Sven kapot maken? Kom nou

Na forse kritiek van Sven Kramer trad Doekle Terpstra vorige maand af als voorzitter van de schaatsbond. „Ik was nog niet klaar.”

Fantastisch boek las hij laatst, over kolonel Antonio Tejero die op 23 februari 1981 een mislukte coupepoging deed in het Spaanse parlement. Twee uur lang heeft Doekle Terpstra getracht uit te leggen waarom hij zo abrupt aftrad als voorzitter van schaatsbond KNSB. Dan dat boek: ‘De anatomie van het moment’. „Hoe de geschiedenis van Spanje heel anders was geweest als het op dat ene moment net iets anders was gegaan. Fas-ci-ne-rend.” Nee, hij wil Sven Kramer niet met Tejero vergelijken. Wel is er een parallel met zijn eigen vertrek bij de KNSB. „Grote dingen gebeuren in een split-second. De devil zit in de details.”

Op donderdag 29 augustus 2013, op een persbijeenkomst van zijn ploeg TVM, noemt Sven Kramer de KNSB-voorzitter „incompetent” en „zielig”. De volgende dag schrijft Terpstra zijn afscheidsbrief. De meedogenloze aanval van de topschaatser heeft hem de das om gedaan. De apotheose van een schaatstwist zonder weerga. Terpstra zou zijn bestuur ‘een rad voor ogen hebben gedraaid’ bij de toewijzing van het nationale ijsstadion aan Almere. Er was een wereldbekerwedstrijd in Heerenveen verkwanseld aan het Kazachstaanse Astana. En op de kritiek van Kramer zou hij hebben gereageerd met dreig-sms’jes in de trant van: ‘ik maak je kapot’. Terpstra zweeg na zijn aftreden. Tot nu.

Dreig-sms’jes aan Kramer? „Naar Sven?”, herhaalt Terpstra de vraag. „Nee. Ik heb sms’jes gestuurd naar anderen in zijn omgeving. Maar uitingen dat ik Sven kapot zou maken? Kom nou! Ik kan emotioneel zijn, dat is mijn betrokkenheid. Maar dit soort terminologie zal ik nooit gebruiken. Iedereen die mij kent zal dat beamen. Weet dat er geen sms-verkeer is geweest met Sven en dat dit soort termen niet zijn gevallen. Maar het stond de volgende dag wel groot in de media. Een aanval op mijn integriteit, met gestrekt been erin.”

Terpstra leek strijdbaar, toen hij de kritiek van Kramer nog dezelfde donderdagavond in een officieel persbericht „een sportman onwaardig” noemde. „Zeker in de aanloop naar Sotsji kan er geen vertrouwensbreuk zijn tussen de belangrijkste schaatser en de voorzitter. Dat had meteen rechtgezet moeten worden. Ik heb nog een brug willen slaan. ‘Kom morgenochtend om elf uur naar Bunnik voor een gesprek.’ Kon niet, Sven moest trainen. Ik respecteer dat uiteraard. Maar in zijn omgeving zijn voor dat moment blokkades opgeworpen om te praten. Wat rest mij dan nog?”

De volgende ochtend besluit hij na vierenhalf jaar voorzitterschap op te stappen. „Om half acht belde Mark Tuitert (net als Kramer lid van de atletencommissie in de ledenraad van de KNSB) nog. ‘Doekle ga niet weg’. Maar ik heb uitgelegd dat mij geen andere keuze bleef. Als de icoon twijfelt aan mijn competentie, inclusief kwalificaties als ‘zielig’, dan moet ik daar als bestuurder consequenties aan verbinden. Het botst volledig met mijn principes. Ik heb dit nooit gedaan ter eer en meerdere glorie van mezelf. Ik wilde me juist dienstbaar maken aan de bond én de toppers. Sven gaat de geschiedenisboeken in, Doekle Terpstra niet. En zo hoort het.”

