Zwoele blikken Maar is het ook geloofwaardig?

De meeste films over de liefde tussen twee vrouwen zijn ongeloofwaardig Seksscènes zijn vooral gericht op de lust van heteromannen La vie d’Adèle is uitvoerig geprezen maar wordt nu ook neergesabeld om banaliteit

Illustratie Thinkstock

verslaggever

Het is vaak zoeken naar een speld in een hooiberg: geloofwaardige films over de liefde tussen twee vrouwen. Meestal neem ik niet eens de moeite om te kijken wat er op dit gebied wordt uitgebracht, want ik weet: negen van de tien keer loopt het op een teleurstelling uit.

Toen ik deze zomer bokser Lucia Rijker interviewde, vertelde ze over haar gastrol in The L Word, een Amerikaanse dramaserie over een groep lesbo’s in Los Angeles. Rijker aarzelde over de rol, omdat The L Word expliciete seksscènes bevat. Maar producent Ilene Chaiken zei dat ze weinig keus had: „Heteroseksuele mannen moeten zich kunnen aftrekken op de show.”

Chaiken vatte het probleem van vrouwenfilms in één zin samen: ze zijn meer op heteroseksuele mannen gericht dan op lesbische vrouwen. Vanuit commercieel oogpunt begrijpelijk, want het aantal heteroseksuele mannen in de wereld is veel groter dan het aantal lesbische vrouwen. Maar onbevredigend is het natuurlijk wel.

Op zichzelf is er niets mis met films als Loving Annabelle, And then came Lola en I can’t think straight, de drie best bekeken (niet pornografische) lesbische video’s van filmdistributeur Cinemien. De aantrekkelijke actrices wisselen zwoele blikken uit, er wordt redelijk geacteerd. Maar geloofwaardig? Mwah.

In de eerste film valt rijkeluisdochter Annabelle Tillman (Erin Kelly) als een blok voor haar lerares Simone Bradley (Diane Gaidry). De twee zijn aan elkaar gewaagd, maar zitten wel op een katholieke kostschool. Bij een redelijk authentieke vrijscène klinkt onweer op de achtergrond. Je voelt ’m aankomen: moeder Immaculata gaat dit niet pikken.

De vrouwen in lesbische films zijn opvallend vaak lerares of fotograaf. Niet zelden wijden zij hetero’s in in de vrouwenliefde. Of moet ik zeggen: lesbo’s die niet wisten dat ze lesbisch waren? Zoals in het Zweedse Kiss me, waarin Mia en Frida een relatie krijgen terwijl Mia op het punt staat te trouwen. De film werd relatief goed bekeken, maar schuwt clichés niet.

De beste vrouwenfilms zijn films waarmee hetero’s zich kunnen identificeren, zonder dat de regisseur zich daarom bekommert. Wie herinnert zich niet de lowbudgetfilm Fucking Åmål? De 16-jarige Agnes wordt verliefd op Elin, het mooiste meisje van de klas. Elin is populair bij de jongens, maar verveelt zich met de andere sekse. Als ze hoort dat Agnes lesbisch is, zie je haar denken: ben ik ook zo? En: wat zullen ze daar in het Zweedse gehucht Åmål van denken? Eigenlijk gaat Åmål niet over vrouwenliefde, maar over de puberteit.

Ik weet nog dat ik mij euforisch voelde toen ik vijftien jaar geleden de bioscoop uitliep na het zien van Åmål. Mijn coming out lag ver achter mij, maar toch gaf het voldoening dat Elin aan het eind van de film de hand van Agnes pakte om zich door een verbouwereerde groep pubers te wurmen: „Willen jullie even aan de kant? Dit is mijn nieuwe vriendin en we gaan nu neuken” – om vervolgens braaf chocomelk te drinken.

Die joggingbroek!

Misschien wel meer dan heteroseksuelen hebben homoseksuelen (m/v) het moeilijk als puber. Onder homojongeren is het aantal zelfmoordpogingen vijf keer hoger dan onder heteroseksuele leeftijdsgenoten, becijferde het COC. Waarom zien wij daar in vrouwenfilms zo weinig van terug? In Fucking Åmål snijdt Agnes in haar pols omdat zij wordt bespot. Het is een sideline in de film, maar homojongeren zullen zich daar vast in herkennen.

Ik kan me niet herinneren dat ik als adolescent ook maar één vrouwenfilm heb gezien. Wel keek ik naar films waarin de vrouwenliefde op een ingewikkelde manier werd verwerkt. Zo heb ik maanden met een cassettebandje rondgelopen met de titelsong van Tootsie. Want God, wat was ik verliefd op Jessica Lange. Die verlegen oogopslag! Die lach! Die joggingbroek!

Langes personage Julie had een slechte relatie, waardoor zij gevoelig was voor de aandacht van haar collega Dorothy (in werkelijkheid een man). Als Julie en Dorothy uit praktische overwegingen in één bed slapen, weet Dorothy niet waar zij het zoeken moet. Zal Julie haar geheim ontdekken? Maar Julie is zich niet bewust van de interne strubbelingen van haar bedgenoot – tenslotte ‘maar’ een vrouw. Als 14-jarige kon ik mij bijzonder goed met Dorothy identificeren.

Maar Tootsie is geen vrouwenfilm, hoe subtiel de vrouwenliefde er ook in is verwerkt. Was Dorothy écht een vrouw geweest, dan was niet alleen het geraamte onder de film weggevallen, maar dan had de film geen 177 miljoen dollar opgebracht: hetero’s kunnen zich veel minder goed met zo’n plot identificeren.

Vrijscène

Misschien kan La vie d’Adèle de eerste vrouwenfilm na Fucking Åmål worden die een brug slaat naar het reguliere publiek. De Gouden Palm zou een eerste aanwijzing kunnen zijn. Maar ook in La vie d’Adèle wil regisseur Abdellatif Kechiche het vrouwelijk lichaam idealiseren, zei hij in een interview, tot ergernis van schrijfster Julie Maroh, op wier autobiografische strip de film gebaseerd is. Maroh noemde de minutenlange vrijscène tussen twee meisjes „onwetend, niet overtuigend, pornografisch”. Als lesbo herkende zij zich niet in de film.

Aantrekkelijke vrouwen, expliciete én authentieke liefdesscènes en een script dat subtiel het ‘anders zijn’ aan de orde stelt zodat iedereen zich ermee kan identificeren: dat lijken de ingrediënten voor een vrouwenfilm die zowel lesbo’s als hetero’s naar de bioscoop trekt. Ik geef toe: geen eenvoudige cocktail.

    • Danielle Pinedo