, zegt Lomans. „En we krijgen jonge spelers van clubs die bij ons meer kansen krijgen, zoals Rik van Kan van Bloemendaal, dat was vroeger ondenkbaar. Die speelde daar niet zo vaak omdat er weer een Australiër op zijn plaats stond.”

Het zal dus lastig worden serieus mee te doen om de landstitel, ook al presteert HGC nu boven alle verwachtingen. Lomans: „Ik denk dat wij rond de plaatsen vier, vijf en zes thuishoren, misschien nog niet eens dit seizoen. Dan speel je incidenteel play-offs en Euro Hockey League. Als wij tot de laatste ronde meedoen om de play-offs hebben we een goed seizoen.”

Fusie

Of HGC moet de eigen schaal vergroten, bijvoorbeeld door een fusie met één of meer andere Haagse clubs, zoals buurman Groen Geel, HDM of Klein Zwitserland – ooit onverslaanbaar in Nederland, maar nu al een paar jaar in de overgangsklasse.

Over zo’n Haagse fusie wordt al jaren gesproken, maar concrete plannen zijn er niet, zegt HGC-voorzitter Boven. „Als je in Den Haag op termijn tophockey wilt kunnen garanderen, moet je naar schaalvergroting, dat staat voor mij als een paal boven water. Maar met een fusie tussen Klein Zwitserland, HDM en HGC krijg je een club van vijfduizend leden. Dat is volslagen onmogelijk, dat wordt een fabriek.”

Geen enkele regioclub wil verhuizen naar het complex van een van de andere Haagse clubs, dus de patstelling blijft. Boven: „Je hebt een gezamenlijke accommodatie nodig. Zowel Klein Zwitserland als HDM is een interessante optie. Maar ik krijg Klein Zwitserland niet naar De Roggewoning, en HGC wil niet naar Klein Zwitserland.” Blijft over Groen Geel, directe buurman van HGC. „Onbegrijpelijk dat dit nooit is gebeurd”, zegt Lomans.

Ook Boven noemt Groen Geel, een club zonder jeugdafdeling, de „meest natuurlijke fusiepartner” voor HGC. Er is alleen één probleem met Groen Geel, weet Boven. „Ze willen geen jeugd, en de leden willen bovendien geen tophockey.”

    • Rob Schoof