Het publiek weet: daar gaan we!

Nicolas Jaar en Dave Harrington vormen samen het duo Darkside Op hun debuut-cd Psychic hoor je diep zoemende baslijnen Ze draaien volgende week op het Amsterdam Dance Event

Muziekrecensent

Toen house vijfentwintig jaar geleden ontstond, draaide de muziek vooral om verbondenheid. De dansende menigte die urenlang opging in een ononderbroken stroom beats – meer nog dan bij andere muziekstijlen werd door de dj’s en hun aanhang het streven naar gemeenschapszin benadrukt.

Voor Nicolas Jaar en Dave Harrington, samen het duo Darkside, is die verbondenheid nog altijd het ideaal. Jaar (23) en Harrington (28) proberen het te bereiken met live gespeelde elektronica. Hun voorbeeld: improvisatieband The Grateful Dead.

Op een ochtend in Amsterdam zegt Harrington: „Zonder al te hippie-achtig te willen klinken, denk ik dat de danceclub op dit moment de perfecte omgeving is om dat gevoel van eenheid te bereiken, door de interactie tussen publiek, muzikant of dj. Ik zie het als een spirituele ervaring. Dezelfde soort als The Grateful Dead, beroemd om hun lange improvisaties, destijds wist op te wekken.”

Jaar debuteerde in 2011 met de cd Space Is Only Noise, dat langzamer en introverter klonk dan de gemiddelde dancetrack, maar toch door het dancepubliek werd omarmd – wellicht om het koesterende en kalmerende effect van Jaars klepperende, gonzende en subtiel echoënde beats.

Sinds twee jaar werkt Jaar, Chileen van afkomst en als tiener naar New York verhuisd, samen met New Yorker Dave Harrington. Hun vorige week verschenen debuut-cd Psychic bestaat uit acht losse nummers maar laat zich beluisteren als één lange compositie, die zweeft en meandert. Psychic verleidt met elektronische nevel en gearticuleerd gitaarspel; dansbeats zwellen aan tot tribale strijdritmes om vervolgens af te buigen richting koesterende klankschalen en percussief gefriemel waar de stemmen van Jaar en Harrington als geestgezang doorheen cirkelen. Prachtig is bijvoorbeeld het nummer Paper Trails, een combinatie van diep zoemende baslijnen en Harringtons rokerige gitaarsound.

Jaar noemt de stijl van Darkside minder luchtig dan zijn eerdere werk. „Dat ging voornamelijk over meisjes, over verliefd zijn. Nu zijn de thema’s, zowel in tekst als in sfeer, moeilijker te verwoorden dan liefde of romantiek. De muziek is duisterder.”

Nicolas Jaar, die afgestudeerd is in vergelijkende literatuurwetenschap, belandde als achttienjarige per ongeluk in de dancescene. „Tot die tijd ging ik nooit uit, maar ik werd plotseling omarmd door het dancepubliek. Een vloek en zegen tegelijk. Sindsdien hoor ik bij het nachtleven.”

Dave Harrington, geschoold als jazzgitarist, trad tot voor kort vooral op in het New Yorkse galeriecircuit. „En soms in een rockclub, ik ben altijd een grungefan geweest, van Nirvana en Soundgarden.” Door de samenwerking met Jaar heeft hij zijn terrein verlegd. Want hoewel in hun muziek geen dancewet wordt nageleefd – te weinig beats per minute, te gevarieerd – spelen ze voornamelijk in danceclubs. Ze introduceerden er een nieuw element: dat van de live gespeelde elektronische performance.

„Veel mensen denken dat een elektronische muzikant alleen maar op ‘Play’ hoeft te drukken”, zegt Jaar. „Maar ik speel orgel, ik zing en bedien de tracks op mijn sequencer. Op mijn computerscherm staan vier geluidssporen, die ik tijdens het spelen kan vertragen, versnellen, laten gieren of echoën. Op die manier kunnen we improviseren.”

„Improvisatie is de reden dat ik op het podium sta”, zegt Harrington. „We zijn allebei opgegroeid met improvisatie. Ik leerde het van John Coltrane, en Nico door naar Keith Jarrett te luisteren.” Jaar knikt. „Het is voor mij een dagelijkse strijd om het vooroordeel te ontzenuwen: want ik kan zeker live spelen, en zelfs voor de vuist weg creëren, net zo goed als Dave op gitaar. Ik improviseer door te ‘dubben’, ofwel onverwachte toevoegingen maken. Wat ik doe heeft onmiddellijk effect.”

De ontwikkeling van dance heeft een voorlopig hoogtepunt bereikt, zeggen ze. Want de ‘cues’, de muzikale signalen, zijn inmiddels bij iedereen ingeburgerd. Harrington: „We noemen het ‘tropes’, muzikale aanwijzingen voor de luisteraar. In de jaren zeventig bijvoorbeeld hoorde je het intro van een conga, waarna Carlos Santana zijn eerste noot speelde. Dat is een trope, een muzikale hint waardoor het publiek weet: daar gaan we!”

Jaar: „Nu zijn die hints uit de rock vervangen door die uit de dance. Denk aan de ‘drop’, als alles even stilvalt waarna de muziek weer aanzwelt tot een crescendo en de hele zaal de euforie voelt.” Harrington: „Iedereen weet: dit is hét moment. Alsof je gezamenlijk een raadsel hebt opgelost.”

Darkside treedt volgende week vrijdag op in het Concertgebouw in Amsterdam.