Opinie

    • Wilfried de Jong

Sprookjesland

Een paar keer je handen tegen elkaar slaan en je staat als turner met je hoofd in een zelf geschapen wolk. Het magnesiumpoeder dwarrelt om je heen. Boven je hangt de rekstok, een buis die meegeeft als je zwaait en die natrilt als je zweeft.

Tijdens de wereldkampioenschappen turnen in Antwerpen maakte tv-commentator Hans van Zetten duidelijk hoe hoog ‘de knapen’ soms vliegen; zo hoog als je slaapkamerraam.

Turnen is sporten in sprookjesland.

De grote boze wereld met kwade mensen is o zo ver weg. De turners zijn gespierde, maar volstrekt pacifistische engelen met onzichtbare vleugels. Een tik met de toverstaf en ze vliegen rond in het paleis van de sport.

Waar voetballers tijdens de wedstrijd elkaar treiteren, schoppen en uitschelden, zijn turners hoffelijk en bescheiden. Ze wensen elkaar succes en delen een bemoedigend schouderklopje uit.

Tijdens zijn oefening aan de rekstok is Epke Zonderland onbereikbaar. Eenmaal geland op de vloer is hij weer een gewone jongeman van 27 jaar: volwassen, nuchter en intelligent. Zonder het te willen is hij ons nationale middel tegen pessimisme. Epke werkt hard, hij droomt, heeft vertrouwen en wint.

Het rolmodel voor iedere regeringsleider.

Eén perfecte rekoefening van Epke en onze natie kan weer tegen een stootje. De beurzen leven op, de huizenmarkt trekt aan, we geven weer geld uit.

Net als in olympisch Londen gaf Van Zetten gisteren met zijn extatische stemgeluid de finale van Epke weer een kontje: „Hij staat, hij staat wéér!”

Reclamemakers moeten meteen goud hebben gezien in het werk van Epke en zijn tv-souffleur. Epke rijdt zijn nieuwe auto tegen een boom, maar kruipt er ongeschonden uit: „Hij staat, hij staat wéér!” Epke rolt over een lange roltrap van een chique warenhuis. Beneden veegt hij zijn jasje schoon: „Hij staat wéér!”

Na het behalen van de wereldtitel werd Epke gisteren veel gevraagd of hij nog verder wilde, hij had alle belangrijke titels immers op zak.

Met die voortdurende glimlach op zijn gezicht antwoordt de turner: „Ik vind het té leuk. Ik ga nog een paar jaar heel erg genieten van mijn sport. Bovendien ben ik nog niet perfect, dat is een prikkel om door te gaan.”

Een professionele liefhebber, dat is hij. Vol zelfkritiek („Ik had een grote fout in mijn oefening”) en volharding. En dat alles met een lichte touch. De sport en het leven lachen hem toe.

Epke is van een ander universum. Zijn afsprong zou bij ons een zekere dood tot gevolg hebben. Kunnen we nog beseffen wat hij allemaal doet tijdens een oefening?

Nauwelijks.

Epke vliegt in een wolk magnesium, suist vrij door de lucht en wij, dagelijks op de aarde gehouden door de zwaartekracht, zijn hem bijna uit het oog verloren.

    • Wilfried de Jong