Cadeautje

Een ontboezeming dan. „Ik ben al vóór Carel Paauwe (zijn voorganger) in 2006 benaderd om voorzitter van de KNSB te worden. Er was veel onrust, via via werd een beroep op mij gedaan.” Terpstra – Fries, twee Elfstedentochten geschaatst én topbestuurder – is vereerd. „Ik heb een gesprek gevoerd met Jan Loorbach en Ard Schenk, mijn held. Prachtig dat zo’n fenomeen het vertrouwen toonde in mijn waarde voor de KNSB. Maar Ard vertelde ook dat het me twintig uur in de week zou kosten, als vrijwilliger. En ik was toen net begonnen als voorzitter van de HBO-raad.” Hij bedankt, met pijn in het hart.

Als de schaatsbond hem in 2009 opnieuw vraagt, kan Terpstra dit ‘cadeautje’ niet nog eens weigeren. Ook al is het onrustiger dan ooit. De professionals uit de topsport willen los van de breedtesport, de commissie-Schenk doet een voorstel. „Ik heb Ard toen opnieuw indringend gesproken. Het separeren van de topsport was hoofdzaak van zijn rapport. Ik respecteerde dat. Maar ik ben pur sang een bestuurder die staat voor verbinding, integreren, connectie. Dan moesten ze een ander nemen als voorzitter.”

Aan de keukentafel bij Schenk in Grootschermer komen de twee er toch uit. „Ard heeft in dat gesprek zijn vertrouwen uitgesproken in mijn bestuurlijke inzichten. Op basis daarvan heb ik gezegd: nu durf ik het aan. Ik kreeg de zegen van mijn held. Ik weet – nu nog meer dan toen – hoe de dynamiek van de sport werkt. Je hebt als bestuurder het absolute vertrouwen van de iconen nodig, de mensen die de sport groot hebben gemaakt. Anders strijd je voor een verloren zaak. Daar is het nu ook in finale zin fout gegaan met Sven.”

Stopte Terpstra het rapport-Schenk in 2009 weg in een diepe la, zoals het verwijt van de profs nog altijd luidt? „Dat beeld klopt niet. Ik ben als voorzitter overal verbinding gaan zoeken. Bij onze topsporters, bij onze duizenden vrijwilligers. Om van daaruit een breed gedragen professionalisering te zoeken. Want ik zag echt wel wat het appel van de commissie-Schenk was.”

Rustig werd het nooit. De profploegen willen meer ruimte voor hun eigen sponsors, de bond koestert sponsor KPN. Leverden de ploegen deze zomer de A-status in voor een goedkopere B-status, een strop voor de bond van 3,5 ton? De KNSB gaf de organisatie van een onrendabele World Cup in Heerenveen terug, waardoor de toppers in een olympisch jaar een verre reis naar Astana moeten maken en hun sponsors extra kosten hebben. Voor Kramer, die nu voor een tien kilometer naar Kazachstan moet, de belangrijkste grief.

„Ik snap de boosheid van Sven. Hij heeft ook gelijk dat ik verantwoordelijk ben. Maar dit besluit ligt vooral in de uitvoering, niet in het bestuur. Toch escaleert de woede van Sven via het bestuur. Ik denk omdat in zijn omgeving niet altijd genuanceerd wordt gesproken over de rol van een voorzitter en van een directie.”

Algemeen directeur Paul Sanders en technisch directeur Arie Koops kregen vrijheid van handelen. Achteraf fout? „Nee. De bestuurder is verantwoordelijk voor de krijtlijnen, directie voor het spel. Ik vind dat sportbestuurders vaak te veel met ziel en zaligheid betrokken zijn bij de sport. Dan zit je te dicht bij de operatie en bij de emotie. Je moet juist proberen het overzicht te bewaren.”

Uitgelekt

Waar was het overzicht van de voorzitter in de felle strijd tussen Heerenveen, Almere en Zoetermeer om de nieuwe nationale ijsbaan? De Fries Terpstra, eerst pleitbezorger voor Thialf, gaf zijn directeuren de vrije hand in een tenderprocedure. Tot hij er op 17 mei achter kwam dat de keuze op Almere viel, inclusief toewijzing van de belangrijkste wedstrijden. Uit gelekte e-mails bleek dat hij intern Sanders en Koops hard terecht wees, onthulde het AD. „De krijtlijnen waren getrokken bij toekenning van het topsporttrainingsprogramma, niet op internationale wedstrijden. Daar heb ik de collega’s van de KNSB op aangesproken.”

