VN-chef kiest Nederlandse Kaag om gifgasmissie Syrië te leiden

VN’er Sigrid Kaag krijgt de leiding over de missie die het Syrische gifgas moet opruimen.

Ze spreekt zes talen, waaronder Arabisch. Ze bekleedde de afgelopen jaren in New York een hoge positie op het hoofdkwartier van de de UNDP, de ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties. En nu heeft VN-chef Ban Ki-moon haar voorgedragen om de missie te leiden die alle chemische wapens van Syrië moet opruimen. Als de Veiligheidsraad haar benoeming woensdag goedkeurt, zoals de verwachting is, dan krijgt de Nederlandse Sigrid Kaag (51) de verantwoordelijkheid voor een bijzonder moeilijke en gevaarlijke operatie, die bovendien in de hele wereld met argusogen zal worden gevolgd.

Kaag is een ervaren en gerespecteerde VN-functionaris, die al sinds 1994 in verschillende landen voor de volkerenorganisatie werkt. Daarvoor was ze diplomaat bij het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken en werkte ze bij Shell in Londen. Kaag studeerde Midden-Oosten-studies en internationale betrekkingen in Kairo, Oxford en Exeter.

Vrijdag besloot de Veiligheidsraad dat een gezamenlijke missie van de VN en de OPCW, de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, belast wordt met de vernietiging van het Syrische gifgasarsenaal. Een „speciale coördinator” krijgt de leiding van deze operatie, die vanuit Damascus en Cyprus zal werken.

Vrijdag was al duidelijk dat Kaag kans maakte op de positie. Vóór 1 juli 2014 moeten alle chemisch wapens vernietigd of het land uitgebracht zijn. Dat is een bijzonder korte periode voor zo’n omvangrijke taak, die bovendien uitgevoerd moet worden terwijl er een bloedige burgeroorlog woedt.

Kaag, getrouwd met een Palestijnse man, heeft het Midden-Oosten goed leren kennen toen ze van 2007 tot 2010 regionaal directeur Midden-Oosten en Noord-Afrika was van UNICEF, de kinderorganisatie van de VN. Ze werkte vanuit de Jordaanse hoofdstad Amman en gaf leiding aan zo’n duizend man, verspreid over negentien landen en de Palestijnse gebieden.

Tijdens de korte Gaza-oorlog (eind 2008 tot begin 2009) sprak ze in de internationale media over de ernstige, ook psychologische, gevolgen van de oorlog voor kinderen. Eerder al, van 1994 tot 1997, had Kaag gewerkt voor UNWRA, de VN-organisatie die zich bezighoudt met hulp aan Palestijnse vluchtelingen.

Met de problematiek van vluchtelingen hield Kaag zich ook bezig toen ze van 1998 tot 2004 in Genève werkte voor de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM). Sinds 2010 was ze in New York bij de UNDP hoofd externe relaties in de rang van assistent secretaris-generaal.

Kaag heeft zich in haar loopbaan bij de Verenigde Naties en Buitenlandse Zaken nooit met ontwapeningsvraagstukken beziggehouden. De OPCW had misschien liever een wapendeskundige als leider van de missie naar Syrië gestuurd. Ban koos met Kaag voor iemand die de regio goed kent, Arabisch spreekt en vertrouwd is met het functioneren van de Verenigde Naties.