Internationaal recht genegeerd

In de Verenigde Staten wordt de arrestatie van een Libische terreurverdachte door Amerikaanse commando’s gezien als een overwinning. Terroristen over de hele wereld hebben een duidelijk signaal gekregen dat Amerika ze vroeger of later te pakken krijgt, zei Washington. Maar Libië veroordeelde de operatie, die zaterdag op Libisch grondgebied plaatshad, als „de ontvoering van een Libische burger”. En dat was het ook.

Het mag een rustig idee zijn dat terroristen zich niet eeuwig kunnen schuilhouden in bepaalde landen. De nu opgepakte Nazih Abdul-Hamed al-Ruqai, ook bekend als Anas al-Libi, zou betrokken zijn geweest bij de aanslagen van Al-Qaeda op Amerikaanse ambassades in Kenia en Tanzania, in 1998, waarbij 224 mensen omkwamen.

Het mag bovendien als teken van vooruitgang gelden dat de regering-Obama deze man niet zonder enige vorm van proces heeft geliquideerd met een raket, afgevuurd door een onbemand vliegtuigje. Op die manier is de afgelopen jaren in Pakistan en Jemen veelvuldig afgerekend met terreurverdachten. Obama heeft beloofd zulke drone-aanvallen te beperken.

Maar wie het internationale recht serieus neemt, wat cruciaal is voor de internationale verhoudingen, moet ernstig bezorgd zijn over dit Amerikaanse machtsvertoon. Washington beschouwt Ruqai als een vijandelijke strijder onder het oorlogsrecht, en daarom zou het gerechtvaardigd zijn hem in een ander land op te pakken. Maar hij wordt nu vastgehouden op een Amerikaans marineschip, wat de Geneefse Conventies uitdrukkelijk verbieden.

Veel hangt ervan af wat er nu met hem gebeurt. Op dat schip zal hij naar verwachting eerst door inlichtingendiensten ondervraagd worden, en pas daarna gewezen worden op zijn rechten. Op Amerikaans grondgebied had dat meteen gemoeten.

President Obama heeft marteling in 2009 uitdrukkelijk verboden. Zullen de ondervragers zich aan dat verbod houden, ook als zij menen dat Ruqai niet het achterste van zijn tong laat zien? Dat kan helaas niet meer als vanzelfsprekend worden aangenomen. Conservatieve stemmen in de VS pleiten ervoor de Libiër zo snel mogelijk naar Guantánamo Bay te sturen – maar het is te hopen dat hij een proces in New York krijgt, waar hij al was aangeklaagd.

In politiek opzicht nemen de Amerikanen grote risico’s met deze operatie, en met de gelijktijdige actie in Somalië, waar het oppakken van een terreurverdachte mislukte. Niet alleen zou het gevaarlijk zijn als andere grootmachten het Amerikaanse voorbeeld volgen, en vijanden buiten hun grenzen gaan elimineren of arresteren. De toch al wankele stabiliteit in de landen in kwestie kan door zulke operaties ernstig worden ondergraven.