‘Libiërs beschoten onze boot’

Zeker 34 migranten kwamen om toen hun boot vrijdag omsloeg, op weg naar Europa. Overlevenden vertellen hoe ze te water raakten. De premier van Malta is boos. „Malta en Italië staan in de kou.”

Hun boot was nog maar een paar honderd meter uit de Libische kust, toen een boot vol gewapende mannen hen in het vizier kreeg. „Ze riepen dat we moesten stoppen. Maar de kapitein voer gewoon door”, vertelt de Syrisch-Palestijnse vluchteling Molham al-Rosan (24), twee dagen nadat hij en zijn familie schipbreuk leden op weg naar Europa. Daarop richtten de mannen hun wapens op de boot. Zijn vader pakte een van de kinderen op, hield het omhoog en riep nog: niet schieten! Er zijn kinderen aan boord. „Even later schoten ze toch.”

De kogels raakten niet alleen enkele opvarenden in hun arm en been. Ook de boot werd beschadigd. „We wisten vervolgens te ontkomen, maar de boot maakte water. Het leek eerst een klein probleem, maar dit werd steeds groter”, vertelt Al-Rosan, zittend op het onderste matras van een stapelbed.

„Hoe verder we de zee opvoeren, hoe meer water er binnenkwam. Toen de zee wilder werd, begon de boot steeds heftiger te schommelen. Van links naar rechts en weer terug. Totdat we omsloegen en iedereen in het water belandde. Ik heb zo veel mensen zien verdrinken, vooral de kinderen.”

Zeker 34 mensen, en waarschijnlijk nog tientallen meer, kwamen vrijdag om bij opnieuw een schipbreuk in de Straat van Sicilië, het smalle stuk Middellandse Zee tussen Noord-Afrika en Italië en Malta.

De Maltese premier Joseph Muscat greep het incident aan om in Europa opnieuw aandacht te vragen voor de problematiek. „Malta en Italië staan in de kou. Het wordt tijd voor actie”, zegt hij vandaag in deze krant. „We zullen ons in Europa ferm opstellen. Ik zal mijn collega’s in Noord-Europa duidelijk zeggen dat we tot nu toe alleen maar loze praat hebben gehoord.” Eerder had hij al gezegd dat de Middellandse Zee verandert in een kerkhof.

Het na de grote scheepsramp bij Lampedusa, begin deze maand, opgelaaide debat in Europa over de vluchtelingenproblematiek krijgt een nieuwe impuls met dit laatste drama. Italië wil uitgebreid over vluchtelingen en migranten praten op de Europese top later deze maand.

Van de vooral Syrische opvarenden op de boot konden vrijdag 206 mensen gered worden. Vlak voordat hun boot zou omslaan, belden de vluchtelingen met een satelliettelefoon eerst naar de Italiaanse kustwacht. Die verwees hen door naar de Maltese collega’s. De boot voer weliswaar dichter bij het Italiaanse Lampedusa, maar bevond zich officieel in Maltese wateren. Uiteindelijk kwamen Italië en Malta samen in actie en namen respectievelijk 56 en 150 van de overlevenden op. Schattingen van het totaal aantal opvarenden lopen uiteen van 250 tot wel 400. Ook vanmorgen werd er nog gezocht naar lichamen.

In Rome heeft de Italiaanse premier Enrico voor vandaag spoedoverleg ingelast met de ministers van Binnenlandse Zaken, Defensie en Buitenlandse Zaken. Hij had gisteren aangekondigd dat Italië veel intensiever wil gaan patrouilleren in het uitgestrekte gebied tussen Sicilië/Lampedusa en Noord-Afrika. Doel van deze patrouilles, zei Letta, is nieuwe menselijke tragedies zoals die van de afgelopen dagen te voorkomen.

    • Merijn de Waal