Koeman is van de oude stempel

Trainer Koeman heeft geen boodschap aan gekrenkte ego’s van zijn jonge spelers. „Wees blij dat ze niet Michels voor de groep hebben staan, of Cruijff.”

Feyenoord-doelman Erwin Mulder voorkwam in de tweede helft met diverse reddingen meer tegentreffers van Vitesse.Foto ANP

Guram Kashia had zijn contract opgezegd als hij Stefan de Vrij was. De trotse Georgiër van Vitesse kreeg twee seizoenen terug de aanvoerdersband en zal die niet meer afstaan. „Als je iemand anders kiest, ga ik naar huis”, waarschuwde hij dit voorjaar de nieuwe Vitesse-trainer, Peter Bosz, in een interview in deze krant. „Dan ben ik klaar hier. Ik zweer het. Aanvoerder ben je voor altijd.”

Zo gevoelig ligt het dus, voor sommigen. Maar Ronald Koeman, trainer van Feyenoord, deed het vorige week gewoon wel. Spits en boegbeeld Graziano Pellè kreeg de aanvoerdersband, want de jonge verdediger De Vrij zou onder de verantwoordelijkheid gebukt gaan. „Lullig voor Stefan”, zei collega-verdediger Daryl Janmaat gisteren na de gewonnen wedstrijd tegen Vitesse.

Ja, lullig. Maar Koeman is, zoals hij het vorige week zei, „een beetje van de oude stempel”. Hij kritiseert individuele spelers in het openbaar en daar moeten ze maar tegen kunnen. Critici noemen dat het schoonvegen van zijn eigen straatje, maar zelf ziet Koeman het als het „helpen” van zijn doorgaans jonge spelers. „En dat gaat ook wel eens gepaard met een stukje kritiek. Ze hebben zich ontwikkeld, sommigen zijn international geworden. Maar ja, dan mag ik het toch ook weleens zeggen als iets niet goed is?”

Hij had na de overwinning op Vitesse (2-1) het gelijk aan zijn zijde. Dat De Vrij scoort is dan mooi. En Pellè, die de andere goal maakte, speelde „compleet”. Koeman: „Blijkbaar voelt hij met die band toch de verantwoordelijkheid om meer te brengen, ook als we de bal niet hebben. Hij is de leider die dit jonge elftal nodig heeft.”

Feyenoord is allang bekomen van de dramatische seizoensstart (drie nederlagen op rij) en won in Arnhem zelfs voor het eerst in ruim tweehonderd dagen een uitwedstrijd. Met reddingen op de doellijn van Feyenoord werd het in de slotfase nog spectaculair ook in de Gelredome – het stadion dat zich afficheert als ‘het grootste theater van Nederland’. In de voorstelling speelden diverse ego’s die ooit eens door Koeman zijn gekrenkt.

Middenvelder Theo Janssen, die uitviel met een knieblessure, was nog jong toen hij bij Vitesse met de beginnend trainer te maken kreeg. Hij was eens gaan stappen op de Arnhemse Korenmarkt terwijl hij een enkelblessure had. Prompt werd hij door Koeman uit de selectie gegooid. En de nieuwe Vitesse-back Kelvin Leerdam dan, recenter. Hij speelde vorig seizoen na 31 oktober nauwelijks nog een wedstrijd in het eerste van Feyenoord, omdat hij zijn contract niet wilde verlengen. Daar houdt Koeman niet van.

Het dient allemaal een doel, die hardhandige handelwijze van Koeman. Of ja, wat is hardhandig? „Wees blij dat ze nu niet Michels voor de groep hebben staan, of Cruijff”, zei Koeman vrijdag tijdens het wekelijkse perspraatje. Die twee, oud-trainers van hemzelf, waren pas hardliners. Bij hen had je niet hoeven aankomen met zaakwaarnemers, vaders, een gang naar de media. „Mond houden en poetsen”, vatte Koeman samen.

Hij maakte het zelf mee toen hij Feyenoord-talent Tonny Vilhena openlijk bekritiseerde voor het opeisen van een strafschop. Diens zaakwaarnemer Mino Raiola zei dat Koeman dat beter kon laten, anders zou hij Vilhena „naar een andere club brengen”. Koeman zag het bij zijn collega’s van Ajax, toen de zaakwaarnemer van doelman Kenneth Vermeer boos bleek over het naar de reservebank verwijzen van zijn cliënt. „Sorry hoor, maar in mijn tijd ging ik zelf naar de trainer. Dan ging Ger Lagendijk [zijn toenmalige zaakwaarnemer] echt niet mee”, zei Koeman spottend.

Hij krijgt meestal niets te horen van de speler in kwestie zelf, maar via de media roert de omgeving rond zo’n jongen zich wel. Zo ook de zaakwaarnemer van De Vrij. De centrale verdediger had het gewaagd om in zijn eigen tijd krachttraining te doen. Onverantwoord, vond de Feyenoord-leiding. Maar moet je hem daarvoor straffen?, vroeg zaakwaarnemer Jeroen Hoogewerf, zich af. Ja dus, vindt Koeman.

Dan is hij maar een olifant in de porseleinkast vol vlug gekrenkte ego’s. Koeman: „Kritiek past en hoort bij het leven. Zo was ik toen ik bij Feyenoord begon, en zo ben ik nu nog. Ik ben niet veranderd. Alleen ik wil wel dat zij de overtuiging hebben dat er heel veel in zit dit seizoen. Soms denk ik dat zij dat nog niet eens zo zien.”