Spaanse rechter wil ex- leider China vervolgen

De Spaanse justitie stelt een onderzoek in tegen de dit jaar afgetreden Chinese president Hu Jintao om vast te stellen of hij zich als partijleider in Tibet in de jaren tachtig schuldig heeft gemaakt aan genocide, zoals Tibetaanse ballingen in Spanje stellen.

De rechters van de Audiencia Nacional, het gerechtshof in Madrid dat alle grote strafzaken afhandelt, verklaarden een aanklacht tegen Hu Jintao van een tot Spanjaard genaturaliseerde Tibetaan, Thubten Wangcheng, vrijdag ontvankelijk.

Sinds 2005 is in Spanje wetgeving van kracht die het mogelijk maakt gevallen van genocide en andere gevallen van massale moord waar ook ter wereld te berechten. Zulke misdaden hebben volgens Spanje een universeel karakter en moeten daarom ook in Spanje kunnen worden berecht. Voorwaarde is wel dat zulke misdaden in de betreffende landen niet ook al worden berecht.

Eerder hadden de Spaanse rechters aanklachten ontvankelijk verklaard tegen zeven andere Chinezen, onder wie oud-president Jiang Zemin en de voormalige premier Li Peng. Ze worden door de Tibetaanse ballingen beschuldigd van „genocide, misdaden tegen de menselijkheid en terrorisme tegen het Tibetaanse volk” in de jaren 1980-90. De zaak loopt sinds 2008.

Eerder was eenzelfde verzoek tegen Hu Jintao afgewezen, omdat hij als staatshoofd onschendbaar zou zijn. Hu trad dit voorjaar af als president. Van 1988 tot 1992 was hij secretaris-generaal van de communistische partij in Tibet. Het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken stelde in een reactie dat de Tibetaanse kwestie een Chinese aangelegenheid is.