Negen lijken per uur komen boven in Lampedusa

Het dodental van de ramp bij Lampedusa loopt steeds verder op. ‘Er komt geen einde aan.’ Frankrijk steunt de roep van Italië om betere controles aan Europa’s zuidgrens.

Italiaanse soldaten dragen het lichaam weg van een van de slachtoffers van de scheepsramp bij Lampedusa. Foto AFP

Negen lijken per uur haalden de duikers gisteren naar boven, bijna negen uur achter elkaar. En nog ligt de zeebodem voor de zuidkust van het eilandje Lampedusa vol stoffelijke resten, nog laten de wazige onderwaterfoto’s van de gekapseisde vissersboot een ruimte vol dode mannen en vrouwen en een enkel kind zien, door elkaar gewrongen. „Het lijkt beneden wel Pompeï”, zei een van de duikers tegen het Italiaanse persbureau Ansa. En een andere: „Ze houden elkaar vast. Er zijn hele stapels mannen en vrouwen. We halen er een weg en daaronder zit een ander. Er komt geen einde aan.”

Nadat er twee dagen door de hoge golven en de scirocco die hard uit het zuiden woei niet kon worden gezocht, is gisteren het officiële dodental van de ramp bij Lampedusa opgelopen naar 194. Het aantal opvarenden van de boot wordt nu geschat op tussen de 480 en 520. Aanvankelijk was gehoopt dat een aantal mensen zich op eigen kracht in veiligheid had kunnen brengen en nog niet in beeld was. Die kans is nu vrijwel nihil. Daarmee zou de ramp, met 155 overlevenden en tussen de 325 en 375 doden, het grootste ongeluk met bootvluchtelingen in de Middellandse Zee worden.

De meeste migranten kwamen uit Eritrea. Zij waren maandag vanuit Libië naar Lampedusa vertrokken, na betaling van 750 tot 1250 euro. Overlevenden hebben verteld dat ze een paar uur voor de ramp waren overgezet op de vissersboot, maar dat de verwachte en beloofde hulp niet kwam. Door een doek in brand te steken vroeg in de ochtend werd geprobeerd de aandacht te trekken. Maar de brand breidde zich uit, de mensen aan dek gingen allemaal aan één kant staan, en daardoor kapseisde de boot op een paar honderd meter van het Eiland van de Konijnen, aan de zuidkant van Lampedusa.

De opvang op het eilandje, dat dichter bij Noord-Afrika dan bij Sicilië ligt, is provisorisch. Zaterdagnacht moesten tientallen vluchtelingen die op matrassen in de open lucht sliepen, beschutting zoeken toen er een enorm onweer losbarstte. Het opvangcentrum is bedoeld voor 250 mensen. Doordat er de afgelopen dagen ook migranten uit Somalië en Syrië zijn aangekomen, zijn er nu zo’n duizend migranten op Lampedusa.

Italië wil het controleren van de migrantenstroom en de opvang ervan aan de orde stellen op de vergadering van de Europese ministers van Binnenlandse Zaken morgen in Luxemburg en op de Europese top eind deze maand. Rome wil meer hulp bij het patrouilleren en verandering van de regels voor asielaanvragen, om de landen aan de zuidgrens niet alle lasten te laten dragen. De Franse minister van Buitenlandse Zaken bood op het eerste punt steun aan. „De Middellandse Zee kan geen groot openluchtkerkhof blijven”, zei minister Laurent Fabius. Hij pleitte ook voor zwaardere straffen voor mensensmokkelaars. De kapitein van het schip, een Tunesiër die al eerder op Lampedusa is geregisteerd en toen is uitgewezen, is op aanwijzingen van overlevenden aangehouden.

De Italiaanse premier Enrico Letta wil hardere afspraken maken met Libië. Een paar jaar terug, onder de verdreven Libische leider Gaddafi, daalde de stroom vluchtelingen naar Italië door strengere controle in Libië.