Buitenkans! Les geven aan kinderen die wel luisteren

In Antwerpen is er een lerarentekort in het basisonderwijs Werkloze Nederlandse leraren tonen massaal belangstelling voor een baan over de grens Vlaamse kinderen zijn nog minder brutaal ook

Lerares Anouk Simonis ziet meer verschillen in de cultuur dan in het onderwijs. Foto Katrijn van giel

Verslaggever

Voor de grote stenen trap staan kinderen in een lange rij, twee aan twee, te wachten. Het is muisstil in de hal van de monumentale Antwerpse school. Een jongetje kijkt verveeld om zich heen. „Vóóóruit!”, roept een juf. De stoet komt in beweging en loopt de trap op. In stilte. De kinderen komen van het schoolplein. Vijf minuten geleden liepen ze hier ook al de trap op. Omdat ze te rumoerig waren, moest het nog eens over.

Dit is De Luchtballon, een basisschool in een Antwerpse arbeiderswijk, vlak naast de havenindustrie. De kinderen zitten in klas L3b, vergelijkbaar met onze groep 5. De juf is Anouk Simonis uit Bergen op Zoom. Toen zij twee jaar geleden afstudeerde aan de Pabo in Vlissingen, vond ze in Nederland geen werk. In Antwerpen had ze meteen een baan.

Morgen is in de Vlaamse stad een informatiedag voor Nederlanders die overwegen daar te solliciteren. Meer dan tweehonderd mensen hebben zich al aangemeld, terwijl er maar 54 plekken zijn.

Antwerpen heeft niet genoeg leraren om de groei van het aantal leerlingen in het basisonderwijs op te vangen. Nu worden de Nederlanders nog vooral gevraagd voor tijdelijke vervangingsbanen, maar het tekort zal steeds nijpender worden, is de verwachting. Hoewel ook in Nederland een tekort voorspeld wordt, heerst nu nog werkloosheid in het basisonderwijs.

Cultuurverschillen

Kunnen Nederlanders zomaar aan de slag in Antwerpen? Is het Vlaamse onderwijs niet totaal anders?

Het valt best mee, vindt Anouk Simonis. Eerst moest ze wel wennen. Veel procedures, lesmethodes kende ze niet. Ze moest vaak iets vragen aan collega’s. Maar tussen Nederlandse scholen zitten ook veel verschillen.

Ze ziet meer verschillen in de cultuur dan in het onderwijs. Vlamingen zijn bijvoorbeeld minder direct. „Laatst hoorde ik via via dat er iets over mij gezegd werd. Dan denk ik: vertel het liever direct tegen mij.” Andersom schrikken collega’s weleens als Simonis snel haar mening geeft. Ook als die negatief is.

Directeur Peter Vinken zegt dat die „mentaliteitsverschillen” Nederlandse leraren niet zouden moeten „afschrikken”. Simonis valt hem bij: het heeft namelijk ook voordelen, die andere cultuur. „Hier zeggen de kinderen netjes: ‘ja juf’. In Nederland hoorde ik regelmatig: ‘jahááá’.” Hier kun je de kinderen twee aan twee in stilte de trap laten oplopen. „Bij mijn laatste stageschool nam ik niet eens de moeite om ze in een rij te laten staan.”

Vlaams onderwijs heeft het imago dat het vooral cognitief gericht is. Parate kennis opdoen zou belangrijker zijn dan vaardigheden leren, zoals het houden van een spreekbeurt of het schrijven van een werkstuk. Daarom zouden Vlamingen het ook zo goed doen bij Het Groot Dictee.

Klassikaal

Vinken herkent dat beeld. „Ik denk dat je op tachtig tot negentig procent van de scholen nog steeds klassiek onderwijs zult tegenkomen.” Daarmee bedoelt hij: veel klassikale lessen die gericht zijn op kennisoverdracht. En klaslokalen met tafels in rechte rijen, twee aan twee, naar het bord gericht.

De Luchtballon werkt anders. Een groot deel van de leerlingen is van niet-westerse komaf en de leerlingen hebben verschillende leertempo’s. Ze krijgen veel zelfstandigheid om zelf hun tijd in te delen. Elke week zien ze op een A4’tje, hun ‘contract’, welke opdrachten ze die week moeten afhebben. Klassikale instructies zijn kort.

Stedelijk Onderwijs Antwerpen, de koepel voor gemeentelijke scholen, wil deze manier van lesgeven langzamerhand ook bij zijn andere basisscholen gaan doorvoeren. Leerlingen moeten meer op hun eigen niveau kunnen werken.

Kansen genoeg

Toch merkt Vinken dat ouders de scholen vooral blijven beoordelen op basis van hun kennisonderwijs. „Er kwamen eens ouders langs die me vroegen: hoe kan het dat kinderen hier met de tafel van vijf bezig zijn, terwijl ze op die andere school al bij de tafel van tien zijn?’” Hij heeft het idee dat ouders minder waarde hechten aan vaardigheden en competenties.

Of Anouk Simonis op deze school kan blijven werken, is nog niet zeker. Ze heeft nu een tijdelijk contract voor één schooljaar. Als degene die ze vervangt weer terugkomt, moet ze misschien weg. Wel heeft ze een grote kans om te worden aangenomen bij een andere school binnen de scholenkoepel.

Simonis verwacht niet dat ze in Nederland nog veel kans heeft om een vacature tegen te komen. En voorlopig heeft ze het prima naar haar zin in Antwerpen. „Dus als ik niet bij De Luchtballon kan blijven, zoek ik mijn nieuwe baan gewoon hier in de stad.”

    • Christiaan Pelgrim