Zes landen strijden om Adnan Januzaj

Hij kon door zijn familiebanden al kiezen voor Albanië, België, Servië en Turkije. Mocht Kosovo als voetballand door de Europese voetbalbond UEFA worden erkend, zou de 18-jarige middenvelder Adnan Januzaj van Manchester United ook voor dat land kunnen uitkomen.

En na zijn wervelende basisdebuut bij Manchester United, dat hij zaterdag met twee doelpunten aan de zege hielp tegen Sunderland, heeft ook de Engelse bondscoach Roy Hodgson interesse getoond in Januzaj.

Over twee jaar zou Januzaj in aanmerking komen voor het Engelse staatsburgerschap en derhalve voor de Engelse nationale ploeg – mits hij in de tussentijd geen bindende interlands heeft gespeeld voor een van de vijf andere landen die strijden om zijn diensten.

Die strijd is er niet voor niets. Jaarlijks contracteren Engelse topclubs veel jonge talenten uit andere landen, van wie slechts enkelen goed genoeg blijken om de hoofdmacht te bereiken. Januzaj, die twee jaar geleden overkwam van de Belgische topclub Anderlecht, is een van de zeldzame jonge spelers die het wel lijkt te halen. Niet alleen heeft hij voldoende talent om te mogen aansluiten bij de selectie, zoals zijn Nederlandse leeftijdsgenoot Nathan Aké af en toe eens mag meedoen bij Chelsea. Tegen Sunderland was de inbreng van Januzaj zelfs cruciaal voor het kwakkelende United, dat dankzij zijn doelpunten met 2-1 won.

Als jochie speelde Januzaj voor FC Brussels. Op zijn tiende werd hij gescout door Anderlecht, waar toenmalig United-trainer Alex Ferguson hem ontdekte.

De vader van het in Brussel geboren talent verklaarde onlangs dat Januzaj pas definitief kiest voor welk land hij zal uitkomen zodra hij een basisplaats bemachtigt bij een grote club. Dat moment zou weleens dichterbij kunnen zijn dan hij vermoedde.