Erben rijdt weer rondjes – voor de lol

Achtvoudig wereldkampioen Erben Wennemars werd zaterdagavond vierde bij zijn rentree als langebaanschaatser bij de IJsselcup in Deventer. „Ik ging zo hard weg als ik kon.”

Wennemars op de avond van zijn rentree in het wedstrijdcircuit tijdens de 44ste editie van de IJsselcup in Deventer. Foto Eric Brinkhorst

Niet voor iedereen was het een feestje. Toen Erben Wennemars (37) zaterdagavond in Deventer nietsvermoedend schaatshal De Scheg binnenkwam, getuigden de bloedvlekken op de straatstenen nog van het ongeluk van zijn collega-schaatser Aron Romeijn, die zichzelf even daarvoor een diepe vleeswond had bezorgd door in een val met zijn rechterschaats zijn linkeronderbeen open te rijten. Het gaat naar omstandigheden overigens goed met de onfortuinlijke rijder uit Ottoland.

Nadat Romeijn per ambulance was afgevoerd, was het de beurt aan Wennemars. Bijna vier jaar na zijn afscheid als professionele langebaanschaatser besloot de achtvoudig wereldkampioen uit Dalfsen, die zich nu vooral profileert als marathonschaatser, het weer eens te proberen op de 1.500 meter.

Vooraf was er veel gespeculeerd over het doel van Wennemars’ rentree. Was het hem te doen om de aandacht? Wilde hij een A-status heroveren om deelname aan een eventuele Elfstedentocht veilig te stellen? Of was het een serieuze comeback, in dit olympische seizoen?

Niets van dat al, bezwoer de lichtelijk nerveuze schaatsveteraan – „ik ben al tien keer naar de wc geweest” – voorafgaand aan zijn race. „Dit is gewoon leuk. Ik heb wel veel geschaatst de afgelopen tijd, dus dit komt niet helemaal uit het niks. Maar ik doe het voor de lol. Omdat ik van schaatsen houd.”

Het persoonlijk record van Wennemars op de 1.500 meter is liefst tien seconden sneller dan dat van veel andere deelnemers – 1.42 om 1.52. Maar zou hij hier een rol van betekenis kunnen spelen, naast zijn betrekkingen als schaatscoach, radiopresentator, voetbalcommissaris (FC Zwolle), begeleider van topsporters en marathonschaatser?

Na veel oponthoud, door het ongeval van Romeijn en extra dweilpauzes vanwege de overvloedige regen, kwam Wennemars om kwart over tien als eerste deelnemer op deze afstand aan de start op de semi-overdekte ijsbaan in Deventer. Met een ouderwets scheve grijns tijdens het schaatsen opende hij betrekkelijk langzaam, in 25,06, maar een vlakke race bracht hem de acceptabele eindtijd van 1.52,92.

Had hij bewust zo vlak gereden? Nee, zei Wennemars kort na zijn rit. „Ik ging zo hard weg als ik kon, maar ik mis de snelheid nog. Dat ik weinig verval had, komt denk ik door mijn inhoud als marathonschaatser.”

En weg is Erben weer. Even kijken wat de concurrentie doet – zo competitief is hij dan ook wel weer. Veel schaatsers komen bij lange na niet aan de tijd van de veteraan, maar uiteindelijk weten drie rijders hem nipt voor te blijven. Winnaar is Thomas Knol, in 1.52,46, voor Rhian Ket en Jos de Vos.

Zijn vierde plaats geeft Wennemars recht op deelname aan het NK afstanden, over twee weken in Heerenveen. „Ik denk wel dat ik het NK rijd”, aldus Wennemars. „Maar als ik meedoe, ben ik gewoon vulling. Wereldbekerwedstrijden, dat doe ik niet meer. Daar heb ik ook helemaal geen tijd voor”. Een etmaal eerder stond Wennemars op dezelfde baan in Deventer nog schaatsles te geven. En als zijn race wat eerder was begonnen, had hij zich daarna nog naar Amsterdam gespoed om een marathon te rijden.

Echt serieus is zijn rentree dus niet. Maar zijn aanwezigheid in Deventer was „spanning en sensatie”, aldus olympisch kampioen Mark Tuitert. „Ik kan me absoluut niet voorstellen dat ik dit doe als ik bijna 38 ben.” Voormalig olympisch kampioen Gerard van Velde, nu trainer van de ploeg beslist.nl, noemde het een „dappere poging” van zijn oud-collega. „Dit past bij Erben. Aandacht, daar houdt hij van. Ik denk dat hij het iets eerder had moeten plannen als hij een serieuze comeback had willen maken. Maar hij mag gerust een keer met ons meetrainen.”

    • Derk Walters