AEX-bedrijven blijven achter bij concurrenten

Grootste beursondernemingen blijven achter bij buitenland

Het herstel van de 25 grootste bedrijven die zijn genoteerd aan de Amsterdamse effectenbeurs zet niet door. Vorig jaar steeg de gemiddelde omzet met 4 procent, in de eerste zes maanden van dit jaar is sprake van een omzetdaling van 2 procent.

Dat blijkt uit onderzoek van adviesbureau Accenture. Vanaf 2008 bleven de prestaties van Nederlandse ondernemingen steeds verder achter bij die van buitenlandse concurrenten. Vorig jaar begonnen ze die afstand in te lopen, in de eerste helft van dit jaar is het niet gelukt deze stijgende lijn voort te zetten.

In het onderzoek worden de prestaties van de AEX-bedrijven vergeleken met die van hun internationale concurrenten. Daarbij wordt onder meer gekeken naar aandeelhouderswaarde, winstgevendheid en omzetgroei.

Ook op het terrein van rendement op investeringen doen de AEX-bedrijven het slechter dan hun buitenlandse concurrenten. In het eerste half jaar boekte de AEX-ondernemingen een rendement van 6 procent tegen 8 procent bij hun concurrenten. Sinds 2008 doen de buitenlandse ondernemingen het op dit vlak beter.

De best presterende bedrijven binnen de AEX zijn chipmachinefabrikant ASML, voedingsconcern Unilever en Ahold. Het supermarktconcern laat, volgens Accenture, een opvallende stijging zien. Deze positie dankt het levensmiddelenbedrijf, dat vorig jaar al bovengemiddeld scoorde, aan een goede winstgevendheid en consistente prestaties over de afgelopen jaren. Ahold profiteerde afgelopen half jaar van een verbeterd consumentenvertrouwen in de VS, groeiend marktaandeel in Nederland mede door de integratie van C1000-winkels en de verkoop van de Scandinavische supermarktketen ICA.

„We zien wereldwijd dat organisaties bezig zijn met de implementatie van een cross-channel-operatie waarbij ze fysieke en online winkels en de klantenservice tot een toegankelijk geheel integreren”, zegt Sander van Ginkel, managing director Strategie bij Accenture Nederland. Op de Nederlandse markt zet Ahold belangrijke eerste stappen in die richting. Bijvoorbeeld met de koppeling van AH-winkels aan Bol.com, ah.nl, en de bezorgservice Albert. Van Ginkel: „Door de juiste combinatie van verkoopkanalen op de behoeften van de klant af te stemmen, slaagt het bedrijf er in om de prestaties aantoonbaar te verbeteren.”

De Nederlandse bedrijven, zo blijkt uit het onderzoek, verliezen ten opzichte van de internationale concurrentie terrein in het creëren van aandeelhouderswaarde (de koerswinst plus het dividend). Bovendien namen de groeiverwachtingen van investeerders voor Nederlandse bedrijven af.

Nederlandse ondernemingen zijn beter dan hun internationale concurrenten in staat kapitaal te generen om toekomstige groei te financieren. Een aantal Nederlandse bedrijven houdt daarbij grote liquiditeitsreserves aan, wat deels te verklaren is door de recente verkopen van bedrijfsonderdelen.

„De AEX-bedrijven lijken dezelfde spaarzame houding als de Nederlandse consument te hebben”, zegt Van Ginkel. „Er is voldoende kapitaal, maar investeringen in de groei van de ondernemingen moeten nog volgen. Een reden voor die terughoudendheid kan zijn dat bedrijven een buffer aanhouden om toekomstige schommelingen te kunnen opvangen.”