De waarheid liegen

‘Degenen die de toekomst pretenderen te kennen liegen, ook al spreken zij toevallig de waarheid’, zo luidt een oude Arabische wijsheid, die het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) aanhaalt in zijn rapport over de gevaren en kansen die de komende tijd op Nederland afkomen.

Een paar van die leugens die misschien wel eens waar zouden kunnen worden, zijn de moeite van het vertellen waard. Zo constateert het PBL dat de olieprijs waarschijnlijk niet meer onder het niveau van voor 2006 zal komen, hoewel de revolutie rond schaliegas en -olie in de VS (die niemand een jaar of tien geleden zag aankomen, en waarvan natuurlijk nog wel moet worden afgewacht hoelang die duurt) wel voor een verrassing hebben gezorgd.

Aardig is wat het planbureau over het klimaat schrijft. Het gaat hier niet over een ontwikkeling die zeer waarschijnlijk zal gebeuren, maar over een ‘what if’ scenario, een stel dat…

Als klimaatverandering geleidelijk verloopt, zoals de meeste scenario’s verwachten, heeft Nederland tijd genoeg, en waarschijnlijk ook geld en kennis genoeg om zich aan te passen – in tegenstelling tot sommige andere landen. Maar stel nou eens dat het anders gaat, schrijft het PBL, dat klimaatverandering schoksgewijs gaat; eerst langzaam, en dan ineens een stuk sneller.

Dat scenario is overigens iets minder denkbeeldig dan het lijkt, blijkt uit de beschrijving:

Het eerste, vertraagde deel van de klimaatschommeling, is in feite nu gaande. De mondiale opwarming is over de afgelopen 15 jaar trager verlopen dan gemiddeld: de temperatuur aan het aardoppervlak is in deze periode namelijk nauwelijks gestegen. Voor sommige commentatoren is deze vertraging reden geweest om te twijfelen aan de ernst van de klimaatverandering. Zou het dan toch meevallen?

Vervolgens leggen de onderzoekers uit hoe dit ‘hiaat’ mogelijk is ontstaan. Waarna het heel simpel is om het versnelde scenario te beschrijven: de zon wordt weer actiever en zijn even geen ‘remmende’ vulkanen, variatie in oceaanstromingen vallen juist ongunstig uit voor de temperatuur en de oceanen nemen niet méér maar juist minder warmte op.

De effecten daarvan zouden kunnen zijn: problemen met het opwekken van stroom (piekbehoefte als airco’s op volle toeren draaien, gebrek aan koelwater om aan de vraag te kunnen voldoen), rioleringen die overstromen bij extreme regenval, binnenvaart die in de problemen komt bij droogte, landbouw die onvoldoende kan irrigeren.

Het zijn maar een paar voorbeelden en nog steeds geldt, dat Nederland weliswaar last zal hebben van de weersextremen, maar ze wel onder controle kan houden. Iets anders is, volgens het PBL, of dat ook internationaal het geval zal zijn. Of ontwikkelingslanden de middelen hebben om zich aan de veranderingen aan te passen.

Als laatste noemen de onderzoekers het risico dat ‘een coalitie van landen opstaat omdat ze het nodig vindt drastisch in te grijpen in de klimaatverandering’:

Landen als de Verenigde Staten, China, Rusland en India kunnen in een relatief korte tijd worden geconfronteerd met een reeks klimaatrampen, waaronder exceptionele droogtes, overstromingen en superstormen, met duizenden doden, ontheemden en miljarden dollars schade als gevolg. Wanneer ze klimaatverandering als belangrijke oorzaak onderkennen, zullen ze een voorstel doen voor het koelen van de planeet door ‘klimaatengineering’.

Laten we er vooral voor zorgen dat deze leugen nooit bewaarheid wordt.

 

    • Paul Luttikhuis