Een concurrent voor het ANC

Met zijn nieuwe partij wil oud-ANC-jeugdleider Julius Malema de massa bevrijden. Zijn voorbeeld: Hugo Chávez.

Malema’s aanhang zingt en danst op de eerste partij bijeenkomst van de EFF Foto bram lammers

Politicus Julius Malema zet een mes in de nek van de stier. Bloed vloeit op de aarde van het mijnstadje Marikana, zo’n twee uur rijden van Johannesburg. Met het offer vraagt hij de geesten zijn nieuwe politieke partij te steunen, de Economic Freedom Fighters (EFF).

De partij werd gisteren officieel gelanceerd. Duizenden Zuid-Afrikanen waren naar het mijnstadje gekomen om de geboorte van de eerste populistische partij van het land bij te wonen. De EFF zegt te vechten voor de ‘economische bevrijding’ van zwarte Zuid-Afrikanen.

Al jarenlang is het ANC, de partij van oud-president Nelson Mandela die Zuid-Afrika bevrijdde van het apartheidsjuk, almachtig. Maar bijna twintig jaar na de eerste democratische verkiezingen wordt het ANC steeds meer gezien als een partij waarvan de leden vooral hun eigen zakken vullen, een partij die de armen is vergeten.

Malema zegt dat het EFF het échte ANC is, dat alle Zuid-Afrikanen een beter leven wil geven. In 2012 werd hij het ANC uitgezet voor het zaaien van tweespalt nadat hij in botsing was gekomen met president Jacob Zuma. Het EFF is zijn comeback.

Het publiek op de dorre vlakte is arm, jong en gefrustreerd. Vorig jaar waren meer dan drie miljoen Zuid-Afrikanen tussen de 15 en 34 jaar werkeloos, op een bevolking van 51,8 miljoen. De jeugd is minder loyaal aan het ANC omdat ze vinden dat de partij niet meer kan teren op het verleden.

Er klinkt gegrom van motoren. Onder motorescorte rijdt Malema in een BMW naar het podium. Deze voorheen arme jongen uit de provincie Limpopo, houdt ervan te tonen dat hij het heeft gemaakt. Het publiek smult ervan. Ze hopen te kunnen delen in de weelde als ze kiezen voor Malema’s socialistische beleid.

Op zijn hoofd heeft Malema een rode baret, zijn handelsmerk als revolutionair, naar voorbeeld van de voormalige president van Venezuela, de overleden Hugo Chávez. Malema wordt ook geen partijleider genoemd, maar hoofdcommandant. De supporters van het EFF zijn geen aanhangers maar soldaten. Malema roept zijn troepen op om met hem mee te vechten.

Zijn manifest is radicaal. Malema wil de mijnen nationaliseren en het land van blanke boeren innemen zonder hen daarvoor te compenseren. „Tot de dag van vandaag schrikken ze (de blanken) er niet voor terug om onze mensen te doden,” schreeuwt hij door de microfoon „Ze willen dat we voor hen knielen. Maar we gaan niet smeken om land. Geef het land aan ons terug!”

De keus voor Marikana voor deze toespraak is geen toeval. Hier schoot de Zuid-Afrikaanse politie ruim een jaar geleden 34 mijnwerkers dood die staakten voor hoger loon. Het bloedbad was een aanwijzing dat er voor hen na bijna twintig jaar in een vrij Zuid-Afrika weinig is veranderd.

De EFF boezemt angst in, vooral bij blanke Zuid-Afrikanen op het platteland. Maar iemand als Malema, die zegt wat eigenlijk niet kan, is nodig, meent politiek analist William Gumede. “Ik zie geen gevaar in Malema. De partij krijgt misschien wel acht procent van de stemmen te pakken maar ze kan nooit domineren.”

Oppositiepartijen in Zuid-Afrika zorgen voor een gezonder politiek systeem. De grootste oppositiepartij is nu de Democratische Alliantie, maar die partij wordt vooral gezien als een blanke partij en heeft moeite de zwarte bevolking achter zich te krijgen. Naast de EFF doet bij de verkiezingen volgend jaar nog een andere nieuwe partij mee, Agang, opgericht door Mamphela Ramphele. Zij is de oud-geliefde van Steve Biko, voorman van de Black Consciousness-beweging, die vocht voor de rechten van zwarte Zuid-Afrikanen. Toch is het vooral Malema die in toespraken schermt met Biko’s naam. Ramphele’s partij spreekt vooral de zwarte middenklasse aan, en die groep is veel kleiner dan de arme massa.

Hoever de EFF uiteindelijk zal komen is nog een open vraag. Malema moet komende maand voor de rechter verschijnen op beschuldiging van corruptie en witwassing. Dat kan zijn opmars verhinderen. Maar vooralsnog wuiven zijn aanhangers, die boos zijn op het ANC wegens corruptie, de beschuldigingen tegen hun leider weg. „Malema is eerlijk,” zegt een werkloos meisje met een baret op haar hoofd ferm. „Het ANC zit achter de rechtszaak omdat ze hem buiten spel willen zetten.”

Ze heeft een nieuwe held nodig, zegt ze. En Malema is nu haar enige hoop.