Opinie

    • Ilja Leonard Pfeijffer

Crisisberaad

Als je er nu eens even objectief van een afstandje naar kijkt, kun je niet zeggen dat het een doortastende, efficiënte en weldoordachte indruk maakt. Het is niet bepaald het schoolvoorbeeld van een heldere lijn die met strakke regie ten uitvoer wordt gebracht. Het is zelfs nog maar zeer de vraag of er überhaupt nog sprake is van enige controle.

Het kabinet-Rutte II krijgt zijn eerste volwaardige begroting niet rond. Daar komt het in feite op neer. En dat komt niet doordat er niet voldoende over is nagedacht en overlegd. Integendeel. De financiële staatshuishouding is tijdens de formatie uitvoerig besproken. Het moeizaam bereikte akkoord moest meteen weer worden aangepast omdat de pleuris uitbrak over de inkomensafhankelijke zorgpremie. Voor de zomer is er wekenlang onderhandeld met de sociale partners. Dat resulteerde in een sociaal akkoord dat de basis vormde van de Miljoenennota die het kabinet op Prinsjesdag presenteerde.

Maar die begroting kon niet steunen op een meerderheid in beide Kamers van de Staten Generaal. Dat was al bij voorbaat bekend en tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen bleek onmiddellijk dat de oppositie niet bereid was om het kabinet zomaar, zonder voorwaarden, uit de brand te helpen. Ook dat viel te verwachten. Of wat had de regering dan gedacht? Dat de oppositiepartijen zouden smelten van alle complimentjes die Rutte aan hen uitdeelde en zouden denken: nou vooruit, voor deze keer dan, want het is zo’n aardige man?

Hoewel de regering sinds de formatie eigenlijk fulltime met niets anders bezig is geweest dan crisisberaad over de begroting van 2014 stond zij aan het einde van de Algemene Politieke Beschouwingen nog steeds met lege handen. De Algemene Financiële Beschouwingen moesten zelfs worden uitgesteld. Die hadden geen zin. Er was eerst nieuw crisisberaad nodig.

En terwijl al die tijd de begroting niet rond kwam, kwam er ook niets anders rond, omdat er de hele tijd alleen maar over die begroting moest worden overlegd. Je vraagt je af wanneer deze regering eindelijk eens tijd krijgt om te beginnen met regeren.

En nu zit Rutte nog steeds aan tafel om te repareren wat er te repareren valt. Hij moet zijn vicepremier en zijn belangrijkste minister eraan opofferen. Dijsselbloem moest er de jaarvergadering van het IMF voor afzeggen, hoewel hij de voorzitter is van de Eurogroep en hoewel de financiële situatie van Europa prominent op de agenda stond. Intussen heeft Rutte twee van zijn staatssecretarissen een smadelijke nederlaag laten lijden in de Senaat met hun nieuwe pensioenplan. Het gezichtsverlies kan hij wel op de koop toenemen, want de peilingen zijn toch al dramatisch. En wat heeft de meesterstrateeg Rutte met dit alles bereikt? Dat hij nu volledig is overgeleverd aan Pechtold.

En intussen blijft hij maar lachen. Dat is nog de grootste gotspe.

    • Ilja Leonard Pfeijffer