Naar buiten toe verdedigde Terpstra zijn directeuren en leek hij mee te gaan in de keuze voor Almere. Totdat die via de NOS uitlekte, met alle Friese emoties van dien, en hij pleitte voor aanvullend onderzoek. ‘Terpstra draait zijn bestuur een rad voor ogen’, concludeerde het AD. Betaalde hij de rekening voor een fout van zijn directie? „Zo’n verhaal is niet fijn. Je vraagt je soms af hoe mensen het woord integriteit spellen. Maar ik heb het dossier gepakt en ben vol in de wind gaan staan. Dan dek ik iedereen binnen de KNSB af. Wie iemand wilde blaimen, moest mij nemen.”

Het bestuur en de ledenraad accepteerden zijn uitleg. „Ik had me teruggevochten, hoewel ik communicatief een straatlengte achter lag. Ik was blij dat ik dit dossier in unanimiteit kon afsluiten. Inclusief sporters. Inclusief Sven.”

Tot Kramer de volgende dag alsnog uithaalde. „Geen kwaad woord over Sven”, zegt Terpstra een paar weken na zijn aftreden. „Ik blame hem niet. Wie wel? Er zijn mensen die hun eigen boterhammen beleggen doordat ze om Sven heen staan. Op de TVM-site stond nog dezelfde middag: ‘Kramer legt bom onder de KNSB’. Dat kan toch niet waar zijn? Wat via de site van TVM is gebeurd, vind ik ernstig.”

Zijn analyse? De grootste ploegen, waaronder TVM dat na dit seizoen stopt, wilden versneld een doorbraak forceren in het gevecht tussen de profs en de bond. „Deze of gene werd aardig zenuwachtig, omdat TVM stopt. Er zijn mensen die er hun boterham aan verdienen. Die spinnen naar de media. Na de discussie over het accommodatiebeleid hebben ze gedacht dat het bestuur kwetsbaar was, zeker Terpstra. ‘Jongens de beuk erin.’ Frontaal.”

TVM-manager Patrick Wouters van den Oudenweijer verklaarde onlangs op de website Sportknowhowxl.nl juist dat Terpstra van hem niet had weg gehoeven. „Ze dachten dat ik zou buigen voor de druk, maar hebben iets over het hoofd gezien: mijn principes als bestuurder. Sven is een Fries, ik ook. Ik ben er voor de sporter. Als die vertrouwensbasis wordt weggeslagen, ben ik consequent. Dan ben ik weg.”

Steun

Ondanks steun van bestuur en ledenraad, telefoontjes van Tuitert of Niels Kerstholt. „Dat heeft me veel deugd gedaan.” In zijn afscheidsbrief leek de deur nog op een kier. „Als Sven op de middag voor de vergadering van de ledenraad gezegd had dat hij dingen anders had moeten formuleren, had hij het mij onmogelijk gemaakt om af te treden. Maar hij zei bij de NOS ‘ik heb er geen spijt van’. Dat respecteer ik.”

Dus hoort hij alle hoofdrolspelers roepen samen uit de crisis te willen komen. „Als mijn vertrek daarvoor een katalysator is, is dat het mooiste afscheidscadeau.” Al voelt zijn abrupte vertrek nog als een geamputeerd been. „Ik was nog niet klaar.”

Soms spookt het door zijn hoofd. Wat als hij een uitvoerige persconferentie had belegd, de avond dat de ledenraad unaniem het vertrouwen in hem had uitgesproken? „Je maakt fouten. Ik heb soms teveel in mijn emoties gezeten. En na die vergadering moest ik snel naar Knevel en Van den Brink. Het verschil zit soms in een fractie. In die zin vergaat de wereld ook niet. Voor mij even geen sportbestuur meer. Ik ga genieten van wat vrije tijd. En ik wil hoe dan ook mijn derde Elfstedenkruisje.”

    • Maarten Scholten