AA Bronson toont het kunstwerk als fetisjobject

AA Bronson & Bradford Kessler, ‘The Return of the Prodigal Son’ (2012) Foto Esther Schipper

Een groot verlangen naar liefde, schoonheid en spiritualiteit. Daarover gaat de expositie samengesteld door AA Bronson (Vancouver 1946, woont in Berlijn en New York) in Witte de With. De tentoonstelling beweegt zich tussen twee uitersten – perversiteit en ascese – en brengt die samen in één rijke en gelaagde tentoonstelling, die in zijn totaliteit als kunstwerk is op te vatten. Er zijn werken te zien van AA Bronson zelf, van anderen en werken die hij met anderen maakte.

Op een groot portret van AA Bronson, AA in the Magic Forest (2012), geschilderd door TM Davy , zien we de naakte en getatoeëerde kunstenaar in een nachtelijk woud, door brandende kaarsjes omringd, ontspannen liggend op de bosgrond. Boomtakken welven zich over hem heen. „Ben ik een koning of gewoon een varken?”, zo vraagt AA Bronson zich af in een verhaal van Gareth Long, uitgegeven bij de tentoonstelling.

AA Bronson vormde sinds 1969 samen met Felix Partz en Jorge Zontal de kunstenaarsgroep General Idea. Hun werk is een bijzondere mengeling van conceptuele kunst en surrealisme. Naast vele tentoonstellingen produceerden ze het tijdschrift FILE Megazine en werk in oplage. De drie kunstenaars waren gedurende 25 jaar samen, zonder onderscheid te maken tussen kunst en leven. Partz en Zontal overleden beiden in 1994 aan aids. In Witte de With zijn drie levensgrote sepia prints van AA Bronson te zien, getiteld Jorge, February 3, 1994 (2000). Het drieluik toont de uitgemergelde Jorge vlak voor zijn dood, in boxershorts en pantoffels schuifelend door de woning.

AA Bronson wordt omschreven als ‘kunstenaar en healer’, ‘curator’, ‘educator’ en ‘sjamaan’. Na het zien van de tentoonstelling lijken deze kwalificaties minder pompeus. Het overkoepelende thema is gebaseerd op De Verzoeking van de Heilige Antonius, zoals in de 19de eeuw in autobiografische vorm beschreven door Gustave Flaubert. De expositie beoogt ook de historische overgang te laten zien van de modernistische tentoonstellingsopvatting van de white cube naar een hedendaagse installatiepraktijk.

Op de 2e verdieping worden de werken op een museale manier geëxposeerd. Zo zijn er zes houten bedden met zwarte kwartskristallen en koptelefoons (2012) van Marina Abramovic, waar bezoekers kunnen mediteren. Een lange, vrij abstracte fotoserie van Matthias Herrmann, The Cum Pieces (1994-2011), toont kwakjes sperma in allerhande situaties, in een glazen schaaltje, een condoom of op een foto van een naakte man. Mooi is Mental Sculpture, een verzameling boeken, gemaakt door Louwrien Wijers, over onder anderen de Dalai Lama en Joseph Beuys.

Op de derde verdieping gaat de tentoonstelling helemaal los. Er hangt een doordringende geur van salie, de vloeren zijn bezaaid met blaadjes van de plant die bekend is om zijn zuiverende werking. Luid weerklinkt I will always love you, gezongen door Dolly Parton. Het geluid is afkomstig van The Dolly Shot (2009) een videowerk van Mr. And Mrs. Keith Murray. Een naakt, engelachtig wezen met borsten en penis, met blonde krullen en een gouden ster op het voorhoofd, vertolkt het lied. Reima Hirvonen vervaardigde van gedragen ondergoed van AA Bronson, mensenhaar, sperma en salie, een poppetje.

Het geheel is een spel met idolatrie en met het kunstwerk als fetisjobject. Vaak tenenkrommend, kitscherig, over the top, off key, of hoe je het maar noemen wilt. Maar het is zó goed gedaan dat je meegenomen wordt in een groots visioen van een betere en vreedzame wereld. Bronson is koning en varken tegelijk.

    • Janneke Wesseling